Wetenschap - 1 januari 1970

Boeren monitoren zelf effect agrarisch natuurbeheer

Boeren monitoren zelf effect agrarisch natuurbeheer

Boeren monitoren zelf effect agrarisch natuurbeheer

Het Centrum voor Landbouw en Milieu (CLM) in Utrecht presenteerde 27 april een zogeheten natuurmeetlat waarmee boeren zelf het resultaat van hun agrarisch natuurbeheer kunnen monitoren. De boeren houden bij wat er aan soorten op hun akkers is te vinden

De boeren monitoren zeven soortgroepen: planten, dagvlinders, vogels - broedvogels en wintergasten - amfibieƫn, reptielen en zoogdieren. Van de planten moeten ze het voorkomen van zo'n honderd indicatorsoorten op hun akkers bijhouden. Elke indicatorsoort heeft van het CLM een ecologische waarde gekregen: hoe zeldzamer en bedreigder een soort, hoe hoger de waarde. Een pinksterbloem krijgt een ecologische waarde van drie, een dotterbloem van tien, het groot spiegelklokje krijgt 63 punten. Daarnaast hebben de soorten een belevingswaarde gekregen: een dotterbloem scoort hoog vanwege haar mooie gele bloemen. De waardes per soort worden vermenigvuldigd met het aantal individuen van een soort; die getallen worden bij elkaar opgeteld en gedeeld door het aantal hectaren. Voor alle zeven soortgroepen wordt zo een aparte natuurwaarde berekend

Het CLM heeft de meetlat getest bij 25 boeren en gaat er nu mee de markt op. Boeren kunnen tegen de kostprijs van 34 gulden een map krijgen met daarin de soorten en hun beschrijvingen. Het grootste probleem is nog dat boeren de soorten moeten gaan herkennen zegt Ernst Oosterveld van het CLM. Het CLM promoot daarom samenwerking met natuurliefhebbers uit de omgeving

De natuurmeetlat wordt nog niet gebruikt om boeren te betalen voor gescoorde natuurwaardes, maar kan hiervoor wel worden gebruikt, zegt Oosterveld. Het CLM en de Land- en Tuinbouworganisatie (LTO) zien graag dat boeren een bonus krijgen voor het resultaat dat ze behalen, bovenop een standaardbedrag voor genomen beheersmaatregelen. Ook LNV wil een klein deel van de betaling gaan koppelen aan resultaat

Volgens het CLM is een belangrijk voordeel van resultaatbeloning dat boeren gemotiveerd worden om extra beheersmaatregelen te nemen en hier plezier in krijgen. Dr Albert Beintema van het Instituut voor Bos- en Natuuronderzoek (IBN-DLO) ziet echter bedenkelijke kanten aan resultaatbeloning. Zo is er geen rechtlijnig verband tussen inspanningen en resultaat: hoeveel planten en dieren terugkomen en hoe snel is vaak onvoorspelbaar en afhankelijk van de lokale omstandigheden. Oosterveld is het hiermee eens. Daarom, zo vindt hij, moet LNV ook betalen voor de beheersmaatregelen sec

Beintema vreest ook dat wanneer boeren bijvoorbeeld betaald worden per vogelnest, ze geneigd zullen zijn rovers als kraaien of vossen af te schieten. Ben je dan nog bezig met natuurproductie of met tuinieren? Oosterveld ervaart dat sommige boeren ook nu al rovers dood schieten, louter omdat ze weidevogels waarderen. Dat zal bij betaling nauwelijks vaker gebeuren. M.H., foto H.D

Re:ageer