Organisatie - 22 juni 2006

Botanische tuin krijgt ‘levend fossiel’

De Botanische tuin De Dreijen bezit sinds begin deze week een ‘uitgestorven conifeer’, de Wollemia nobilis. Curator drs. Wilbert Hetterscheid is in zijn nopjes met ‘dit boompje dat het verhaal van de kwetsbare biodiversiteit vertelt’.

De ontdekking van de Wollemia naaldboom in 1994 was wereldnieuws. Een parkwachter vond de bomen tijdens een trektocht door een nationaal park op nog geen 200 kilometer van de Australische metropool Sydney. ‘Iedereen dacht dat deze conifeer al miljoenen jaren geleden was uitgestorven. De meest recente fossielen zijn zelfs zo’n negentig miljoen jaar oud. De hele huidige populatie van zo’n honderd bomen heeft weten te overleven op twee geheimgehouden plaatsen in een diepe kloof. Het is een soort die dus al een tijdje niet meer onder de mensen is geweest. Maar daar gaan we nu iets aan veranderen’, vertelt Hetterscheid.
De Wageningse hortus is een van de twaalf Nederlandse arboreta, botanische tuinen en dierentuinen die de Wollemia ‘voor een schappelijk prijsje’ kregen aangeboden door de Australische overheid. Dankzij een grootschalig kweekprogramma wordt de prehistorische naaldboom sinds kort over de hele wereld verkocht als kamerplant. Uit de verkoop wil men de bescherming van de soort bekostigen en publiciteit voor de botanische biodiversiteit genereren.
Hetterscheid: ‘De ontdekking was net zo spectaculair als die van coelecanth, de uitgestorven gewaande kwastvinnige vis. Deze boom heeft net zo’n aansprekend verhaal. Het komt in een heel beperkt gebiedje voor en is zeer kwetsbaar door de zeer hoge genetische uniformiteit.’
De eerste gekweekte exemplaren mochten slechts gekooid in botanische tuinen tentoongesteld worden, maar Hetterscheid gaat dit exemplaar waarschijnlijk gewoon in een kuip in de tuin zetten. ‘Hij is nog klein dus we houden hem eerst nog even apart op de kwekerij. Hij is niet winterhard, maar onze tropische kas is waarschijnlijk te warm. We zullen hem dus net als de cycaspalmen, die zomers in kuipen buiten staan, in een gematigde kas moeten laten overwinteren.’ Hij verklapt dat de Nederlandse curatoren al gekscherend hebben gewed wie de eerste Wollemia zou verliezen. ‘Je wordt natuurlijk het lachertje als onder jouw handen een levend fossiel doodgaat.’ / Gert van Maanen

Re:ageer