Wetenschap - 1 januari 1970

Biokip mag niet te lang buitenspelen

Om het dioxinegehalte in biologische eieren te verminderen, moeten leghennen ook op lange zomeravonden op tijd naar binnen. Verder kan het zin hebben om de grond van de buitenren af te dekken met een doek. Dat zijn de belangrijkste conclusies van studente dierwetenschappen Marion de Vries.

Voor haar afstudeeronderzoek ging De Vries op dertien biologische bedrijven na wat kippenhouders het beste kunnen doen om het dioxinegehalte in de eieren te verminderen. ‘We gaan er van uit dat scharrelende hennen dioxine naar binnen krijgen door in de bodem te pikken. Dat is hun natuurlijke gedrag. Dioxine komt in de bodem op veel plekken in kleine gehaltes voor. De stof is in het verleden met name door slecht afgeregelde afvalverbrandingsovens het milieu in gebracht.’
Uit onderzoek dat het Ministerie van LNV heeft laten uitvoeren is al gebleken dat er in biologische kippeneieren dikwijls meer dioxine zit dan in eieren van legbatterijkippen, en dat op sommige bedrijven de norm wordt overschreden. De gehaltes zijn wel miniem.
Aan de keurmerkcriteria voor biologische eieren kan niet worden getornd, vindt De Vries. ‘De leghennen moeten minimaal acht uur per dag buiten zijn in de uitloop. Maar op sommige biologische bedrijven blijven de hennen langer buiten, soms tot veertien uur op een dag, afhankelijk van het seizoen. Door op deze bedrijven de uitloopduur van leghennen te verkorten, kan wellicht de opname van dioxine uit de bodem worden verminderd en hiermee het dioxinegehalte in de eieren.’
De Vries verwacht dat ook het bedekken van de grond met een doek effectief zal zijn tegen opname van dioxine. Enkele biologische bedrijven experimenteren daar al mee. 'Het past weliswaar niet bij biologische kippen. Ze horen thuis op een natuurlijke ondergrond zoals grasland. Maar als bedrijven boven de dioxinenorm zitten, is het afdekken van de grond waarschijnlijk wel een snelle en effectieve methode.'
Het afstudeeronderzoek van De Vries is een eerste 'proef op de som' binnen een groter onderzoek van prof. Aize Kijlstra van de Animal Sciences Group, in samenwerking met het RIKILT. Dat wordt uitgevoerd op een tiental biologische kippenhouderijen in een periode van twee jaar. / HB

Re:ageer