Wetenschap - 31 mei 2001

Algen verstikken Zeeuwse mosselen

Algen verstikken Zeeuwse mosselen

De massale mosselsterfte in de Oosterschelde is niet veroorzaakt door bacteri?n, virussen, schimmels of parasieten. Welig tierende schuimalgen zijn eerder de boosdoener. Dit blijkt uit onderzoek dat is uitgevoerd door ID-Lelystad en Rivo-Yerseke.

Een paar weken geleden ontstond paniek in de Zeeuwse mosselwereld vanwege de sterfte van grote hoeveelheden mosselen in het westelijke deel van de Oosterschelde. Gevreesd werd voor besmettelijke ziekten, maar deze vrees blijkt niet gegrond.

Dr. ir. Olga Haenen en ing. Peter van Tulden van het Vis- en schelpdierziektenlaboratorium van ID-Lelystad onderzochten meer dan tweehonderd mosselen uit het betreffende gebied. Met de lichtmicroscoop zochten ze naar afwijkingen in mosselweefsel en ze vonden geen aanwijzingen dat de sterfte te maken had met bacteri?n, virussen, schimmels of parasieten.

In de wateren zijn wel grote pakketten schuimalgen aangetroffen die de mosselen, die op de bodem zitten, als het ware kunnen verstikken. De mosselen gaan dan dood door zuurstofgebrek. Hierdoor zijn naar schatting enkele tienduizenden ton mosselen verloren gegaan. Het is niet bekend waardoor de schuimalgen in het gebied zijn gaan woekeren. Inmiddels zijn de algen niet meer in grote aantallen aanwezig en er is ook geen sprake meer van massale mosselsterfte. Dit blijkt uit inspectie door Rivo-Yerseke.

Het ministerie van LNV heeft op 23 mei naar aanleiding van de onderzoeksresultaten het visverbod voor tweekleppige weekdieren voor menselijke consumptie in de Oosterschelde ingetrokken. Het verbod was op 17 mei ingesteld om te voorkomen dat eventuele ziekten zouden overslaan naar andere viswateren en kwekerijen. | H.B.

Re:ageer