Wetenschap - 1 januari 1970

Aan ophef over zoetstof zit calvinistische bijsmaak

Twee glaasjes frisdrank light en een glas yoghurtdrank light bevatten samen meer zoetstoffen dan kleine kinderen op een dag mogen binnenkrijgen. Als die dranken tenminste zijn gezoet met cyclamaat. Met die waarschuwing alarmeerde de Voeding en Waren Autoriteit (VWA) verleden week ouders. Volgens zoet-expert dr Kees de Graaf van de afdeling Humane voeding zit er een calvinistische bijsmaak aan de ophef over smaakstoffen.

De zoetstof waarvoor de VWA waarschuwde is er eentje van de eerste generatie. De industrie gebruikt hem al tientallen jaren. In 1969 verbood de Amerikaanse overheid hem omdat hij in muizen kanker zou veroorzaken. In enorme hoeveelheden, welteverstaan, waarvoor man en muis meerdere honderden blikjes gezoete frisdrank per dag zouden moeten drinken.
In Europa en Nederland is het nooit tot een verbod gekomen. Wel verscherpt de VWA de richtlijnen voor cyclamaat. Producenten mogen met ingang van 1 januari 2006 minder cyclamaat in dranken stoppen dan nu het geval is. Dat moet ervoor zorgen dat kleuters die kunstmatig gezoete limonade drinken, niet meer boven de norm uitkomen. Fabrikanten mogen trouwens geen zoetstoffen gebruiken in levensmiddelen die speciaal voor kleine kinderen zijn gemaakt. Maar, erkent de VWA, het is niet helemaal te voorkomen dat peuters en kleuters producten gebruiken die voor volwassenen zijn bedoeld.

Slechte naam
Ondanks de strikte regelgeving hebben zoetstoffen een slechte naam. ‘Bij een niet erg grote maar fanatieke groep mensen’, zegt De Graaf. ‘Die zijn vastbesloten om ze niet te gebruiken. Op internet kom je nog groter fanatiekelingen tegen die het als hun levenswerk beschouwen om zoetstoffen verboden te krijgen.’
Zoetstoffen zijn al oud. De eerste die de industrie ging gebruiken, sacharine, is in de negentiende eeuw ontdekt en kwam al voor de tweede wereldoorlog op de markt. Aspartaam is pas in 1965 ontdekt. Maar ongeacht over welke zoetstof je het hebt, volgens de anti-zoetstoffenlobby veroorzaken ze kanker, de ziekte van Parkinson en een keur van andere ziekten. Recente overzichtsstudies schatten de kans daarop bescheiden in. Heavy users krijgen dagelijks maximaal een tiental milligrammen zoetstoffen binnen, terwijl ze volgens recente overzichtsstudies aan anderhalve gram zoetstoffen per dag zouden moeten komen om een verhoogde kans op kanker te krijgen.
De ophef over zoetstoffen heeft meer met psychologie dan met wetenschap te maken, denkt De Graaf. ‘We associëren zoet met plezier en genot’, zegt hij. ‘En waar je te maken hebt met genot is ook het verbod niet ver. Ik weet niet of je daar een verbinding met het schuldbewuste calvinisme kunt maken, maar het zou me niet verbazen. Daar komt nog bij dat zoet ook herkenbaar is. Als mensen nadat ze iets zoets hebben gegeten ergens last van krijgen, dan maken ze al snel de associatie met zoetstoffen of suiker. Die stoffen krijgen dan de schuld.’

Minder suiker
Daarom gaan er ook over ordinaire suiker nare verhalen. ‘De slechte reputatie van suiker was er al in de jaren zestig’, zegt De Graaf. ‘Toen riep een onderzoeker als John Yudkin al op om minder suiker te eten. Hij heeft er zelfs een boek over geschreven. Pure, White and Deadly heette het.’
Yudkin was één van de eerste voedingshoogleraren in Europa. Al in 1958 vond hij dat consumenten voorzichtig moesten zijn met koolhydraten, en in Pure, White and Deadly stelde hij voor om ouders gevangenisstraf te geven als ze hun kinderen teveel suiker gaven. Hij suggereerde ook dat een hoge suikerinname de kans op diabetes, artritis en ADHD verhoogt.

‘Je kon het met Yudkin eens zijn of niet, maar wat hij vertelde was nog ergens op gebaseerd’, zegt De Graaf. ‘Maar zijn navolgers produceerden pulp. Zij kwamen met beweringen waar geen enkele grond voor is, en vertelden dat je van suiker crimineel en schizofreen wordt.’
Is de naam van suiker al slecht, die van zoetstoffen is nog slechter, weet iedereen die wel eens rondneust op internet. Daar vechten fanatici al jarenlang een verbeten strijd tegen de zoetstof aspartaam, die multiple sclerose, ME, hersentumoren en suikerziekte zou veroorzaken.
De website aspartamekills.com vergelijkt bijvoorbeeld producenten, politici en bestuurders met Adolf Hitler, omdat ze weigeren aspartaam van de markt te halen. Aspartaam, beweert de website, maakt net zoveel slachtoffers als de Holocaust. Het verhaal dat aspartaam gevaarlijk is voor de gezondheid, is door kenners van Urban Legends inmiddels gerubriceerd als Broodje Aap-verhaal. Maar dat doet niets af van de verbetenheid waarmee de tegenstanders van aspartaam hun strijd voeren.

Chemie-angst
‘In het geval van zoetstoffen komt er nog een psychologische dimensie bij’, zegt De Graaf. ‘Zoetstoffen zijn synthetisch en horen volgens sommige consumenten niet thuis in ons eten. Zoetstoffen prikkelen de chemie-angst die altijd op de loer ligt, zeker omdat ze aangename ervaringen oproepen. In de hoofden van de tegenstanders zijn het instrumenten van de kwaadwillende industrie, die hidden persuaders in voeding stopt om consumenten in het geniep verslaafd te maken.’
De van paranoia en schuldgevoelens doortrokken mythen over synthetische zoetstoffen doen geen recht aan wat zoetstoffen voor de gezondheid kunnen betekenen, vindt De Graaf. ‘Zoetstoffen kunnen helpen in de strijd tegen overgewicht. Van suiker in de vorm van frisdrank weten we bijvoorbeeld dat die extra makkelijk dik maakt. De teller, waarmee het lichaam registreert hoeveel calorieën het binnenkrijgt, is blind voor suikers in frisdrank. Als je overdag veel suikers binnenkrijgt in de vorm van frisdrank, dan eet je daar ’s avonds geen aardappel minder om. Daarom is light-limonade een uitkomst. Daar blijf ik bij.’ /

Willem Koert

Re:ageer