Student - 8 januari 2009

APPELSCHIL

nieuws_2768.jpg
nieuws_2768.jpg

Foto: .

Het is maandagmiddag, ik loop het studentenhuis van de buren binnen. Op tafel staat een gebruikte koffiemok. Een restje van de bruingekleurde vloeistof zit aan het aardewerk vastgeplakt. Een pan met etensresten staat verlaten op het aanrecht, omringd door stapels koffiepads en nog meer gebruikte mokken. Vanuit de koelkast bereikt de penetrante geur van een yoghurtknoflooksausje mijn neus. Diver¬se borden, verspreid over de keuken, liggen vol met appelschillen, klokhuisresten en schilmesjes. De vrolijk knipperende kerstverlichting aan de muur maakt het beeld alleen maar schrijnender. Mijn mond valt open.
‘Ja, ze was dit weekend hier’, zegt Aart. Lachend kijk ik hem aan, hij lacht beslist niet. ‘Ze is weg, ik weet niet wanneer ze terugkomt en ik moet koken’, deelt hij mee. Zijn hangende schouders geven mijn smalgebouwde straatgenoot een hulpeloze indruk, al laat z’n samengetrokken mond ook wat nijd zien. Ik doe de vaatwasmachine – ja die is er – open. Een ondefinieerbare stank komt naar buiten. Als Aart begint te kokhalzen sluit ik de klep.
Ik raap de vele appelschillen bij elkaar, die ogen tenminste onschuldig. Aart ontfermt zich over de andere etensresten. ‘Nou, Man bijt hond zou dit prachtig vinden’, moppert hij, terwijl hij een panlading vegetarisch gehakt in de vuilnisbak deponeert. Ik ben inmiddels bezig om lege bierblikjes weg te gooien.
Een pannetje met vers eten pruttelt op het fornuis. X – het onderwerp van mijn publieke roddel verdient enige privacy – huppelt de kamer binnen en informeert ongeduldig of er wel aan haar vegetarische schnitzel is gedacht.
Aarts gezicht kookt en hij ademt hoorbaar. Dan ineens verrassend rustig: ‘X, zou je de volgende keer de keuken wat netter achter willen laten.’ De toon staat in schril contrast tot de rode vlekken in Aarts nek.
X antwoordt: ‘Nou, dit is echt absurd. Jíj vergeet ook wel eens de trap te zuigen.’ Grommende adempauze. ‘Ik heb echt alle reden om héél boos te worden, on-ge-loof-lijk! Jullie doen net of ik lui ben, hè.’ Opnieuw adempauze, dit keer vergezeld van gestamp. ‘En denk maar niet dat ik vanavond de afwas ga doen!’
Warm water spat in de afwasbak, schuim komt bovendrijven. X is weer vertrokken. Aart bijt in zijn onderlip terwijl ie met een afwasborstel een pan te lijf gaat. ‘Gelukkig nieuwjaar’, zegt ie. ‘Gelukkig nieuwjaar.’

Re:ageer