Wetenschap - 1 januari 1970

Conclaaf

Conclaaf


,,Ik weet niet hoe het met jou is, maar ik erger me eraan’’, zegt Willem
Hendrik Gispen. In het herentoilet staat de rector magnificus van de
Rijksuniversiteit Utrecht voor de spiegel en bestudeert zijn snor.
,,Ik ook, Wim’’, zegt Siebolt Noorda. ,,Ik vind het net zo vervelend als
jij.’’ De collegevoorzitter van de Universiteit van Amsterdam staat achter
zijn collega. Hij heeft zijn overhemd uit zijn broek getrokken zodat hij er
de glazen van zijn bril mee kan poetsen.
,,Ik snap ook niet waarom het nodig is’’, zegt Gispen. ,,Als je het niet
met ons eens bent, kun je dat toch ook bij ons aankaarten? Dat hoeft toch
niet meteen in de krant?’’
,,Precies’’, zegt Noorda.
,,Maar nee hoor. Als meneer Dijkhuizen wat op de VSNU te mopperen heeft,
dan gaat dat meteen hup! de media in.’’
,,Onnodig’’, zegt Noorda.
,,De VSNU is te duur voor het straatarme Wageningen, roept meneer dan. En
de gemene VSNU doet helemaal niks voor het zielige Wageningen.’’
,,Ahhhhhhhh’’, zegt Noorda.
,,En weet je wat ik me dan afvraag’’, zegt Gispen. ,,Hoe weet meneer
Dijkhuizen nou of de VSNU te duur is? Hij is helemaal geen echte econoom.’’
,,Nee?’’
,,Maltezer bek-rot en de vliegende vinketering’’, zegt Gispen. ,,De
economie van de dierziekten. Daar heeft Dijkhuizen verstand van.’’
,,Maar dat weerhoudt hem er niet van om hoog van de toren te blazen’’, zegt
Noorda. ,,Het is godgeklaagd.’’
,,Voor zulke mensen is geen plaats in de VSNU’’, zegt Gispen.
Noorda knikt. ,,Als hij zo doorgaat schoppen we hem eruit.’’ |

Willem Koert

Re:ageer