Wetenschap - 1 januari 1970

Compacte aardbeiplant overleeft shock

Bladeren verwijderen en de planten behandelen met een groeiregulator. Met die maatregelen kunnen de gevolgen van de shock voorkomen worden die aardbeiplanten oplopen bij het vervoeren, blijkt uit onderzoek van promovendus Julia Reekie.

De planten voor de aardbeien die in het zuiden van de Verenigde Staten worden geteeld komen al sinds jaar en dag van vermeerderingsvelden in Canada. Dit uitgangsmateriaal is vrij van de taaie ziekte anthracnose en zet vroeg vrucht waardoor de markt rond kerst – wanneer de prijzen hoog zijn - kan worden bediend.
Een nadeel is echter dat de reis per vrachtwagen de planten in een soort shock brengt. De bladstelen worden beschadigd en de planten kunnen uitdrogen. In de zuidelijke productiegebieden is vervolgens na het planten intensieve irrigatie nodig, terwijl het gebied regelmatig kampt met watertekorten.
Die maatregelen zijn niet nodig als al op de Canadese vermeerderingsvelden ingegrepen wordt met het gedeeltelijk afmaaien van de bladeren en het bespuiten met een chemische groeiregulator. Reekie paste hiervoor de stof prohexadion-calcium toe. Het effect is planten met kortere stengels, grotere wortels en bladeren met een kleiner oppervlak maar grotere dikte. De kleinere maar robuuste planten raken minder snel beschadigd tijdens de oogst en het transport. De grotere wortels zorgen voor een betere wateropname tijdens de productieperiode waardoor excessieve irrigatie niet nodig is.
De promovenda concludeert dat de aardbeiplanten zo de shock van de reis en het overplanten te boven kunnen komen. Aardbeitelers besparen water en kunnen een productieverhoging tegemoet zien: de proeven van Reekie resulteerden in planten met meer aardbeien terwijl de vruchtgrootte gelijk bleef. De onderzoekster deed haar experimenten in kassen en op proefvelden met de aardbeirassen Camarosa en Sweet Charlie. De resultaten bieden ook perspectief voor andere aardbeirassen en aardbeienteelt in andere delen van de wereld. / HB

Julia Reekie promoveert op 20 september bij hoogleraar Gewasfysiologie prof. Paul Struik.

Re:ageer