Organisatie - 28 november 2013

Boom

Op het ‘verre rondje met mijn hondje’ kom ik langs een omgezaagde boomstam. Een knoepert!. Als ik voor de platliggende stam sta, komt ze tot aan mijn borst! Ik tel de ringen; 180!

Honderdtachtig? Dan is ze geboren rond 1830. Welke idioot heeft haar omgezaagd!!!! Zij heeft meegemaakt dat alles hier nog heide was. Zij stamt uit de tijd van mijn betovergrootmoeder. Wie verzint het om zo’n eeuwenoud levend wezen te vermoorden? Ik vind maar één ding nog erger en dat is een mens vermoorden. Ik weet nog dat ik als kind altijd schrok als ik een omgezaagde of zelf omgevallen boom zag. Als ik een motorzaag hoor word ik kwaad.

Waarom? Het kwartje viel, lang geleden, in een college van emeritus hoogleraar Roelof Oldeman. Hij vertelde dat een boom in principe nooit uit zichzelf doodgaat. Het cambium kan eeuwig leven. Een boom gaat dood doordat de waterstand zakt, of door een overstroming, of door een storm, of een ziekte, maar niet omdat het cambium het opgeeft zoals een hart het op kan geven. Het cambium blijft zich eeuwig reproduceren. Daarom is een boom het symbool voor duurzaamheid. Als je een boom plant, plant je duurzaamheid. Een boomgaard is een fantastisch duurzaam landbouwsysteem.

Tegenwoordig is landbouw een eenjarig gebeuren. Eenjarige gewassen en dieren die hun puberteit net halen vormen de basis van onze voedselproductie.  Meerjarige gewassen en agro-forestry zijn in principe veel duurzamere systemen, vragen minder inputs en vormen in zichzelf al een kringloop. Maar ja, aan eenjarige landbouw valt door agro-industrie flink te verdienen.

Na dat college snapte ik mijn emotie: Een boom omzagen is duurzaamheid vermoorden. Mijn hondje heeft geen last van dergelijk emotie: hij piest er z’n zoveelste geurvlag tegenaan.


Re:ageer