Wetenschap - 1 januari 1970

Afgestudeerden steeds langer op zoek naar een baan

Afgestudeerden steeds langer op zoek naar een baan

Afgestudeerden steeds langer op zoek naar een baan


‘Op een gegeven moment word je moedeloos’

De werkloosheid loopt ook onder academici snel op. Nieuwe Wageningse
ingenieurs vinden steeds moeilijker een baan. ,,In totaal heb ik al tussen
de 20 en 25 sollicitatiebrieven gestuurd.’’

,,Welke kleur heeft jouw parachute?’’ vraagt de titel van het blauwe boek.
Tussen de nette jasjes, overhemden en gepoetste schoenen van de cursisten
lijkt de vraag misplaatst. Cursusleider Lesley Lap is geen
parachutespringer en vertelt geen zweverig verhaal. Verre van zweverig zijn
ook de strakke mantelpakjes waarin een aantal van de vrouwelijke ingenieurs
zich heeft gestoken.
De ondertitel van het boek maakt meer duidelijk: een praktisch handboek
voor werkzoekers en carrièreplanners. Voor praktische tips zitten de
cursisten hier, bij de sollicitatietraining van detacheringbureau KLV
professional match. Het zijn moeilijke tijden voor werkzoekenden en een
beetje hulp is dan ook welkom bij de eerste stappen op de arbeidsmarkt.
,,Had jij niet pas een sollicitatiegesprek,’’ vraagt een cursiste aan haar
overbuurvrouw.
,,Ja’’, zegt deze. ,,Twee weken geleden. Maar vorige week kreeg ik een
brief waarin stond dat ze toch met een andere kandidaat doorgaan.''
Dat is natuurlijk geen nieuw verhaal; volgens het 'parachutenboek' van
Richard N. Bolles worden werkzoekende Amerikanen gemiddeld acht keer in hun
leven afgewezen. Ook Wageningse ingenieurs krijgen te maken met de
teleurstellende kanten van het solliciteren.
Dat gebeurt de laatste tijd wel steeds vaker. Het gaat minder met de
economie, en dus krimpt de banenmarkt; 29.000 nieuwe werkzoekenden melden
de statistieken van het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI) over januari van
dit jaar. Dat is 2,6 keer zoveel als in december 2002. Van januari 2002 tot
januari 2003 steeg vooral het aantal werkzoekenden met een opleiding op
middenniveau (vwo, mbo, havo); 45.000 nieuwe zoekers (36 procent) kwamen er
in die categorie bij. Van werkzoekende Hbo'ers kwamen er zo'n 12.800 (28
procent) bij en van universitair opgeleiden 5.100 (20 procent). Hoewel
academici dus relatief nog het best af zijn, vinden ook zij het
solliciteren steeds frustrerender.
,,Ondanks mijn capaciteiten hadden ze niet iemand nodig met mijn
achtergrond’’, vertelt Joost Voorhuijzen over een traineeship van het Rijk
waar hij op solliciteerde. ,,Stelletje eikels’’, zegt de kersverse
ingenieur dan, want dergelijke teksten kwam hij vaker tegen in
afwijzingsbrieven.
De bioloog studeerde in januari 2002 af, wist niet zo goed in welke
richting hij moest zoeken en het duurde een tijdje voordat hij serieus
begon te kijken naar een baan. Maar toen hij genoeg kreeg van uitzendwerk
en aan het solliciteren sloeg op overheidsbanen in de groene hoek bleek dit
niet zo gemakkelijk te zijn. ,, Ik heb het echt zien kelderen. Op een
gegeven moment vond ik niet één vacature meer voor die hoek. Ik heb
gesolliciteerd totdat ik een ons woog.’’
Martin Spieard van KLV professional match kan het woord niet meer horen:
vacaturestop. Volgens hem begint het gebrek aan werk een probleem te
vormen. Over de statistieken voor Wageningse ingenieurs kan hij nu nog niks
zeggen, maar dat het werk niet voor het oprapen ligt merkt Spieard aan de
vacaturestops en aan de toegenomen interesse in sollicitatietrainingen.
,,We hebben extra toeloop en mensen schrijven zich ook veel eerder in. We
zijn al door het budget heen voor de trainingen.’’
Spieard ziet voorlopig geen kans op verbetering van de situatie voor jonge
ingenieurs. Wellicht kan duidelijkheid over een nieuw kabinet ook wat meer
zekerheid in de arbeidsmarkt geven, maar zolang de economie achteruit gaat
zullen overheid en bedrijven reageren door de kosten te verlagen. Minder
mensen in dienst nemen dus.
Als afgestudeerden een kans willen maken is het daarom van groot belang dat
ze zich goed voorbereiden, vindt Spieard. ,,Als je ruim van tevoren de
markt gaat verkennen vergroot dat je kansen. En wat voor bedrijven steeds
belangrijker wordt is dat je ook andere vaardigheden hebt opgedaan, ook als
dat niet in je studierichting is.’’
Maar vooral de sollicitatietrainingen zijn volgens Spieard belangrijk.
Voorhuijzen heeft na het afstuderen zo'n training gevolgd. Hij denkt dat
het zeker kan helpen, maar dan moet je wel weten waar je precies op wilt
solliciteren. Dat was voor hemzelf aanvankelijk niet zo helder.
,,In totaal heb ik ongeveer tussen de 20 en 25 sollicitatiebrieven
gestuurd, voornamelijk open sollicitaties. Ik had weinig idee van op wat
voor functie ik wilde solliciteren, dus daardoor waren de brieven misschien
iets te open. Ik kan me goed voorstellen dat iemand bij zo'n instelling dan
zoiets heeft van: bij wie leg ik dat nu weer in het postvak.’’
Harriëtte Snoek had wel een helder doel voor ogen. In café De Zaaier
vertelt ze over haar frustrerende ervaringen. Afgestudeerd in de
voedingsrichting wilde Snoek het onderzoek in en dan het liefst als AIO. Na
een jaar wil ze dat nog steeds, al is het moeilijk om gemotiveerd te
blijven wanneer je keer op keer wordt afgewezen. ,,Op een gegeven moment
heb je niet zo’n zin meer, dan word je moedeloos.’’
Terwijl ze verder vertelt komt René van Oosten binnen. ,,Lotgenoot’’,
begroet Snoek hem, terwijl hij aanschuift. Ze waren inderdaad lotgenoten,
beaamt econoom Van Oosten. Maar sinds drie weken heeft hij een baan bij
zuivelbedrijf Campina; het halve jaar van brieven schrijven, bellen en op
gesprekken komen heeft eindelijk vruchten afgeworpen. Tegen zijn eigen
verwachting in was het niet gemakkelijk. ,,De eerste sollicitatie was een
eye-opener. Ik dacht dat ik een hele goede brief had geschreven, maar toen
werd ik toch afgewezen.’’
Vooral het gebrek aan ervaring van jonge ingenieurs wordt gezien als een
grote tekortkoming. Niet omdat van pas afgestudeerden meer wordt verwacht,
maar omdat werkgevers ook keuze hebben uit een groeiend aantal
werkzoekenden mèt ervaring.
Dat dit een probleem is wordt door Spieard beaamd. Volgens hem heeft KLV
professional match nog best wel vacatures in de aanbieding, vooral in de
milieuhoek, maar wordt altijd de nodige ervaring gevraagd. ,,Het zijn wat
zwaardere vacatures, niet geschikt voor net afgestudeerden. Die
verschuiving zie je altijd als de economie achteruit gaat; bedrijven hebben
liever iemand met meer ervaring, want die is direct inzetbaar. Dat geeft
meer zekerheid.’’
Snoek dacht desondanks dat een AIO-baan toch wel te vinden moest zijn. Dat
viel tegen, want ook die banen zijn tegenwoordig gewild. Volgens Snoek
maakt het ook uit dat iemand die naar een AIO baan zoekt erg kritisch is.
,,Als je heel goed weet wat je wilt sluit je ook veel dingen uit.’’
Dat kan wel zo zijn, denkt Van Oosten, maar solliciteren op banen die je
eigenlijk niet liggen leidt meestal ook tot niks. Zelf was hij op zoek naar
een logistieke functie in het bedrijfsleven. Uiteindelijk verbreedde hij
zijn focus, maar zonder resultaat. ,,Ik heb ook op inkoopfuncties
gesolliciteerd, maar daar viel ik wel door de mand. Het is heel belangrijk
dat je kan onderbouwen waarom je solliciteert.’’ Toen Van Oosten reageerde
op een vacature die precies in zijn straatje paste was het dan ook
eindelijk raak.
Ook Snoek geeft de hoop niet op. ,,Ik zeg altijd maar: je hebt maar één
baan nodig.’’ Tot die tijd heeft ze ook een baan. Bij de universiteit, maar
helaas niet in het onderzoek; Als receptioniste werkt ze in het
biotechnion. Ze is blij dat ze dit gevonden heeft, want ook uitzendbaantjes
zijn tegenwoordig dun gezaaid. Snoek: ,,Dat je geen baan kan vinden op je
eigen vakgebied ligt nog een beetje aan je eigen eisen, maar dat je zoveel
moeite moet doen voor een receptiebaantje had ik niet verwacht.’’
Afgestudeerden die geen uitkering willen aanvragen zijn veelal aangewezen
op uitzendbureaus. Ook Voorhuijzen had zich overal ingeschreven. ,,Als je
niet langere tijd beschikbaar bent hebben ze weinig in de aanbieding. Dan
kan je achter de vuilniswagen terecht of aan de lopende band’’, zegt hij.
,,Ook aan het KLV detacheringbureau heb ik geen bal gehad.’’
De bioloog had gehoopt dat hij via een leuke uitzendbaan vanzelf verder zou
rollen in zijn vakgebied. Dat lukte niet en uiteindelijk werkte hij een
tijd lang in een slijterij en als klusjesman voor de plantenziektekundige
dienst.
Maar na bijna een jaar weinig motiverend werk gedaan te hebben kreeg
Voorhuijzen er genoeg van. Na gesprekken met een studiegenoot die de
lerarenopleiding had gevolgd besloot hij zich te oriënteren op het
onderwijs. Die oriëntatie duurde kort, want na een telefoontje om
informatie kon hij direct langskomen bij de lerarenopleiding in Nijmegen.
,,Ik heb me diezelfde ochtend nog ingeschreven. Binnen een halve dag volgde
ik een nieuwe opleiding, was ik 1500 euro armer, had ik al een stageplaats
en was m’n nabije toekomst bepaald. Zeker voor een doler als ik, is het
heel prettig om al die energie eens een goede kant op te sturen’’
Dolers; volgens Spieard van Professional match kan je in deze tijden als
werkzoekende het best een duidelijk doel voor ogen hebben. Niet voor niks
ligt op de tafel van sollicitatietrainer Lap het 'parachutenboek' voor
carrièreplanners.
Maar er ligt nog een boek: De Alchemist, van Paulo Coelho. De achterflap
beschrijft waar deze fabel over gaat: ,,Als nomaden dolen wij schijnbaar
door de eindeloze woestijn om tenslotte die plek te bereiken waar ook ons
hart zich bevindt.’’
Voorhuijzen heeft die plek voorlopig gevonden. Het was niet wat hij voor
ogen had toen hij afstudeerde en eigenlijk had hij geen idee waar hij aan
begon toen hij besloot om leraar te worden. Spijt heeft hij echter geen
moment gehad. ,,Vandaag heb ik flink op mijn flikker gekregen Het was voor
het eerst dat de klas niet
wilde luisteren.’’ Even later zucht hij: ,,Het is geweldig.’’|
L.M.

Re:ageer