Wetenschap - 1 januari 1970

Boegbeelden en experts gezocht voor maatschappelijk debat.

Boegbeelden en experts gezocht voor maatschappelijk debat.

Boegbeelden en experts gezocht voor maatschappelijk debat.


''We moeten het hardgrondig met elkaar oneens durven zijn.''

Ab Groen is op zoek naar Wageningse wetenschappers die in het
maatschappelijk debat naar voren willen treden. Als projectleider van het
Vivre-project 'Deelname aan het maatschappelijk debat' is hij echter niet
alleen geïnteresseerd in 'experts' en 'boegbeelden', ook wil hij de interne
communicatie verbeteren, want een goed informatienetwerk is noodzakelijk
wanneer je het debat wil aangaan.

Groen wil duidelijke kennisnetwerken creëren, bijvoorbeeld door workshops
te organiseren waar wetenschappers met verschillende expertises bij elkaar
komen en informatie uitwisselen. Voor communicatiemedewerkers ziet hij hier
een faciliterende functie. Groen: ,,Een mogelijkheid om te faciliteren is
het onderhouden van netwerken binnen en ook buiten de organisatie.
Daarnaast kunnen leuke workshops georganiseerd worden waar die communicatie
plaatsvindt.''
Maar naast communicatie over inhoudelijke zaken moet volgens Groen ook
meer, en opener, gepraat worden over de wijze waarop wetenschappers naar
buiten treden. ,,De tweede wijze van faciliteren is met experts en
boegbeelden reflecteren op hun optreden en hun rol.
En in mei vindt een bijeenkomst met de communicatiestaf plaats over de rol
van Wageningen UR in het maatschappelijk debat en het effect op de
corporate identity.''

De aanpak vanuit het Vivre project roept bij sommigen de angst op dat de
raad van bestuur aan de touwtjes gaat trekken over wie wat mag zeggen.
,,Mensen die daar bang voor zijn zullen daar wellicht hun voorbeelden bij
hebben. Maar het is nadrukkelijk niet mijn insteek om de grip van de raad
van bestuur op onze communicatie te verstevigen. Ik wil daar heel helder
over zijn: dat is niet de reden van mijn inzet.
Ik zie dat er organisatorische belangen zijn. Als organisatie vervul je een
maatschappelijke rol en als je dat goed doet levert dat nieuwe studenten en
nieuwe opdrachten op.
Maar mijn persoonlijke drijfvee is dat het voor medewerkers en studenten
heel leuk en motiverend kan zijn om deel te nemen aan het maatschappelijk
debat.
Ik heb geconstateerd dat er een grote spanning zit bij mensen die mogelijk
zouden willen deelnemen aan het maatschappelijk debat. Er zit een spanning
in de organisatie op dit punt, zowel inhoudelijk als op de rol die mensen
dan nemen. Een ander zou dat wellicht als een stuk angst omschrijven.
Ik wil bewerkstelligen dat er over rol en inhoud meer interne communicatie
komt. Het is goed om intern te praten over wat we willen als Wageningen
UR.''

Wanneer je je af gaat vragen wat Wageningen UR wil, bestaat dan niet het
gevaar dat de vrijheid voor deelname aan het maatschappelijk debat juist
wordt ingeperkt?
,, Op het moment dat je mensen in een specifieke rol gaat duwen die niet
past bij hun persoon en hun functie betekent dat een inperking van
vrijheid. Dat moet niet gebeuren. Maar we moeten ons er goed van bewust
zijn dat rollen heel verschillend zijn voor bijvoorbeeld mensen bij de
universiteit en de DLO-poot.''

Als tussen universiteit en DLO verschillende standpunten bestaan over de
vogelpest mag dit wel naar buiten worden gebracht?
,,Ja. Die instituten kijken vanuit een bepaalt perspectief naar het
onderwerp. Medewerkers zijn ook zo geschoold, dan kom je tot verschillende
inzichten. Het is wel heel goed om eerst intern aan het rollebollen te
gaan, maar dan hoef je wat mij betreft niet met een gemeenschappelijk
standpunt naar buiten te treden. In die situatie krijg je als het goed is
niet dat de raad van bestuur zegt: en nu zegt Pietje dit over dat. Je moet
mensen ook niet uitsluiten van het debat. Als dat soort gevallen zich
voordoen is het geen goede zaak.
In een zaak als de vogelpest bijvoorbeeld staat ID-Lelystad heel dicht bij
LNV. Als DLO’er ga je niet één, twee, drie roepen dat je het ergens niet
mee eens bent. We moeten voorkomen dat de DLO-poot overruled dat niemand er
meer over mag praten. Dat zou heel slecht zijn.
Als je binnen een organisatie geen variatie hebt, zit je vast. We moeten
het met elkaar ook hartgrondig oneens durven zijn.''

In het projectplan wordt gepraat over 'experts' en 'boegbeelden'. Wat wordt
daaronder verstaan en aan welke criteria moeten zij voldoen?
,,Ik vind dat wij primair een expertrol hebben. Iedere medewerker en
student kijkt vanuit een specifiek perspectief hoe bepaalde zaken in elkaar
steken. Besluitvorming ligt niet bij ons.
Maar je wordt in een maatschappelijk debat pas echt interessant als je
vanuit die rol ook ergens voor uit durft te komen. Ronald Plasterk is zo
iemand.
Als je praat over meningvorming dan heb je boegbeelden nodig die dat moeten
kunnen. Ik zou het voor veel mensen leuk vinden als ze ook een mening
durven geven.
Maar het gaat verder dan het hebben van een vlotte babbel en er leuk
uitzien. Zo iemand moet kunnen reflecteren. Er zijn een aantal hoogleraren
die regelmatig op TV komen, die moeten ook durven reflecteren op hun
optreden, samen met iemand van HRM bijvoorbeeld.
Coaching is heel belangrijk. Dat kan vooraf door mediatraining en achteraf
door het nog eens terug te kijken.''

Neemt dat niet een stuk spontaniteit weg?
,,Ik ben me er van bewust dat er op dit punt een stuk spanning zit. We
zullen ongetwijfeld een aantal keren op onze bek gaan, dat moet ook kunnen.

Ik vind dat mensen die naar buiten treden ook de ruimte moeten krijgen om
een keer op hun bek te gaan. Als organisatie neem je risico's maar dat moet
kunnen.''

Ook als iemand in de pers kritiek heeft op de eigen club?
,,Ja, daar ben ik heel helder in. Dat moet kunnen binnen bestaande fatsoens-
en gespreksvormen en als het gefundeerd wordt gebracht.
Het geeft natuurlijk geen pas als ik een ingezonden brief ga sturen waarin
ik zeg dat Aalt Dijkhuizen allerlei dingen fout doet, als ik niet eerst met
hem daarover praat. Er horen spelregels bij, maar die moeten wel ruimte
bieden.''

Heeft Wageningen potentiële 'boegbeelden à la Plasterk' in huis?
,,Plasterk is een klasse apart, maar in potentie hebben we zeker mensen in
huis. Die mensen moeten het wel leuk vinden. Ik houd er niet van om met
vingertjes te wijzen naar waar het verkeerd is gegaan, maar ik vind dat we
in de toekomst meer vanuit het perspectief van individuele medewerkers
moeten kijken.
Voor het maatschappelijk debat moet je mensen de tijd geven. Achteraf moet
je ook controleren of ze genoeg tijd hebben gehad. Een organisatie die
roept: wij moeten meer bereiken op dit en dat punt, kan dat alleen voor
elkaar krijgen als je de mensen vindt die daar tijd in willen en kunnen
stoppen.''

Projectleider dr Ab Groen: ,,We moeten voorkomen dat de DLO-poot overruled
dat niemand er meer over mag praten. Dat zou heel slecht zijn. Als je
binnen een organisatie geen variatie hebt, zit je vast.’’ | Foto Guy
Ackermans

Re:ageer