Wetenschap - 1 januari 1970

Chili dankt succes niet aan vrije markt

Zonder patronage zou Chili economisch nooit zo succesvol zijn geweest als het de afgelopen twintig jaar was. Claims van de markteconomieprofeten als zou louter de vrije markt de oorzaak van de welvaart zijn, zijn volgens socioloog dr. Lucian Peppelenbos onhoudbaar.

Twee generaties Bush spraken als president van de Verenigde Staten lovende woorden over de vrijemarkteconomie in Chili. Ook voor de Wereldbank en het IMF is Chili hét schoolvoorbeeld van een land dat economisch razendsnel gegroeid is dankzij een radicale keuze voor de vrije markt. Het Chileens mirakel, met in de jaren negentig groeicijfers van negen procent, laat zien dat als de markt vrij is, ontwikkeling vanzelf komt, is de boodschap.
Maar de markt is in Chili lang zo vrij niet als deze woordvoerders van de wereldmacht beweren, stelt socioloog dr. Lucian Peppelenbos in zijn proefschrift. Hij deed een studie naar de productie van tomatenpuree, een van de grote en succesvolle exportproducten van het land.
Het blijkt dat tomatentelers weinig vrijheid hebben, maar als cliënten gebonden zijn aan de patronen van de exporterende multinationals. Telers gaan langdurige relaties aan met de multinational, die de boeren nauwkeurig voorschrijven welk zaad ze moeten gebruiken en welke machines ze moeten kopen. De boeren zijn niet onderling georganiseerd om deze betutteling tegen te gaan. Maar ze proberen wel persoonlijke vriendschappen aan te knopen met werknemers van de multinational, om via die vriendjespolitiek een voordeeltje te halen. De multinational levert dan betere zaden, of knijpt een oogje dicht bij de kwaliteitscontrole.
Dit patroon-cliënt systeem is een voortzetting van een oude cultuur die zijn wortels heeft in de tijd dat Chili nog een Spaanse kolonie was, betoogt Peppelenbos. Ook op de haciënda, het grote landgoed, was de bevolking loyaal aan de landheer, in ruil voor bescherming en leiderschap. Het verhaal van de tomatenindustrie is in feite hetzelfde verhaal van patronage, maar dan in een modern jasje.
Deze cultuur levert geen efficiënte organisatie op. Want van innovatie vanuit de tomatentelers zelf komt weinig terecht. Het loont namelijk niet voor de telers om zich bij te scholen of initiatief te nemen.
Peppelenbos deed niet alleen onderzoek, maar werkte ook als consultant voor de multinationals om zo de bedrijven van binnenuit te leren kennen. Als consultant probeerde hij de telers meer bij het productieproces te betrekken. Dat leek te lukken, totdat hij terugging naar Nederland. Toen stortte de meer gelijkwaardige samenwerking tussen telers en bedrijf weer als een kaartenhuis in en vielen de partijen terug op het systeem van patronage.
Patronage is in Chili een sterkere basis voor de industrie dan een echt vrije markt, concludeert Peppelenbos. Patronage is autoritair, maar levert ook het leiderschap op dat Chilenen denken te missen in hun volksaard. Er is ongelijkheid tussen boer en baas, maar dat levert de boer ook bescherming op. En het systeem is willekeurig, maar daar staat tegenover dat het ruimte biedt aan het individu om zijn situatie te verbeteren. De vrije markt is in Chili een succes, maar kan niet zonder het systeem van patronage, is de conclusie. Want zonder dat systeem zouden veel kleine en zwakke boeren buiten de boot vallen, en zouden bedrijven minder zeker zijn van de levering van tomaten. / JT

Dr. Lucian Peppelenbos is op maandag 10 oktober gepromoveerd bij prof. Paul Richards, hoogleraar Technologie en agrarische ontwikkeling.

Re:ageer