Wetenschap - 31 oktober 2002

Column: Professorplichten

Column: Professorplichten

"Zij heeft punaises op mijn stoel gelegd", zei de donkerharige secretaresse van Ken Giller, terwijl haar wijsvinger priemde in de richting van haar collega.

"Aha", zei Giller.

"Omdat zij rotopmerkingen maakte over mijn haar", reageerde de beschuldigde.

"Juist", zei Giller. Op zijn bureau lag de Plant Physiology van juli opengeslagen. Eigenlijk zou de hoogleraar grondig studie moeten maken van het artikel over het effect van kortstondige stikstofdefici?ntie op de expressie van de ure?de metabole route in de kikkererwt. Maar hij kwam er niet aan toe.

Giller zuchtte. Het was hem een raadsel waarom hij het gemoedelijke Zimbabwe had ingeruild voor dit. "Jullie zijn allebei fout geweest", zei hij. "Jullie zouden onderhand moeten weten dat collega's niet op zo'n kinderachtige manier met elkaar omgaan. Ik wil daarom van jullie allebei drieduizend strafregels. Ik moet mijn collega respecteren. Handgeschreven. Morgen inleveren."

Toen de twee ruziezoekers zijn kantoor verlieten kwam een bebrilde medewerker binnen. Hij had zijn duim in het okay-gebaar opgestoken. "Mijn duim bloedt", sprak de man. "Ik heb me gesneden aan m'n rapport."

Giller bukte zich en haalde de verbandtrommel tevoorschijn. "Vind je dit een mooie pleister?", vroeg hij, terwijl hij een strip Hansaplast omhoog hield. "Ik heb liever zo'n ronde", antwoordde de gewonde.

Ik mag niet boos worden, hield Giller zichzelf voor. Dit hoort allemaal bij mijn functie.

"Anders nog iets?", vroeg Giller toen brillemans met zijn geplakte duim in zijn kantoor bleef staan.

"Eigenlijk wel, Ken. Het WC-papier is op."

"Aha", zei Giller.

"En ik moet heel nodig."

Giller griste de Plant Physiology van zijn bureau. "Alsjeblieft", zei hij met trillende stem. | Willem Koert

Re:ageer