Student - 23 augustus 2015

Blog: Onderzoek op Edgeøya

tekst:
Gastredacteur

Dag 3 is aangebroken, na een heerlijk rustige nacht staat het ontbijt ’s morgens al voor ons klaar. Deze keer pakken we ook een lunchpakket in, want we gaan de hele dag aan land op het eiland Edgeøya!

Na het ontbijt gaan we snel de spullen voorbereiden voor het onderzoek. Ik help vandaag Andrea Sneekes van IMARES. Zij is geïnteresseerd in zoöplankton, en dan vooral de impact op het ecosysteem van ballastwaterbehandeling. Grote schepen pompen water vanuit zee naar binnen om te zorgen voor een optimale balans, dit wordt ballastwater genoemd. Als deze schepen daarna gaan varen pompen zij het ballastwater elders weer uit het schip. In dit water leeft echter een hoop plankton, en het introduceren van vreemd plankton in een ander gebied kan grote gevolgen hebben voor de ecosystemen die daar in balans leven. Er zijn al allerlei systemen aan boord ontwikkeld die dit ballastwater ontsmetten van schadelijke levende planten en dieren.

Deze systemen zijn echter getest in gematigde klimaten, niet in het Arctisch gebied met extreem lage temperaturen. Andrea wil gaan kijken of de systemen in het arctisch gebied vergelijkbaar werken en welke concentratie chloor het ecosysteem aankan. Hiervoor verzamelt ze zeewater met plankton uit verschillende gebieden waar we varen en onderwerpt ze dan aan chloortesten in het primitieve lab op het schip. Ze kijkt naar de veiligheid (hoeveel chloor mogen we lozen voordat het ecosysteem te zwaar belast wordt) en effectiviteit (wat is de concentratie chloor waarbij het plankton in het ballastwater gedood wordt).

Vandaag mag ik dus mee met het Zodiac-team. Vanuit de Zodiac verzamelen we plankton. Met een emmer scheppen we zeewater in een planktonnet om zo het zoöplankton te concentreren. Deze geconcentreerde samples worden naar het lab gebracht om te onderwerpen aan chloorexperimenten. Speciaal voor deze expeditie is een mini ballastwatersysteem ontwikkeld door RT Safe Ballast, die Andrea nu gaat testen in het Arctische klimaat.

Naast Andrea en ik zit de Zodiac vandaag vol met andere mariene onderzoekers, Jaap van der Meer van NIOZ en Martine van den Heuvel van IMARES verzamelen vlinderslakjes en engelslakken. Jaap gebruikt de slakjes om het voorkomen en de verspreiding van de slakken te bepalen. Martine onderwerpt deze slakjes aan een toxiciteitstest, om te kijken hoeveel olie de diertjes aankunnen voordat ze het loodje leggen. Ook onderzoekt zij de impact van olie op algen. Naar aanleiding van de milieuramp in de golf van Mexico, waar de olie heeft gezorgd voor een zogenaamde ‘Marine Snow’. Hierbij slaan de algen als een soort onderwater sneeuwbui neer op de bodem, waardoor deze belangrijke schakel in het ecosysteem helemaal wegvalt. Martine wil onderzoeken of dit ook in het Arctisch gebied zou kunnen gebeuren.

Ik voel me ineens zo klein in dat bizarre grote landschap, met steile bergwanden en kleine gletsjers.

Tussen het veldwerk vanuit de Zodiac door ga ik met andere onderzoekers mee aan land om riviertjes en stroompjes te bemonsteren. Wij gaan dus bepakt en bezakt met emmertjes, bakjes, potjes en netjes aan land. Al snel ontdekken we vlokreeftjes tussen de ijsschotsen, die nemen we mee voor een toxiciteitsonderzoek van Martine. Ook zien we ganzenpoep met schimmels begroeid, dat gaat ook in een potje voor de leeftijdsbepaling van de sedimentlagen voor het onderzoek van Lineke. Voor het onderzoek van Frigga naar de archeologie nemen we nog wat watersamples uit verschillende stroompjes en beekjes. Zij gebruikt dit water voor de bepaling van fosfaten, om menselijke aanwezigheid aan te tonen.

Naast het onderzoek is er natuurlijk ook tijd om te genieten! Tussen het verzamelen door aanschouwen wij het prachtige landschap. De eerste ijsschotsen drijven hier in zee. Wat een speciaal gezicht. Ik voel me ineens zo klein in dat bizarre grote landschap, met steile bergwanden en kleine gletsjers. Nog steeds is het hartstikke stil in het landschap. We horen de ijsschotsen kilometers verderop kraken!

Ineens kraakt er nog iets anders: de walkie talkie. Er zijn ijsberen gesignaleerd. Mama ijsbeer en haar jong liggen 2 km verder op de helling van de berg. Tussen ons en de ijsbeer ligt echter nog een riviertje dat we graag willen bemonsteren, maar dan moeten we tot 1,5 kilometer afstand van de beer naderen. Dat lijkt heel ver weg maar voor ijsberen is deze afstand in 15 minuten te overbruggen. Ze kunnen wel 50 km per uur rennen! De beer ligt echter op zijn buik uit te rusten, of misschien zelfs uit te buiken van een net opgegeten prooi, dus hij lijkt niet gevaarlijk te zijn. Er wordt een team van twee gidsen met geweren en een telescoop in het dal gepositioneerd, zij kunnen ons waarschuwen zodra ze verdachte bewegingen van de beer zien. Nu kunnen we verder met ons onderzoek. We nemen vlug onze watersamples en vertrekken dan snel weer uit het dal. Gelukkig had de ijsbeer deze keer geen problemen met onze aanwezigheid, hopelijk blijft dat zo de komende dagen!

Een onverwacht resultaat werd blootgelegd: bijna alle typen vegetatie die destijds op de kaart waren ingetekend zijn nu veranderd.

Het was een lange uitputtende dag, we vallen dan ook snel aan op het buffet dat al klaarstaat. Na het diner worden we uitgenodigd voor een evaluatie van de dag. Elke onderzoeker mag vertellen wat ze hebben gezien en ontdekt. Twee onderzoeken sprongen eruit: het rendierenteam kon aantonen dat de populatie rendieren nog steeds groeit. Een mooi resultaat. De vegetatie-onderzoekers hadden wat minder goed nieuws. In 1977 is de vegetatie op Edgeøya in kaart gebracht door de Nederlandse overwinteraars. Vandaag werd een deel van deze kaart herbemonsterd om een vergelijking te kunnen maken tussen toen en nu. Een onverwacht resultaat werd blootgelegd: bijna alle typen vegetatie die destijds op de kaart waren ingetekend zijn nu veranderd. Benieuwd met welke resultaten de onderzoekers morgen terug komen uit het veld!

Hilde de Laat, student Biologie in Wageningen, is mee met de Spitsbergenexpeditie. Voor Resource houdt ze een blog bij.

Lees ook:


Re:ageer