Wetenschap - 1 januari 1970

BOEKEN: Is het Amerikaanse voeding onze toekomst?

BOEKEN: Is het Amerikaanse voeding onze toekomst?


Industriëlen hebben geen andere ideologie dan het verdienen van geld.
Volgens Marion Nestle is het motto van de voedingsindustrie daarom 'Eat
more'. In 'Food Politics' beschrijft de voedingshoogleraar uit New York hoe
de voedingsindustrie de politiek en het beleid beïnvloedt om dat motto
werkelijkheid te maken. Het is een Amerikaanse werkelijkheid, maar we weten
dat wat de Amerikanen bekokstoven enige tijd later werkelijkheid wordt in
Nederland.
Het is verbazingwekkend simpel om een succesvol voedingsproduct te maken,
althans op de manier waarop Nestle het in haar voorwoord voorspiegelt.
Marketingtechnisch bijvoorbeeld. Maak een voedingproduct zoet, vet en/of
zout, zorg dat het product weinig kost en vooral voor de industrie geld
oplevert, zorg dat de consumptie snel en makkelijk is, en houdt het publiek
verward over wat nu goede en slechte voeding is. En dan moet er promotie
zijn, natuurlijk. Dat betekent veel advertenties, en het continu toevoegen
van nieuwe producten aan de al verwarrende voedingswerkelijkheid van de
consument. Bingo! 'Eat more' is werkelijkheid.
Zo eenvoudig is het natuurlijk niet. Wat Nestle wel laat zien is dat het
simpele motto 'Eat more' vooral op sluipende wijze binnendringt: bij
diëtisten en andere voedingsdeskundigen, in het politieke systeem, op
scholen, en bij de introductie van dieetsupplementen en nieuwe 'techno-
foods'. Zo werd in het begin van de jaren negentig de 'Eating Right
Pyramide' geïntroduceerd door diëtisten. In deze ‘gezonde voedingspiramide’
staan graanproducten, groenten, fruit, zuivel, vlees en oliën en vetten van
beneden naar boven weergegeven. Hoe lager in de piramide, des te meer je
ervan mocht eten, hoe hoger, des te minder. Maar er kwamen vele versies.
Zuivelproducten maakten in hun versie geen onderscheid tussen
zuivelproducten met veel en weinig vet, en vleesproducenten prefereerden de
vorm van een kom boven een piramide, omdat zo de vleesproducten meer naar
voren kwamen.
Nestle concludeert dat de hele discussie over de manier waarop gezonde
voeding visueel weer te geven valt, resulteerde in een
'voedingsschizofrenie' bij het publiek. In plaats van de strikte regels van
diëtisten zijn vervolgens de meer algemene en meer consumptiebevorderende
regels van de voedingsindustrie door het publiek geaccepteerd als normaal,
stelt Nestle. Die vagere dieetregels luiden volgens haar als volgt:
,,balans, variatie en matiging zijn de sleutels tot gezonde diëten; er is
niet zoiets als goede of slechte voeding; alle voedingproducten kunnen
onderdeel zijn van een gezond dieet; het is het totale dieet dat telt''.
Dat is een herkenbaar voorbeeld, en Nestle geeft er meerdere, al kan ik
niet controleren of haar conclusie dat de voedingsindustrie hieraan debet
is, ook klopt. Nestle lijkt ook wel erg veel op een advocaat die strijd
tegen het systeem. ,,Tenzij we meer willen betalen voor voeding, buiten-het-
seizoen-producten opgeven, en zelden iets kopen dat in een pakje zit of
wordt aangeprezen op televisie'', schrijft ze, ,,ondersteunen we het
huidige voedingssysteem elke keer dat we een maaltijd eten.''
Nestle heeft in 'Food Politics' weinig oog voor wat ik beschouw als een
tegenbeweging, namelijk het groeiende aantal mensen die koken als
liefhebberij zien, die regionale seizoensproducten waarderen. Bovendien
ziet ze niet dat zulke mensen ook graag een frietje eten. Het probleem met
de gezonde voeding zit in het feit dat die niet sexy is, en het probleem
met de ongezonde voeding zit in het feit dat die wel sexy is. Dat kun je
alleen niet meer zeggen van de mensen die zich daar ongebreideld aan
bezondigd hebben.
Martin Woestenburg

Marion Nestle, Food Politics - How the Food Industry Influences Nutrition
and Health, California University Press, ISBN 0520224655, 30,17 euro.

Re:ageer