Wetenschap - 15 februari 2007

Betere test voor diermeel

Wageningse onderzoekers hebben een DNA-test ontwikkeld die bepaalt of veevoer diermeel van herkauwers bevat. De test meet een klein stukje DNA dat in het genoom van alle herkauwers voorkomt.

Diermeel is een eiwitrijk poeder dat ontstaat door het verhitten van slachtafval bij hoge druk. ‘In dat proces valt het DNA in fragmenten uiteen, maar kleine stukjes blijven intact’, zegt dr. Henk Aarts van Rikilt, Instituut voor Voedselveiligheid. ‘De test meet één van de stukjes genoom die het proces overleven.’
Sinds de BSE-crisis mogen veevoerfabrikanten geen diermeel gebruiken. Brussel gaat deze regels binnenkort waarschijnlijk versoepelen, maar ook dan mogen koeien nog steeds geen diermeel van andere herkauwers binnenkrijgen. Volgens wetenschappers kunnen alleen herkauwers BSE ontwikkelen, en kunnen ze dat oplopen via diermeel dat is gemaakt van andere herkauwers.
Er is straks dus een behoefte aan een test die het verschil ziet tussen diermeel van herkauwers en diermeel van niet-herkauwers zoals varkens. De huidige tests zien dat verschil niet. Die kijken naar botsplinters, en onder de microscoop zien de botsplinters van koeien er net zo uit als die van varkens. Met de DNA-test van Henk Aarts kunnen controleurs straks beide types diermeel wel van elkaar onderscheiden.
Aarts ontwikkelde zijn DNA-test samen met Universiteit Utrecht. De test is gepubliceerd in de Journal of AOAC International.

Re:ageer