Organisatie - 1 januari 1970

Agrarisch natuurbeheer helpt weidevogels écht niet

Op de populaties scholeksters, grutto's, kieviten en tureluurs heeft agrarisch natuurbeheer geen effect, of zelfs een negatief effect. Het laat maaien van het gras zorgt wel voor een stijging van het aantal gruttokuikens, maar dat is niet voldoende om de dalende populatie te helpen. Bovendien werkt de maatregel averechts voor de kievit, omdat die liever kort gras heeft.

Onderzoekers van de leerstoelgroep Natuurbeheer en plantenecologie, Alterra en Sovon Vogelonderzoek Nederland vergeleken 28 paren van gebieden mét en zonder agrarisch natuurbeheer. Met gegevens uit het Nationale Weidevogelmeetnet bekeken ze van beide typen gebieden ook de situatie vóór het sluiten van een beheersovereenkomst. Volgens prof. Frank Berendse wijzen de cijfers 'heel duidelijk en heel significant' uit dat agrarisch natuurbeheer op de huidige manier niet helpt.
Het onderzoek is gefinancierd door Vogelbescherming Nederland en het Milieu- en Natuurplanbureau en bevestigt het eerdere, geruchtmakende onderzoek naar weidevogelbeheer dat Berendse met dr David Kleijn publiceerde in Nature. De onderzoeksgegevens geven ook inzicht in de effecten van agrarisch natuurbeheer in de loop van de tijd.
De aantallen scholeksters, grutto's en tureluurs nemen niet toe bij agrarisch natuurbeheer, en het aantal kieviten neemt na het sluiten van een beheersovereenkomst zelfs af, blijkt uit het onderzoek. Het aantal grutto's en kieviten is in gebieden met agrarisch natuurbeheer wel hoger, maar dat is vaak al zo vóór een beheersovereenkomst is afgesloten.
Het blijkt dat het agrarisch natuurbeheer eenzijdig is, en dat werkt averechts. De sterk op de grutto gerichte maatregel om pas laat in juni te maaien, om zo de gruttokuikens niet dood te maaien, werkt bijvoorbeeld negatief uit voor de kievit. Die houdt van kort, voedselrijk gras en dat is er niet, omdat de boer niet maait en bovendien niet bemest om te voorkomen dat het gras te hard groeit. Het laat maaien helpt overigens wel de gruttokuikens. Onderzoek van dr Hans Schekkerman van Alterra toont aan dat er meer kuikens overleven, maar lang niet genoeg om de daling van de populatie - tussen 1990 en 2000 daalde de populatie met veertig procent, terwijl Nederland zo'n vijftig procent van de totale populatie herbergt - tegen te houden.
Het beleid zal volgens Berendse effectiever moeten, onder andere door het weidevogelbeheer grootschaliger en gevarieerder te maken. Hij denkt daarbij aan een maatregel als het verhogen van de grondwaterstand, die diep ingrijpt op de bedrijfsvoering van boeren. Daarnaast moet het agrarisch natuurbeheer gevarieerder worden. Dat betekent dat er in een groot gebied plekken zijn waar bijvoorbeeld specifiek beheer wordt gepleegd voor de kievit of de grutto. | M.W.

Re:ageer