Wetenschap - 14 oktober 2013

Ansjovis wachtte op warmere Noordzee

tekst:
Rik Nijland

Rond de eeuwwisseling zat er plots weer volop ansjovis in de Noordzee. Daar is geen Brussels overleg of een visquotum aan te pas gekomen. Alleen wat warmer water.

Net een beetje warmer zeewater was voldoende om het visje over het dooie punt heen te helpen, denkt Kristina Raab. Zij promoveerde vorige week op onderzoek naar deze ansjovis­explosie, dat ze uitvoerde bij Imares en de leerstoelgroep Aquacultuur en visserij. Haar onderzoek past binnen de internationale wetenschappelijke interesse voor de grote populatieschommelingen bij ansjovis.

In de wereldzeeën wisselen enorme scholen sardine en ansjovis elkaar af. Welke factoren bepalen die fluctuaties? Het antwoord op die vraag is ook economisch van belang: ansjovis, sardine en ander klein grut zijn goed voor de helft van de wereldwijde visvangst. ‘Ook in de Noordzee zien we populatiefluctuaties’, vertelt Raab, ‘al zijn de aantallen hier lang niet zo groot als in de oceanen’. Eind jaren veertig ging het crescendo met de ansjovis. Daarna zakte de populatie in. Midden jaren negentig begon het visje echter weer aan een opmars.

De groei van jonge ansjovissen in hun eerste jaar is gerelateerd aan de temperatuur
Kristina Raab

De huidige boom, denkt Raab, valt vooral te verklaren door de temperatuur van het zeewater. Net als nu was die in de jaren veertig wat hoger dan gemiddeld door een periodieke klimatologische schommeling. Mogelijk wordt dat versterkt door klimaatverandering. ‘De groei van jonge ansjovissen in hun eerste seizoen is gerelateerd aan de temperatuur’, aldus Raab. Daarnaast zorgt een hogere watertemperatuur ook voor geschikte paaiplaatsen in de Duitse Bocht waar het normaal gesproken te koud is.

Raab onderzocht samen met internationale collega’s waar de grondleggers van de huidige Noordzee­ansjovis vandaan komen. Waren dat ZuidEuropese vissen, bijvoorbeeld uit de Golf van Biskaje, die hun kans schoon zagen toen de Noordzee opwarmde? Het DNA­profiel van de Spaanse en de Noordzee­ansjovis is echter duidelijk verschillend, ontdekte het team. Ken­nelijk weet een kleine populatie ansjovis zich ook bij lage temperaturen in de Noordzee te handhaven en voort te planten, in afwachting van betere tijden.

De visserij profiteert mee van de huidige bloeiperiode, die niet ten koste lijkt te gaan van sprot en haring, vissen die ook dierlijk plankton eten. Sinds een jaar of zes wordt er in de Noordzee op ansjovis gevist. Is dat de moeite waard? ‘Gezouten vind ik er niet veel aan’, zegt Raab. ‘Maar op de markt in Wageningen kun je ook verse ansjovisjes kopen. Die zijn lekker.’


Re:ageer