Wetenschap - 17 maart 2015

Aantal megastallen niet verdrievoudigd

tekst:
Albert Sikkema

‘Het aantal megastallen is de afgelopen jaren bijna verdriedubbeld, blijkt uit onderzoek van Alterra.’ Dit persbericht van Milieudefensie werd door veel landelijke kranten klakkeloos overgenomen, maar klopt het ook? Nee, beaamt Alterra-onderzoeker Edo Gies.

De landelijke pers – Trouw, ANP, Financieel Dagblad en Leeuwarder Courant – meldde afgelopen week dat het aantal megastallen de afgelopen jaren bijna is verdrievoudigd. Dat bleek uit onderzoek van Alterra. Het aantal stallen was gegroeid van 301 in 2005 naar 803 in 2013, meldden de kranten. Bijna drie keer zoveel, ofwel een groei van 166 procent. Alleen gingen deze cijfers over het aantal grote bedrijven en niet over het aantal grote stallen, beaamt Alterra-onderzoeker Edo Gies.

Er waren in 2005 235 megastallen, exclusief kippenbedrijven, en in 2013 554 megastallen, exclusief kippen. Dus het aantal grote stallen groeide de afgelopen 8 jaar met 136 procent. Dat komt overeen met een ruime verdubbeling. ‘In ons onderzoek hebben we zowel het aantal megabedrijven als megastallen aangegeven’, zegt Gies, ‘maar Milieudefensie heeft daar een eigen interpretatie aan gegeven in haar factsheet.’ Ofwel: die heeft ‘bedrijf’ veranderd in ‘stal’.

Maakt dat uit? Ja, van alle grote bedrijven heeft niet meer dan 70 procent een grote stal. Dertig procent van de megabedrijven heeft op meerdere locaties kleinere stallen staan. Dan heeft een varkenshouder bijvoorbeeld de bedrijfslocatie van een andere veehouder overgenomen. Gies heeft dat verschil aangegeven bij Milieudefensie en dagblad Trouw, maar daar werd niets mee gedaan. Milieudefensie voert campagne tegen de megastal en zit niet te wachten op subtiele verschillen.

Milieudefensie vindt het onderscheid tussen megastallen en megabedrijven onbeduidend en stelt in een reactie dat de conclusies - een sterke groei van megastallen - overeind staan.

Ook de betekenis van de groei van het aantal megastallen is nogal eenzijdig weergegeven in de media. ‘Een megastal is niet nadelig voor het dierenwelzijn, integendeel’, zegt Gies. ‘Nieuwe stallen zijn welzijnsvriendelijker, duurzamer en efficiënter dan bestaande stallen. Dus door de groei van het aantal megastallen wordt de Nederlandse veehouderij steeds duurzamer, op landelijke schaal. Maar op lokaal niveau leidt zo’n grote stal vaak tot een mest- en geurprobleem, zeker als er meer veehouders in de buurt zitten’, zegt Gies. ‘Op dat lokale niveau is er niet voor niets zoveel weerstand tegen megastallen, niet alleen van actiegroepen maar ook van omwonenden.’

Voor de derde keer telde Gies het aantal megastallen in Nederland. Dan gaat het om bedrijven met meer dan 250 melkkoeien, 2.500 vleeskalveren, 1.200 zeugen, 7.500 vleesvarkens, 120.000 leghennen of 220.000 vleeskippen. Dit jaar zijn daar bedrijven met meer dan 1.500 geiten aan toegevoegd. Die aantallen zijn arbitrair, stelt Gies, maar gemiddeld heeft een veehouder een erf van anderhalve hectare nodig om zo’n groot stallencomplex te kunnen huisvesten.

Gies telde het aantal megastallen voor de derde keer. De eerste keer in 2005, in opdracht van het milieuministerie die cijfers wilde over megastallen voor de discussie over reconstructiegebieden voor de intensieve veehouderij. De tweede keer in 2010, in opdracht van het ministerie van EZ, toen de commissie-Alders een dialoog hield over megastallen. En nu (met cijfers uit 2013) in opdracht van Milieudefensie, die net voor de provinciale verkiezingen aandacht wil voor de grote stallen. De trend is wat hem betreft duidelijk. ‘Het aantal megastallen groeit, de schaalvergroting gaat door.’

<foto: www.melkvee.nl>





Re:ageer