Wetenschap - 21 juni 2007

Aardappelgif zet cholesterolgenen aan

874_nieuws.jpg
874_nieuws.jpg

Foto: bvBeeld

Giftige verbindingen in de schillen en uitlopers van aardappels laten cellen meer cholesterol aanmaken en activeren groeiprocessen. Dat ontdekten Wageningse onderzoekers die de effecten van een natuurlijk aardappelgif op darmcellen onderzochten met DNA-arrays.
‘Glycoalkaloïden zijn de reden dat we aardappels schillen en de uitlopers, de oogjes en groene stukjes van aardappels wegsnijden’, zegt dr. Ad Peijnenburg van onderzoeksinstituut RIKILT. ‘Ze bevatten natuurlijke glycoalkaloïden, en die zijn giftig. Ze veroorzaken buikpijn, misselijkheid en diaree en kunnen in extreme hoeveelheden zelfs dodelijk zijn.’
De meest voorkomende glycoalkaloïden in aardappels zijn chaconines en solanines. Peijnenburg en zijn collega’s onderzochten de meest actieve daarvan, alpha-chaconine. Ze stelden menselijke darmcellen bloot aan verschillende concentraties van de giftige stof, en bestudeerden vervolgens welke genen daardoor aan of uit gingen staan.
‘We zagen dat alpha-chaconine het celmembraan beschadigde’, zegt projectleider Peijnenburg. ‘En we zagen dat alpha-chaconine vooral genen aanzette. Het meest opvallend was dat bijna de helft van de genen die de aanmaak van cholesterol regelen harder ging werken.’
Cholesterol is een bestanddeel van het celmembraan. De reactie betekent waarschijnlijk dat de cel probeert de schade te repareren die alpha-chaconine veroorzaakt.
Dat geldt ook voor de andere genen die alpha-chaconine in de cellen activeert. Veel daarvan zijn betrokken bij het metabolisme van aminozuren en de aanmaak van groeifactoren. Ook het mechanisme waarmee de cel cholesterol uit zijn omgeving opneemt gaat harder werken.
‘Bij lage concentraties alpha-chaconine slagen de cellen erin om te overleven’, vat Peijnenburg samen. ‘Maar als de blootstelling ernstiger wordt, leggen ze op een gegeven moment het loodje.’
Het eerste deel van het onderzoek verschijnt binnenkort in Food and Chemical Toxicology. Eerste auteur van het artikel is promovenda Tafadzwa Mandimika. Het onderzoek is onderdeel van het EU-project Noforisk. In het project ontwikkelen wetenschappers nieuwe beoordelingsmethoden voor de veiligheid van nieuwe voedingsmiddelen.

Re:ageer