Wetenschap - 21 juni 2001

Boer is goedkope landschapsbeheerder

Boer is goedkope landschapsbeheerder

Beleggen betere oplossing voor natuurbeleid dan grondaankoop

Boeren inzetten als beheerder van natuur en landschap is goedkoper dan boerengrond aankopen voor natuurontwikkeling. Omdat grond nu erg duur is, kan de overheid het geld dat bestemd is voor grondaankoop beter beleggen in een fonds en daarmee inkomens genereren voor boeren die natuur en landschap beheren. Volgens onderzoekers van Alterra en het LEI kan via deze financiering het beheer echt duurzaam worden geregeld. Bovendien kunnen meer boeren blijven boeren.

Nu is het natuur- en landschapsbeheer door het ministerie van LNV georganiseerd via de aankoop van boerenland voor natuurontwikkeling en subsidies voor beheer via het Programma Beheer. In de visie die landschapsecoloog dr. Anton Stortelder en bestuurskundige Marleen van den Top van Alterra en econoom ing. Raymond Schrijver van het LEI deze week presenteerden, wordt het geld dat het ministerie van LNV uitgeeft aan de aankoop van grond voor natuurontwikkeling beter ge?nvesteerd in een beleggingsfonds. Het rendement uit dit fonds kan vervolgens gebruikt worden om boeren te stimuleren natuur- en landschapsbeheer duurzaam in hun bedrijfsvoering te integreren.

Als voorbeeld noemt Stortelder een boer die nu in het kader van het Programma Beheer tweeduizend gulden per jaar krijgt om een hectare bloemrijk hooiland te onderhouden. Om dit geld duurzaam te verkrijgen, volstaat een investering van veertigduizend gulden in het beleggingsfonds. De aankoop van een hectare boerengrond om daar natuur te ontwikkelen, kan op het ogenblik rond de honderdduizend gulden kosten, en dan is daar het natuurbeheer nog niet van betaald.

Wat Stortelder en zijn collega's betreft, zijn er in de toekomst natuurboeren, landschapsboeren en productieboeren. De natuurboer haalt het grootste deel van zijn inkomen uit natuurbeheer. Zijn landbouwproductie is aan zulke strikte regels gebonden dat die biologisch te noemen is. De landschapsboer leeft van zijn productie maar verdient ook via het beheer van houtwallen, steilwanden en andere landschapselementen. De productieboer leeft puur van de grootschalige, intensieve en geautomatiseerde landbouwproductie.

Door boeren in te zetten voor het beheer, kan ook worden bezuinigd op de vaak versnipperde manier waarop nu natuur en landschap worden beheerd, stelt Stortelder. Langs de Baakse Beek bij Zieuwent in de Achterhoek werken bijvoorbeeld vijf verschillende instanties aan het onderhoud op het land en in het water. Dat kan de boer ook allemaal doen, aldus Stortelder.

De natuurboer en de landschapsboer zullen met het geld uit het beleggingsfonds graag andere stukjes van hun boerenland teruggeven aan de natuur, denkt Stortelder. Dat zijn volgens hem dan altijd de plekken die zeer geschikt zijn voor de natuur en niet voor de landbouwproductie. De ma?s staat langs een bosrand bijvoorbeeld altijd minder hoog. Door die bosrand uit te breiden, wordt die ecologisch sterker terwijl de boer er meer geld voor krijgt dan voor zijn slechte ma?sstengels. | M.W.

BIJSCHRIFT

Het versnipperde landschapsbeheer in beeld langs het kerkenpad van Zieuwent. Van links naar rechts een hoogwerker van de gemeente voor de houtsingel, een taludmaaier, een boot met onderwatermaaier en een kraan van het waterschap voor de beek, een maaier met maaibalk van het recreatieschap voor het ruiterpad, een vrijwilliger van de Stichting Kerkepaden voor het kerkenpad, en een boer die alles aankijkt met zijn handen in zijn zak. | Foto Wim van der Ende

Re:ageer