Wetenschap - 1 januari 1970

Bosbrand mogelijk na leegloop platteland

Op het door boeren verlaten platteland in het bergachtige Noordoost-Spanje ontstaat een type bos dat erg brandbaar is, stelt Isabel Bielsa van het Centrum voor Geo-Informatie.

Op de verlaten landbouwgrond ontstaan niet de daar natuurlijk voorkomende steeneikbossen, maar raakt het landschap overheerst door de dennensoort aleppode. 'Die groeit sneller en is erg brandbaar en dus vatbaar voor grote en intensieve bosbranden', aldus Bielsa. Zij publiceerde haar bevindingen met de Spanjaard Xavier Pons en prof. Bob Bunce van Alterra in het Journal of Environmental Planning and Management. De drie onderzochten welke gevolgen het verlaten van de landbouwgrond heeft voor het landschap. Daaruit blijkt dat het land sterk begroeit, eerst met kruiden en struiken, later met bossen. In Noordoost-Spanje blijken dat de verkeerde soort bossen.
De begroeiing zorgt voor een homogenisering van het landschap. Het fijne patroon aan begroeiing, dat is ontstaan door de landbouw, verdwijnt. 'De traditionele landbouwers in dit gebied cultiveerden de berghellingen met terrassen', vertelt Bielsa. 'Zo werd bodemerosie tegengegaan. Als die gebieden worden verlaten, verdwijnen de daar groeiende planten, zodat de biodiversiteit afneemt.' De natuurlijke begroeiing die ontstaat is volgens Bielsa in die zin positief, dat het de bodemerosie tegengaat.
Bielsa is optimistisch over de manier waarop met het verlaten platteland wordt omgegaan. 'De negatieve gevolgen van het proces van het verlaten van het platteland worden tegenwoordig beter begrepen, en er is een algemene bewustwording bij landeigenaren, belanghebbenden en planners dat het nodig is om natuurontwikkeling in deze gebieden te bevorderen. Daarmee kan de degradatie van het landschap worden voorkomen.' / MW

Re:ageer