Wetenschap - 30 augustus 2001

Amerikaanse voedselautoriteit FDA bestudeert Wagenings WCFS

Amerikaanse voedselautoriteit FDA bestudeert Wagenings WCFS

Een delegatie van de Amerikaanse voedselautoriteit FDA heeft de Wageningse Food Valley bezocht. De delegatie dineerde met de founding fathers van het Wageningen Centre for Food Sciences (WCFS) in de Panoramahoeve en bezocht het Biotechnion, het zuivelinstituut Nizo en Rikilt. De FDA zocht in Wageningen naar de oplossing van een levensgroot probleem, waar politici de voedselautoriteit mee hebben opgezadeld.

Fabrikanten lanceren in een stijgend tempo nieuwe voedingsmiddelen die de gezondheid zouden moeten bevorderen, zoals bio-actieve eiwitten, kruidenpreparaten en sterolen. "Maar werken die producten ook?", is de vraag van prof. dr. Martijn Katan, verbonden aan het WCFS en de sectie Humane voeding en epidemiologie. "Zijn ze wel veilig? Mogen ze wel op de markt komen? En wat voor claims mag de fabrikant dan maken?" In Amerika is het beantwoorden van die vraag de taak van de FDA.

"Als het gaat om voeding, pesticiden, medicijnen of groeibevorderaars, dan moet de fabrikant zelf het onderzoek doen waar de FDA zich op kan baseren", vertelt dr. Catherine Woteki, lid van de delegatie. Woteki werkte voor het Amerikaanse landbouwministerie op het bureau voor de voedselveiligheid, maar is nu verbonden aan de universiteit van Maryland. "De bedrijven in de voedingssector en de farmacie zijn groot en hebben de middelen om onderzoek te verrichten. En ze hebben een reputatie te verliezen. Maar met supplementen is het anders." Voedingssupplementen vallen in Amerika onder een bijzondere wet uit 1994, die is aangenomen door de pressie van een groep conservatieve politici. Die wet zegt dat supplementenfabrikanten, vaak kleine en soms louche ondernemingen, dat soort onderzoek niet hoeven te doen. "De FDA moet dus zelf onderzoeken of supplementen door de beugel kunnen of niet", zegt Katan. "En omdat het er zo veel zijn, is daar eigenlijk geen beginnen aan."

De oplossing zou wel eens kunnen liggen in organisaties zoals het WCFS, waarin de overheid, universiteiten en voedingsconcerns samenwerken aan 'pre-competitief' onderzoek op het gebied van voeding. ("Pre-competitive - I like that word", zegt Woteki.) Zo'n bundeling van krachten zou het capaciteitsprobleem wel eens kunnen oplossen.

Andere delegatieleden waren dr. Christine Lewis en dr. Elizabeth Yetley, respectievelijk directeur en senior-onderzoeker bij het Center for Food Safety and Applied Nutrition van de FDA. Het bezoek aan Nederland was een antwoord op een bezoek van het WCFS aan de FDA in mei 2001. | W.K.

Re:ageer