Wetenschap - 22 september 2016

‘Aantal rassen daalt niet door fusie’

tekst:
Albert Sikkema

Chemieconcern Bayer wil biotechnologiebedrijf Monsanto overnemen voor 59 miljard euro. Als de inlijving doorgaat, krijgt Bayer ruim 30 procent van de wereldwijde markt van landbouwzaden en bestrijdingsmiddelen in handen. Daarmee zou Bayer-Monsanto iets groter zijn dan het Chinese staatsbedrijf ChemChina, dat begin dit jaar het Zwitserse Syngenta overnam. Richard Visser, hoogleraar Plantenveredeling, denkt niet dat door de fusie op korte termijn minder plantenrassen op de markt komen.

Is deze fusie een slechte zaak?

‘De fusie is vanuit economisch oogpunt heel interessant, want de bedrijven zijn erg complementair. Bayer is groot in gewasbescherming en Europa, Monsanto in veredeling van belangrijke gewassen en het middel Roundup. Voor de zaadveredeling in groenten betekent de fusie dat ze samen een aandeel bereiken van circa 25 procent. Een grote speler dus. Ik verwacht niet dat er op korte termijn minder rassen op de markt gaan komen door deze fusie. De schaalvergroting is al jaren gaande en het aantal nieuwe rassen is niet gedaald tot dusverre.’

De fusie moet in liefst dertig landen de zegen krijgen van de mededingingsautoriteiten. Hoe groot acht u de kans dat die de nieuwe combinatie te dominant vinden?

‘Lastige vraag, ik ben geen mededingingsautoriteit. Zowel in Europa als de VS zal men serieus naar deze megafusie kijken. Als deze nieuwe fusiecombinatie 25 procent van de wereldhandel in groentezaden in handen krijgt, dan lijkt de dominantie beperkt, omdat de overige 75 procent niet in hun handen is.’

Wat betekent dit voor het Nederlandse veredelingsonderzoek?

‘Bayer en Monsanto hebben beide Nederlandse veredelingsbedrijven overgenomen, dus ik kan me voorstellen dat men in Nederland gaat concentreren en naar minder locaties gaat. Ook zie je vaak dat de managers eerst intern een goed overzicht willen krijgen van het onderzoek in het fusiebedrijf en wat dat kan betekenen voor hun innovatie. Dit heeft tot gevolg dat de bedrijven een aantal jaren minder deelnemen aan publiek-private onderzoeksprojecten, waaronder samenwerking met de WUR.’


Re:ageer