Wetenschap - 1 november 2001

Commentaar: Salmonella

Commentaar: Salmonella

Jaarlijks lopen vijftigduizend mensen in Nederland een voedselinfectie op door salmonella en vallen er 25 dodelijke slachtoffers. Nadat onlangs weer vijf mensen zijn overleden, hebben de ministeries van volksgezondheid en van landbouw maatregelen afgekondigd. Eieren met salmonella mogen niet meer bij de consument komen, het verwerken van rauwe eieren in voedsel is verboden en het Voedingscentrum begint een voorlichtingscampagne. Samen met een waarschuwend etiket op kip om het vlees goed gaar te maken, zou dit de volksgezondheid moeten waarborgen. Maar is het risico op salmonella helemaal uit te sluiten?

Prof. Mart de Jong, hoogleraar Kwantitatieve veterinaire epidemiologie in Wageningen en programmaleider Veterinaire epidemiologie bij ID-Lelystad:

"Er is nooit een nul-risico, maar met deze maatregelen wordt het wel een stuk beter. Hiermee moet salmonella wat betreft het gevaar voor mensen aardig in de hand zijn te houden.

Salmonella is een darmbewoner van heel veel dieren, onder andere van kippen. Als de dieren in aanraking komen met elkaar of met mest, kunnen ze elkaar makkelijk besmetten met de bacterie. Daar komt bij dat dieren die ooit ziek zijn geweest van salmonella, de bacterie soms in hun darmen blijven meedragen, ook al is het in hoeveelheden die nauwelijks zijn aan te tonen en die op zichzelf niet gevaarlijk zijn voor mensen.

Maar als de dieren onder stress komen, bijvoorbeeld als ze worden gevangen en vervoerd naar de slachterij, dan begint de bacterie zich snel te vermeerderen. Bij de slacht zijn er dan veel bacteri?n aanwezig. En als het vlees van een besmet dier in aanraking komt met ander vlees, raakt ook dat besmet.

De veiligheid is dus het beste gegarandeerd als veehouders voorkomen dat de dieren ooit besmet raken. De boer is daarmee al een aardig eind op weg. De belangrijkste maatregel is te zorgen voor een salmonellavrije start. Na een schone start moet de boer proberen de dieren salmonellavrij te houden. Dat kan door de stal dicht te houden voor ongedierte en zelf niet met vieze laarzen de stal in te lopen.

Op een diervriendelijke houderij, waar dieren meer door elkaar lopen en waar ze een uitloop naar buiten hebben, is het risico op besmetting groter. Ze hebben meer contact met bacteri?n van elkaar en van bijvoorbeeld wilde vogels. Ook is ontsmetting voor de aanvoer van nieuwe dieren moeilijker. Dieren in legbatterijen zijn vaak makkelijker salmonellavrij te houden. Niet dat je dat zou moeten propageren, maar het is wel een feit.

In het algemeen zijn melk, vlees en eieren een heel stuk veiliger geworden doordat we steeds hogere eisen stellen aan het ziektekiemvrij zijn van voedsel. Maar we moeten wel steeds kijken hoe haalbaar die eisen zijn in de veehouderij. Misschien levert een ziekte een relatief klein risico op voor de volksgezondheid, maar uitbanning van de ziekte krijgt al gauw prioriteit boven diervriendelijkheid. Het verbod op salmonella-eieren is nu een kwestie van emotie, het is niet echt een afgewogen keuze. Ik zeg niet dat ik die keuze anders zou maken, maar je moet alles wel goed tegen elkaar afwegen." | M.H.

Re:ageer