Wetenschap - 1 januari 1970

Aantal gevallen ziekte van Lyme verdubbelt

Aantal gevallen ziekte van Lyme verdubbelt


Onderzoeksfinanciering ondanks veelbelovende resultaten onzeker

Net nu blijkt dat het aantal gevallen van de ziekte van Lyme explosief
stijgt, lijkt het er op dat onderzoekers grip krijgen op de ingewikkelde
cyclus van de besmettelijke Lyme-bacterie en de teken waarin hij huist. De
onderzoekers hebben aanwijzingen die zicht bieden op het voorspellen van
Lyme-besmetting. Verder onderzoek is nodig, maar de financiering daarvoor
is onzeker. De onderzoekers gaan Lyme onderzoek vandaag proberen op
volksgezondheidsagenda te zetten met een symposium.

Onderzoekers van ID-Lelystad, Alterra, de leerstoelgroepen Entomologie en
Natuurbeheer van Wageningen Universiteit en het Rijksinstituut voor
Volksgezondheid en Milieu (RIVM) doen sinds 2000 onderzoek naar het
voorkomen van Lyme in Nederland. Uit meldingen bij huisartsen, geteld door
het RIVM, en bij ziekenhuizen, geteld door stichting Prismant, blijkt dat
de ziekte van Lyme sinds 1994 is verdubbeld van bijna zevenduizend gevallen
tot ongeveer veertienduizend gevallen. Vooral in Noord-Groningen, Limburg
en het zuiden van Noord-Brabant is het aantal gevallen van Lyme gestegen.
Dr Wilfrid van Pelt van het RIVM denkt dat de enorme stijging samenhangt
met de toenemende recreatie, want in die gebieden is ook het aantal
toeristische overnachtingen tussen 1994 en 2001 verdriedubbeld. Een andere
reden voor de stijging is volgens Van Pelt de toename van het aantal
paardenhouderijen en maneges.
De ziekte van Lyme is een ernstige besmetting. Een kwart van de besmette
mensen houden er blijvende reumatische en neurologische verschijnselen aan
over,,Die lopen grote kans in de WAO terecht te komen'', denkt dr Willem
Takken van de leerstoelgroep Entomologie. Toch is er nog betrekkelijk
weinig bekend van de cyclus die leidt tot Lyme, waarin naast verschillende
stammen van de bacterie Borrelia, verschillende tekensoorten en een grote
diversiteit aan gastheren voor de teken een rol spelen.
De eerste resultaten van twee verschillende onderzoeken lijken echter
veelbelovend. Zo wijzen alle gegevens er op dat wandelaars in de duinen de
meeste en in droge heide de minste kans lopen op een tekenbeet met Lyme-
besmetting. Dr Fred Borgsteede van ID-Lelystad en dr Gerard Jagers op
Akkerhuis van Alterra vonden daarnaast aanwijzingen dat muizen - in het
speciaal de bos- en de woelmuis - een belangrijke rol spelen in de
verpreiding van de Lyme-besmetting van teken. In jaren dat er veel muizen
waren in gebieden was er ook veel Lyme-besmetting. Entomoloog Takken vond
samen met dr Ruben Smit van Natuurbeheer via experimenteel onderzoek dat
teken ook in de winter actief kunnen zijn, bij temperaturen tot twee graden
Celsius.
Het zijn allemaal tekenen dat de wetenschap grip lijkt te krijgen op de
ingewikkelde Lyme-cyclus. Het onderzoek werd tot nu toe betaald door het
ministerie van LNV, maar of er geld is voor het verdere onderzoek is
onzeker. Met de onderzoeksresultaten lijken de onderzoekers echter een
wapen in de hand te hebben in de zoektocht naar verdere financiering. |
M.W.

Zie ook pagina 3: In duinen maakt recreant meeste kans op besmette
tekenbeet

Re:ageer