Wetenschap - 29 november 2018

Angst veroorzaakt babyboom bij woelmuizen

tekst:
Tessa Louwerens

Vrouwtjes woelmuizen krijgen meer baby’s wanneer ze de geur van bange mannetjes hebben geroken. Dit ontdekte een team van wetenschappers van WUR en de Jyväskylä Universiteit in Finland.

Een woelmuis die meedeed aan de studie © Alwin Hardenbol

‘Het opmerkelijke is dat dit effect werd veroorzaakt door indirecte informatie over de aanwezigheid van een roofdier', zeg co-auteur Kevin Matson, onderzoeker bij de leerstoelgroep Resource Ecology. ‘De effecten van roofdieren gaan verder dan alleen het opeten van prooi. Onze studie laat zien dat dat enkel de angst om opgegeten te worden, invloed heeft op de hele populatie.’ De onderzoekers publiceerden hun bevindingen in het wetenschappelijke tijdschrift Scientific Reports.  

Wezels
Het team voerde een experiment uit met wilde rosse woelmuizen (Myodes glarealus), die van nature veel voorkomen in Finland. ‘We zagen dat mannetjeswoelmuizen bepaalde chemische signalen afgaven als ze werden blootgesteld aan een roofdier, in dit geval een wezel’, vertelt Alwin Hardenbol, die het onderzoek uitvoerde als onderdeel van zijn masterscriptie.

Het is mogelijk dat de moeders meer baby’s krijgen als de kans groot is dat ze binnenkort opgegeten worden

De onderzoekers pakten wat bodembedekking van de mannetjes die met de wezel waren geconfronteerd en legden dit in buitenverblijven waar andere woelmuizen zaten. De bange mannetjeswoelmuizen hadden de bodembedekking doordrenkt met zogenaamde alarmferomonen. En wat bleek? De vrouwtjes in het buitenverblijf, die zelf nog nooit een wezel hadden gezien, kregen onder invloed van de bangemannetjesgeur meer baby’s. Gemiddeld kregen deze vrouwtjes ongeveer twee pups meer, zes in plaats van vier, dan de controlegroep die niet aan de feromonen was blootgesteld.

Meer seks?
De onderzoekers weten nog niet precies hoe het kan dat de woelmuizen meer baby’s kregen. Het zou kunnen dat de vrouwtjes meer seks hebben. Matson: ‘Woelmuizen zijn geïnduceerde ovuleerders, dat betekent dat ze meer jongen krijgen als ze met meerdere mannetjes seks hebben.’ Maar het zou ook kunnen dat de feromonen direct invloed hebben op ovulatie.

Matson is verrast door de uitkomst. ‘We verwachtten eigenlijk dat de woelmuizen minder foerageren als ze bang zijn. Dan krijgen ze minder eten, waardoor hun conditie achteruitgaat en dan verwacht je juist dat ze minder nageslacht produceren. Hij denkt zelf dat in dit geval de evolutionaire voordelen op de lange termijn zwaarder meewegen dan deze kortetermijneffecten. ‘Het is mogelijk dat de moeders meer baby’s krijgen als de kans groot is dat ze binnenkort opgegeten worden. Als ze niet lang meer hebben, is het beter om zoveel mogelijk te investeren in voortplanting nu het nog kan. Ditzelfde zien we ook in sommige andere diersoorten zoals stekelbaarsjes en bepaalde vogels.’


Re:ageer