Wetenschap - 13 april 2011

Antibiotica in veehouderij: trendbreuk?

Het aantal kilo’s antibiotica in de veehouderij daalt sinds 2007, maar het LEI constateert nog geen significante afname in de jaarlijkse steekproef bij individuele bedrijven. Bovendien neemt de antibioticaresistentie verder toe. Toch is er reden voor optimisme, vindt Dik Mevius.

Het FIDIN, de brancheorganisatie van diergeneesmiddelenleveranciers, meldde onlangs dat het antibioticagebruik in 2010 met 12 procent is gedaald, na een daling van 2 procent het jaar ervoor. Dat is goed nieuws. De overheid wil dat het antibioticagebruik dit jaar 20 procent lager is dan in 2009. In 2013 moet het gebruik zijn gehalveerd.
Slag om de arm
‘Het lijkt de goede kant op te gaan’, zegt Dik Mevius, coordinator van het MARAN-rapport, dat jaarlijks het antibioticagebruik in de veehouderij en de antibioticaresistentie inventariseert. Hij houdt een slag om de arm, want de steekproef onder veehouders die het LEI jaarlijks uitvoert, laat een minder duidelijk beeld zien. Weliswaar is het antibioticagebruik bij melkvee en vleesvarkens in 2009 met ruim tien procent afgenomen en bij de vleeskalveren met 4 procent, maar het gebruik bij vleeskuikens is gelijk gebleven en in de zeugenhouderij is het gebruik met ruim 10 procent gestegen.
Het FIDIN meet het totaal aantal kilo’s dat de fabrikanten verkopen. Het LEI meet het aantal dagdoseringen: het aantal dagen per jaar dat een dier antibiotica krijgt toegediend. Dat laatste is een betere maat voor het daadwerkelijke gebruik.
Kilo-effect
Duidelijk is dat het antibioticagebruik bij vleeskalveren, melkvee en vleesvarkens in 2009 afneemt, zegt Mevius, medewerker van het Centraal Veterinair Instituut (CVI). En omdat dit grote dieren zijn, heeft dat veel effect op de gebruikte kilogrammen. Bij kleine dieren als kippen is dit kilo-effect klein. En juist in de pluimveesector is het gebruik lange tijd sterk gestegen en nog niet verminderd. Het gevolg is dat de antibioticaresistentie in deze sector is toegenomen. Vrijwel alle kippen in Nederland hebben ESBL-vormende bacterien die resistent zijn tegen antibiotica, zegt Mevius.
Als zo’n antibioticaresistentie er eenmaal is, is ie lastig terug te dringen. Zo waart er nog steeds een E. coli bacterie rond met resistentie tegen een antibioticum dat al 20 jaar uit de handel is. Het helpt om het aantal kilo’s antibiotica fors te verminderen, zegt Mevius, maar wellicht zijn ook aanvullende maatregelen nodig.
Registratie
Toch is de toon van de MARAN-rapportage van LEI en CVI optimistisch. Het gaat de goede kant op, is de teneur. ‘Dat is bewust’, zegt Mevius. ‘In de sector worden flinke inspanningen gedaan om het gebruik terug te dringen.’ Hij doelt op het registratiesysteem van de KNMvD, de beroepsvereniging van dierenartsen, die per dierenarts gaat bijhouden hoeveel antibiotica hij voorschrijft. Voorts gaan de kalver-, varkens- en pluimveesector het gebruik van de veehouders registreren onder de noemer van Integrale Ketenbeheersing (IKB).
‘Die registratie moet leiden tot verbetertrajecten’, zegt Mevius. ‘De boeren en dierenartsen die veel antibiotica gebruiken, kun je dan persoonlijk op hun gedrag aanspreken. Je wilt ze meekrijgen, zodat ze hun verantwoordelijkheid nemen. Afdwingen van hogerhand werkt niet, we zitten niet in de DDR. Even voor de duidelijkheid: je hebt diergeneesmiddelen nodig, veehouders en dierenartsen mogen ze toedienen, ze zijn niet illegaal. Het gaat hier om verantwoord gebruik.’
Ook zijn collega Nico Bondt van het LEI is voor de optimistische toon. ‘We hebben de veehouders jarenlang onheilsboodschappen voorgehouden. Dat werd ons niet in dank afgenomen, maar die boodschap is nu doorgedrongen. Het gebruik wordt geregistreerd, er komen bedrijfsgezondheidsplannen. Het fundament voor verbetering is gelegd.’
Vandaag debatteert de Tweede Kamer over het antibioticagebruik met staatssecretaris Henk Bleker.
 

Re:ageer