Wetenschap - 1 januari 1970

Alterra maakt ‘vingerafdrukken’ van oude bodems

Met bacteriologische ‘vingerafdrukken’ van bodems uit het bodemarchief van Alterra is in de toekomst iets te zeggen over de kwaliteit van een bodem. Bodemonderzoekers van Alterra hebben met de vingerafdrukken verschillen gevonden tussen bodems die met kunstmest en die met dierlijke mest behandeld zijn.

De bacteriologische vingerafdruk is niet zo uniek als de menselijke vingerafdruk, vertelt dr Jan Dolfing. Met de methode wordt DNA of RNA uit de bodem gehaald, en daarmee wordt bepaald welke bacteriën daarin leven. Het resultaat is een soort streepjescode die lijkt op die van DNA-onderzoek. Met de vingerafdruk kunnen de onderzoekers iets zeggen over de bacteriële diversiteit en ontwikkeling, en dat zegt weer iets over de kwaliteit van een bodem, over de ontwikkeling van de bodemflora, over het gebruik van meststoffen, enzovoorts.
Dat de streepjescode van een bodem die is bemest met kunstmest verschilt van die van een bodem die met dierlijke mest is bewerkt, sterkt Dolfing in de mening dat er in de toekomst met de methode uitspraken zijn te doen over de kwaliteit van een bodem. Daarvoor zijn nu dure en langdurige laboratoriumproeven nodig.
Het unieke van het onderzoek van Dolfing en zijn collega's is dat ze de methode hebben toegepast op bodems van meer dan vijftig jaar oud. Daarmee kunnen de onderzoekers nu met terugwerkende kracht kijken naar de ontwikkeling van een bodem. Dolfing hoopt in de toekomst met de bacteriële vingerafdrukken uit het bodemarchief ook iets te kunnen zeggen over de klimaatverandering. | M.W.

Re:ageer