Wetenschap - 1 januari 1970

AIO’s willen dunnere proefschriften

AIO’s willen dunnere proefschriften

AIO’s willen dunnere proefschriften


De werkgroep Jongen Onderzoekers van aio’s (assistenten in opleiding) en
aio-coördinatoren wil naar een algemene norm voor de omvang van het
proefschrift, zodat aio’s niet te lang bezig zijn. Verder denkt de
werkgroep dat bestaande problemen rond begeleiding van promovendi op te
lossen zijn door zowel de aio’s als de begeleiders op cursus te sturen. Dit
schrijven zij in een onlangs verschenen conceptnota.

De werkgroep Jonge Onderzoekers is een jaar geleden gestart met als doel
onderzoeksbanen aantrekkelijker te maken voor afgestudeerden en de
promotieduur terug te brengen van gemiddeld 5,5 naar vier jaar. Ook het
college van bestuur zou graag zien dat zestig procent van de promovendi na
vier jaar het proefschrift heeft geschreven, blijkt uit het concept
instellingsplan van Wageningen UR. Hoe ze dat willen bereiken blijft echter
onduidelijk.
De werkgroep heeft voor het college van bestuur wel een aantal concrete
aanbevelingen. Ir Stefan de Graaf, lid van de werkgroep en aio bij de
leerstoelgroep meet-, regel- en systeemtechniek: ,,We stellen onder meer
voor een norm van vier hoofdstukken met een inleiding en een discussie te
hanteren voor de omvang van het proefschrift, zodat het niet te omvangrijk
wordt.’’ Nu worden bovendien veel van de hoofdstukken van proefschriften,
waarschijnlijk door tijdgebrek, uiteindelijk niet gepubliceerd, terwijl die
voor leerstoelgroepen belangrijke wetenschappelijke publicaties zouden
kunnen zijn.
Onderzoeksscholen zouden ook bij het beoordelen van onderzoeksprojecten
meer dan nu aandacht moeten schenken aan de vraag of het project in vier
jaar is af te ronden. ,,Omdat aio’s goedkope onderzoekers zijn wordt daar
niet altijd goed naar gekeken’’, aldus De Graaf. Begeleiders zouden volgens
de werkgroep op cursus moeten om te leren hoe ze aio’s beter kunnen
bijstaan. Omdat promovendi nog wel eens enkele algemene vaardigheden missen
beveelt de werkgroep aan van nieuwe aio’s een sterkte-zwakteanalyse te
maken en daar vervolgens aan te werken. Mocht er toch vertraging optreden
door ziekte of gebrek aan onderzoeksruimte, dan moet een aio kunnen
terugvallen op centraal gemaakte afspraken over formele gronden voor
verlengingen. De Graaf: ,,Dit om rechtsongelijkheid van aio’s te
voorkomen.’’ Tot slot moet er een centraal punt komen voor informatie over
rechten en regels voor promovendi.
De kosten van de plannen kunnen volgens de werkgroep Jonge Onderzoekers
gedekt worden uit overheidsgeld dat sinds 2000 is ontvangen voor
verbetering van de arbeidsvoorwaarden van aio’s maar nog niet geheel is
besteed.
Volgens dr Fre Pepping, die vanuit onderzoeksschool VLAG meewerkte aan het
rapport, ligt het belang van het rapport er vooral in dat het uit de
onderzoeksscholen zelf komt. Hij is wel sceptisch over het aanbieden van
cursussen. ,,Veel docenten zullen te eigenwijs zijn om ze te volgen.’’ Meer
heil verwacht hij van minder ambitieuze vraagstellingen voor
promotieonderzoeken. Pepping vindt het verder raar dat er voor aio’s nog
steeds geld op de plank ligt. ,,Als er één groep is die een extra schep
haver moeten hebben zijn het de aio’s wel.’’ |
Y.d.H.

Re:ageer