Wetenschap - 14 mei 2013

CO2-concentratie naar recordhoogte

Begin mei steeg de CO2-concentratie in de lucht tot boven de magische grens van 400 deeltjes per miljoen. Wat betekent die grens? Rik Leemans, hoogleraar Milieusysteemanalyse, geeft uitleg.

Leemans-400-PPM-large.jpg
'Vanaf 1957 meet Dave Keeling de CO2-concentratie op een berg op Hawaii. Toen hij begon, zat de concentratie net boven de 300 parts per million. Begin mei kwam hij even boven de 400. Het maakt niets uit of de concentratie 398 of 402 is. Het daggemiddelde lag net onder de 400 ppm en gaat de komende maanden weer dalen, omdat op het noordelijk halfrond de bomen blad krijgen en de planten groeien en daarmee veel CO2 opnemen. Maar het is wel een ijkpunt: voor het eerst in 3 miljoen jaar komt de CO2-concentratie boven de 400. En volgend jaar gaat ie zeker door de grens van 400 heen, want de CO2-concentratie gaat alleen maar sneller omhoog.'
Wat merken we er van?
'Deze CO2-concentratie betekent een temperatuurstijging van ten minste 2 graden Celsius. Bovendien verzuren de oceanen sneller, vooral in de poolgebieden. Het IPCC heeft klimaatscenario's opgesteld en de CO2-uitstoot stijgt sneller dan in het slechtste scenario. In feite heeft de wetenschap de CO2-stijging onderschat.'
Maar wat merken mensen er in de praktijk van?
'Je merkt het aan de temperatuurstijging, maar die is de laatste jaren wat afgevlakt. Veel warmte is de afgelopen jaren naar de oceanen en het smeltende ijs op Antarctica gegaan. Als we weer een jaar met El Nino krijgen, met de sterke stijging van het oceaanwater, dan krijgen we een recordhitte in de wereld.'
Het weer en het klimaat vallen niet samen, maar wij hebben net een koude winter achter de rug...
'Deze koude winter in Europa is een gevolg van de opwarming van het arctisch gebied bij de Noordpool. Daardoor lag het hogedrukgebied afgelopen winter een stuk zuidelijker en hadden we in Nederland overwegend een oostenwind. Het klimaatsysteem is complex. Eigenlijk hadden we dit jaar een normaal voorjaar, als je het afzet tegen het weer tot 1970. De laatste decennia werd het steeds warmer in het voorjaar en gingen planten en bomen steeds vroeger bloeien. Daar merk je aan dat het klimaat verandert. Ook zie je dat soorten opschuiven naar het noorden door de opwarming. Twintig jaar geleden kwam de processierups alleen in Zuid-Limburg voor, nu is ie in heel Nederland aanwezig.'
 
 

Re:ageer