Wetenschap - 30 juni 2014

Boeren lenen meer geld

tekst:
Albert Sikkema

Boeren en tuinders lenen steeds meer geld, meldde het LEI afgelopen week in haar jaarlijkse Landbouw-Economisch Bericht. De gemiddelde lening per bedrijf steeg de afgelopen tien jaar van 315 duizend naar 700 duizend euro. Dat is geen probleem, zegt bedrijfseconoom Paul Berentsen, zolang het bedrijfsvermogen ook blijft groeien.

Boeren en tuinders lenen steeds meer en dat gebeurt vooral om nieuwe stallen te bouwen en grond aan te kopen –schaalvergroting is de belangrijkste reden voor een extra lening. Maar als je het leengedrag van boeren en tuinders vergelijkt met bedrijven buiten de landbouw, dan lenen ze juist niet zoveel, zegt Berentsen. Daarvoor kijkt hij naar de solvabiliteit, de hoeveelheid eigen vermogen gedeeld door het totale vermogen. In de land- en tuinbouw is die solvabiliteit altijd ruim boven de 50 % geweest, terwijl 30 a 40% bij andere bedrijven vrij normaal is.

Toch ziet ook Berentsen de laatste jaren steeds meer leningen in de land- en tuinbouw. De solvabiliteit van melkveehouders is de laatste tien jaar gedaald van 76 naar 68%. Ze investeren flink in stallen en grond omdat het melkquotum volgend jaar wordt afgeschaft. De solvabiliteit van de vleesvarkenbedrijven zakte van 70 naar 60% en die van de tuinbouw zakte van 53 naar 36%. Dat hoeft nog steeds geen probleem te zijn, zegt Berentsen, zolang het inkomen en de besparingen op peil blijven. Maar als de tuinder de schuld niet kan aflossen terwijl zijn eigen vermogen daalt – vooral de waarde van grond is de afgelopen jaren fors gedaald in de glastuinbouw– dan kunnen dezelfde problemen ontstaan als bij huizenbezitters met een hoge hypotheek in een markt met dalende huizenprijzen. Hoe hoger de schuld, hoe gevaarlijker een lage komkommerprijs wordt.

Zijn de risico’s toegenomen? ‘Voor de varkenshouderij en de glastuinbouw niet, die werken al jaren met fluctuerende prijzen. Maar voor de melkveehouderij wel. Met het verdwijnen van het melkquotum verdwijnt de gegarandeerde prijs. Door de uitbreidingsgolf komt er straks meer melk op de markt en gaan de prijzen en winsten mogelijk dalen. In elk geval gaan de prijzen fluctueren, waardoor melkveehouders – net als tuinders nu – jaren kunnen krijgen waarin ze niets verdienen.’ Maar dat zijn nog steeds geen onoverkomelijk grote risico’s, zegt Berentsen, want anders hadden de melkveehouders nooit een lening van de bank gekregen voor hun nieuwe stal.


Re:ageer