Wetenschap - 14 november 2002

Column: NLW

Column: NLW

De telefoon ging. Het was halftien 's avonds. Verrast nam Zachariasse op. Rabbinge. 'Ha die Rudy'. Hij vroeg hoe het werk voor de VN hem beviel. (Rabbinge was een graag geziene gast in kringen rond Kofi Annan, iets wat Zachariasse hem heimelijk benijdde.) Ja, het ging goed. Rabbinge had een vraag. Even dacht hij aan een vette opdracht uit de altijd nog goed gevulde VN-ruif. Maar nee. 'Wat dacht je van een eigen lijst?'. Het duurde even voor hij doorhad wat hem gevraagd werd: Rabbinge polste hem voor een politieke beweging. Na zestien jaar lid te zijn geweest van de PvdA had Rabbinge er genoeg van. Hij was nooit echt veel verder gekomen. Natuurlijk, hij was nu senator, maar dat kwam hem wel toe, gezien zijn werk voor de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. En nu hij had gezien hoe nephoogleraren en patjepee?rs zich als nieuwbakken ministers binnen de kortste keren onmogelijk hadden gemaakt, wilde Rabbinge ook. Dat konden we in Wageningen toch beter? Kort gezegd, of hij interesse had voor een nieuwe lijst. Met een sterk landelijk karakter. Betrokken en zelfbewust. Met aandacht voor mens, economie en milieu.

Zachariasse knipperde met zijn ogen. Op de grote staartklok was het inmiddels kwart over tien. Hij zuchtte. Kortheid was nooit Rudy's sterke punt geweest. Toen zag hij het met duizelingwekkende snelheid op zich afkomen. Inderdaad! Een volksbeweging. Vanuit de onderbuik voor land, voedsel, landbouw en gezondheid. Al die onvrede mobiliseren leverde al snel (hij rekende even) tien, vijftien zetels op. En liepen er in Wageningen niet voldoende goede kandidaten rond? Jan Douwe van der Ploeg als voorman; die man had een uitstraling die het midden hield tussen Hans van Mierlo in zijn goede dagen en Jan Marijnisse. Pieter Vereijken als een Hirsi Ali-achtige querulant die het in de pers ongetwijfeld heel goed zou doen. Hij zou problemen maken, maar dan vroegen ze toch gewoon gelijk Bert Speelman erbij. Die kon dat prima hanteren.

Inmiddels waren ze al een half uur aan het brainstormen over mogelijke kandidaten. Had de praktijk immers niet uitgewezen dat een lijst goede kandidaten belangrijker was dan een programma? Die standpunten kwamen er wel. Eerst nog een paar vrouwen. Wie konden er nog in? Je had natuurlijk altijd Louise Fresco; die wilde vast wel. En anders dan vroegen ze toch gewoon Tini Colijn? Ambitie genoeg. Al snel waren ze het eens. Er kwam een Wageningse lijst. Alleen de naam, d??r moesten ze het nog eens over hebben. Het liefst hadden ze iets met de kenniseenheden. Dat sloot lekker aan, en was makkelijk bij het werven van studenten. Een slogan als: (Groene) Ruimte, mens of dier: op Wageningen stem je voor je plezier. Toch veel beter dan 'heb je lef; stem LPF'. Of toch maar aansluiten bij Wageningen Universiteit en Researchcentrum? Konden ze ook mensen vragen van Alterra. Die kwamen immers niet als het van de kenniseenheid kwam. Morgen zouden ze elkaar weer bellen. Zachariasse draaide zich nog eens om in zijn bed. Alles zou toch nog mooi worden. Hij en Rabbinge gingen samen in de politiek. Nieuwe Lijst Wageningen was een feit.

Egbert Lev

Re:ageer