Student - 22 november 2018

Als de student van huis is... Inbraakgolf in Wageningse studentenhuizen

tekst:
Luuk Zegers
1

Een gemoedelijk en veilig stadje. Zo staat Wageningen bekend. Toch werd er afgelopen najaar in anderhalve maand tijd zestien keer ingebroken in studentenhuizen. ‘Ik had het grote raam dichtgedaan, maar het klapraampje stond op een kiertje.’

tekst Luuk Zegers  illustratie Inge van der Wal

Toen ze na een weekend ‘thuis-thuis’ de deur van haar kamer in Hoevestein opende, schrok Tessa van den Bemt zich rot. Kasten opengetrokken, spullen op de grond, voetafdrukken op bed, het raam geforceerd. De inbrekers hadden sierraden en een bluetoothspeaker meegenomen. Ook Van den Bemts spaarvarken lag aan diggelen. ‘Ik ben gelukkig niet heel materialistisch ingesteld’, zegt de 21-jarige masterstudent Biology. ‘Het is vooral een onprettig idee dat ze aan m’n spullen hebben gezeten.’ Ze schat de totale waarde van de buit op zo’n tweehonderd euro. ‘Mijn laptop en telefoon had ik gelukkig bij me, dus die konden ze niet meenemen.’

Donkere dagen

Van den Bemt is een van de zestien Wageningse studenten bij wie tussen 27 augustus en 14 oktober werd ingebroken. ‘Je ziet het elk jaar weer aan het einde van de zomer’, zegt Jos Smits van de Wageningse politie. ‘Naarmate de donkere dagen naderen, neemt het aantal inbraken toe.’ Maar dit jaar was de toename wel erg opvallend, zegt Smits. ‘Zestien inbraken in anderhalve maand tijd is veel. Dan spreken we van een inbraakgolf.’

In heel 2017 werd er in totaal twintig keer aangifte gedaan van inbraak bij een student; in 2018 staat de teller tot nu toe al op 28. Dat aantal kan nog toenemen, al lijkt de inbraakgolf wel ten einde. Smit: ‘In november is er tot nu toe slechts één keer ingebroken.’ Toch is elke inbraak er natuurlijk één te veel. Iets meer bewustzijn en alertheid kunnen geen kwaad volgens Smit. Van den Bemt: ‘Studenten denken vaak dat inbraken niet voorkomen in het kleine Wageningen. Dat had ik ook. Daar trap je dan mooi in.’

Het is vooral een onprettig idee dat ze aan m’n spullen hebben gezeten
Tessa van den Bemt, masterstudent Biology

Sporenonderzoek

Na de inbraak wilde Van den Bemt haar kamer zo snel mogelijk schoonmaken, maar dat kon niet meteen: eerst moest de technische recherche sporenonderzoek doen. ‘Het duurde twee dagen voordat die kwamen, dus moest ik ook twee dagen wachten voor ik kon opruimen. Zodra dat onderzoek klaar was, ben ik meteen gaan wassen, stofzuigen en dweilen. Het is een vies idee dat je niet weet waar ze allemaal aan hebben gezeten.’

Van den Bemt woont op de eerste verdieping van Hoevestein. ‘De inbrekers kwamen waarschijnlijk via de brandtrap, waarvan de deur vaak open staat, terecht op de galerij’, vertelt ze. Omdat één van haar rolgordijnen openstond, konden de dieven kijken of er iets van waarde in de kamer lag. Hoewel er geen laptop of telefoon in het zicht lag, vonden ze het toch de moeite waard om naar binnen te gaan. ‘Ik had het grote raam dichtgedaan, maar het kleine klapraampje daarboven stond op een kiertje. Die is verder open gewrikt, waarna de inbrekers het grotere raam eronder konden openen.’

Een hoop gedoe

Hoewel inbrekers meestal toeslaan als de bewoners van huis zijn, zoals bij Van den Bemt, blijken enkele boeven brutaal genoeg om hun slag te slaan terwijl mensen gewoon thuis zijn. Dat overkwam Cecilia Casonato (24) onlangs. De masterstudent Food Safety woont op de Droevendaalsesteeg. ‘Ik kwam thuis van mijn werk en zette mijn raam open op mijn kamer om te luchten. Daarna ging ik mijn kamer weer uit om te eten met mijn huisgenoten. Twintig minuten later was mijn rugtas weg, met alles erin. Laptop, telefoon, papieren, mijn bewijs van inschrijving bij de universiteit. Gelukkig had ik mijn paspoort bij me.’

Terwijl de tas uit Casonato’s kamer werd gestolen, waren er zes mensen thuis. ‘Het is geen fijn gevoel. Je gaat ervan uit dat mensen wel een beetje respect hebben. Maar er zijn blijkbaar mensen die een open raam zien en hun kans grijpen. Dat is triest. Verder is het vooral een hele hoop gedoe en kost het veel tijd. Bankpasjes blokkeren, creditcards blokkeren, enzovoort. Ik ben een voorzichtig persoon. Dit bewijst maar weer dat je nooit voorzichtig genoeg kan zijn.’

3 tips tegen inbraak

De Wageningse wijkagent Jos Smits noemt een paar eenvoudige maatregelen die je kunt nemen om het inbrekers zo moeilijk mogelijk te maken:

  1. Doe deuren en ramen dicht als je weggaat, óók de kleine klapraampjes. Die worden vaak gebruikt om grote ramen open te ‘hengelen’.
  2. Leg je waardevolle spullen uit het zicht. Er wordt minder snel ingebroken als dieven het idee hebben dat er niets te halen valt.
  3. Als je in een sterflat woont en de brandtrap naar beneden pakt, sluit dan de deur achter je. Anders komen inbrekers gemakkelijk het gebouw in.

Bekijk ook:

Re:acties 1

  • Max

    De openstaande brandtrapdeur is inderdaad een makkelijke manier om de galerijen op te komen. En er zit ook zeker waarde in Tip 3. Maar als je eraan kan denken de deur achter je dicht te trekken om jouw spullen en die van je medebewoners wat meer te beschermen, is het wellicht nog handiger om te bedenken dat je die brandtrap helemaal niet hoort te gebruiken buiten noodgevallen om. Ik vind dat de specifieke verwoording van tip 3 dan ook een beetje de plank mis slaat.

    Reageer

Re:ageer