Student - 22 juni 2011

Als het erop aankomt

Mensen zijn echt weerloos, man. Twee situaties in het openbaar vervoer.

Blogger_YK.jpg
Afgelopen zondag was ik onderweg naar huis in een volle bus 88. Een opgeschoten knaap met een petje glijdt uit. Met de woorden ‘Ja, die gladde kutschoenen van mij man' slaat hij een modderfiguur en een paar studenten beginnen zo'n beetje te lachen. ‘Wat lachen jullie nou!' Zijn kameraad probeert hem een beetje te sussen. ‘Ja ik laat me niet uitlachen door de pipo's!' Een student laat zich niet kennen en kijkt de jongen langdurig uitdagend aan. De mensen in de bus kijken weg, met een klomp in de maag. Ik weet zeker dat niemand zou ingrijpen als het tot een confrontatie was gekomen.
Veel enger: twee weken eerder zat ik in een dubbeldekker en er stommelde een lange, dikke kerel in een basketbalshirt voorbij met een klein flesje drank in zijn hand. De trein stopt in Utrecht en er staat een groep mensen samengedromd bij de deur, klaar om uit te stappen. De zatlap begint zomaar mensen te slaan en schoppen tegen het bovenlijf. De conducteur belt de spoorwegpolitie en houdt de deur dicht tot ze arriveren. Twee lange minuten incasseren de passagiers de klappen, slechts reagerend met ‘hey!' Een vrouw wordt in haar buik getrapt en zakt in elkaar. De conducteur besluit dat het toch maar eens tijd wordt om de deur open te gooien. De man wordt in de boeien geslagen en afgevoerd.
Achteraf gezien had ik iedereen terug de coupe in moeten loodsen en twee grote mannen de glazen klapdeuren laten bewaken totdat de politie ter plaatse was. Maar op zo'n moment denk je alleen aan jezelf. Ik stond achteraan de rij, dus ik kon die mafkees niet even zelf tegen de grond werken (vooraan ook niet).
Komt het erop aan, dan sta je er helemaal alleen voor. De ‘nette mensen' durven en kunnen zelf niet ingrijpen en kunnen zich ook niet verenigen. Die gedachte vond ik veel enger dan die twee agressieve malloten.
 
 
 

Re:ageer