Wetenschap - 1 januari 1970

Bodemleven beïnvloedt klimaat

Grondbewerking, toediening van nutriënten, of andere verstoringen van de bodem kunnen leiden tot grote schommelingen in de uitstoot van broeikasgassen, stelt dr. Alexander Semenov, gastmedewerker bij de leerstoelgroep Biologische bedrijfssystemen.

Semenov, die op donderdag 11 november een lezing geeft op het Laboratorium voor Microbiologie (georganiseerd door Frontis), wijst op de resultaten van zijn veldonderzoek op veengronden in de omgeving van de steden Moskou, Tver en Tomsk, en in het westen van Siberië. Hier experimenteerde de Russische onderzoeker van Moskou Staats Universiteit met verschillende bodems die nutriënten kregen toegediend. Een successie van verschillende soorten micro-organismen was het gevolg, waarbij de productie van CO2 vanuit de veengrond eerst gigantisch toeneemt en dan weer afneemt.
Volgens Semenov moet in natuur-en landbouwgebieden terdege rekening worden gehouden met zulke golfbewegingen. 'Onderschatten of geheel negeren van het belang van micro-organismen in de natuur kan ernstige consequenties hebben. Veranderingen in ons klimaat zijn sterk gerelateerd aan de activiteit van micro-organismen.'
Er is al veel onderzoek gedaan naar manipulatie en toediening van micro-organismen met het oog op gewasgroei en gewasbescherming. Volgens Semenov zou er meer onderzoek gedaan moeten worden naar hoe de successie van micro-organismen in een gunstige richting kan worden gebracht, in verband met klimaatverandering. 'Beheer van het microbiële bodemleven is een oude droom van microbiologen', zegt de microbioloog. 'Het basisconcept is eenvoudig en tegelijkertijd complex. Om het microbiële leven te sturen, moeten we de bodem een externe verstoring toebrengen, en vervolgens moeten we de successie controleren.' Semenov meent dat naast toediening van nutriënten, grondbewerkingen en neerslag een bepaalde successie van micro-organismen op gang kan brengen.
Semenov heeft de golfbewegingen van microbiële gemeenschappen in een theorie gevat, in samenwerking met hoogleraar biologische bedrijfssystemen prof. Ariena van Bruggen. Zij toetsen de eerdere bevindingen van Semenov door in Nederland soortgelijke veldexperimenten uit te voeren, waarbij ze het bodemleven en de uitstoot van broeikasgassen volgen. Ook willen ze gaan onderzoeken of verschillende ecosystemen karakteristieke microbiële gemeenschappen hebben.
Prof. Van Bruggen: 'Je kan een karakteristieke gemeenschap krijgen in iedere niche van een ecosysteem, afhankelijk van het beheer van dat ecosysteem. Dit zou de reden kunnen zijn waarom microbiële gemeenschappen op biologische landbouwbedrijven anders zouden kunnen zijn dan op gangbare bedrijven. Dit is een gedeeltelijk getoetste hypothese. Het idee van een microbiële cyclus is nieuw en kan consequenties hebben voor ons begrip van de gezondheid van een ecosysteem, waarbij ecosystemen zich in verschillende evenwichtstoestanden kunnen bevinden.’ / HB

Re:ageer