Student - 29 mei 2015

‘Buiten toneelspelen heeft iets magisch’

De Wageningse Studenten Toneel Vereniging (WSTV) ‘Pierrot et Colombine’ speelde op 28 mei de première van de voorstelling ‘Strindberg: een veranderlijk ik’ in het Arboretum Belmonte. Deze buitenvoorstelling wordt op 29 mei en 11, 12, 13 en 14 juni opnieuw opgevoerd.

Foto: Aart-Jan van de Glind

Een gesprek met Freya Hiemstra, secretaris van de WSTV en Wolf Tettelaar, commissaris PR.

De WSTV is een ondervereniging van Ceres, toch?

Freya: ‘Ja, je moet lid zijn van Ceres om bij de WSTV te kunnen spelen. Vroeger deed de WSTV alleen het galatoneel, speciaal voor leden van Ceres. Daarna is het uitgegroeid, en nu proberen we heel Wageningen erbij te betrekken. Dit jaar is een van de zeven voorstellingen een galavoorstelling, exclusief voor Ceres-leden. De andere zes voorstellingen zijn voor heel Wageningen (op 28 en 29 mei en 11, 12, 13 en 14 juni).

De WSTV heeft ongeveer zestig leden. Die spelen niet allemaal mee. Veel van de leden hebben vorige jaren al meegespeeld, of zijn oud-bestuursleden. In de spelersgroep van dit jaar zitten onder andere eerstejaars, tweedejaars en ook een meisje dat nu bezig is met haar PhD. De spelersgroep wordt gekozen aan de hand van audities. Het stuk is dan al bekend, dus afhankelijk daarvan kiezen we geschikte mensen, onder andere gebaseerd op de man-vrouw verhouding.’

Wolf: ‘Dit jaar spelen we “Strindberg: Een veranderlijk ik”. Het gaat over het leven van Strindberg, een Zweedse toneelschrijver (1849-1912) die ook heeft geschilderd, gefotografeerd en boeken heeft geschreven.’

Wat maakt het stuk over Strindberg zo bijzonder?

Wolf: ‘Aan de hand van Strindbergs stukken en artikelen over hem, geven een soort vrije invulling van zijn levensverhaal. Onze regisseur, Wouter Ribbels, heeft de vijf delen waaruit ons stuk bestaat aan elkaar geschreven om er een compilatie van te maken. Sommige stukken zijn komedie en sommige stukken zijn tragedie. Dat maakt het een leuke wirwar van emoties.

In zijn tijd waren Strindbergs stukken heel vooruitstrevend. De stukken gaan over onderwerpen die nu nog steeds actueel zijn, zoals de verhouding tussen mannen en vrouwen en het afzetten tegen gezag.’

Wat brengt spelen in het arboretum met zich mee?

Wolf: ‘Het publiek zit in een halve cirkel. We huren tribunes, zodat we een capaciteit van ruim honderd man hebben. Het decor bestaat uit panelen die gewoon in het bos staan. Verder hangen er grote doeken, dat geeft een heel vet effect. Je zou het moeten zien om het echt te ervaren.’

Freya: ‘Ik heb zelf de afgelopen twee jaar meegespeeld, toen was het ook buiten. Het heeft wel echt iets heel bijzonders. We beginnen om half negen met de voorstelling, en tijdens de voorstelling begint het een beetje te schemeren. Er staan mooie hoge bomen die het allemaal wat spannender maken. Je hebt een hele mooie ruimte om in te spelen. Buiten toneelspelen heeft echt iets magisch, en het past ook heel goed bij het stuk.’

Hoe zou je het acteerwerk typeren?

Freya: ‘Je ziet dat mensen hun spel in acht maanden heel ver kunnen ontwikkelen. We zijn natuurlijk allemaal amateurs, en veel mensen hebben helemaal geen toneelervaring.’ Lachend: ‘De musical die ze opvoerden in groep acht, dat is hun ervaring.’

Wolf: ‘Bij de WSTV proberen we heel veel diepgang te creëren in de personages. De spelers moeten het personage en de motieven begrijpen en dat uitdragen. Dus: “Jij bent het personage, en daarom doe je dit”, in plaats van “je doet dit en daardoor ben je het personage”.’

Freya: ‘Wat Wouter (de regisseur) in ons naar boven wil halen is dat ik, als ik een rol zou spelen, hier in die rol dit interview zou kunnen doen. Omdat je gewoon weet wat diegene zou zeggen, welke keuzes diegene zou maken, welke houding diegene heeft enzovoorts.’

Waarom moeten we komen kijken?

‘Mensen gaan snel naar een feestje, maar er is toch een soort van drempel voordat mensen naar een toneelvoorstelling gaan. Ik denk dat deze voorstelling voor iedereen heel leuk is, en zeker ook voor studenten, omdat er alleen maar studenten in spelen. Het is gewoon iets anders in Wageningen. Iets dat niet zo vaak gebeurt.’