Wetenschap - 9 oktober 1997

Wetenschappers moeten het debat voeden

Wetenschappers moeten het debat voeden

Wetenschappers moeten het debat voeden
Veerman wil discussie over onderzoeksthema's
Het college van bestuur nodigt LUW en DLO uit deze maand te discussieren over negen maatschappelijke onderzoeksthema's. Kan de Nederlandse varkenshouderij ecologischer produceren, worden de nieuwe technieken van de Wageningse biotechnologen begrepen en geaccepteerd? Het is niet meer voldoende dat vier collega's in je vakgebied zeggen dat je excellent bent, stelt collegevoorzitter Cees Veerman
Om tot een fusie tussen LUW en DLO te komen, wil het nieuwe college van bestuur deze herfst een brede Wageningse discussie organiseren over belangrijke maatschappelijke thema's voor het kenniscentrum. Bij elk initiatief moet een trekker een groep wetenschappers bij elkaar brengen om zo'n thema te bespreken. Het college geeft nadrukkelijk aan dat ook studenten bij de discussie betrokken moeten worden. De discussies moeten eind oktober zijn afgerond, zodat het bestuur een strategisch plan voor het kenniscentrum kan opstellen
In zijn nieuwe werkkamer op Duivendaal licht collegevoorzitter Cees Veerman doel en aanpak van de discussie toe. In de kamer hangen twee grote foto's: pas omgeploegde, in de zon glinsterende vette klei, en een vergezicht op een areaal met wintergerst. Symbolisch? Ja, je moet eerst ploegen om te kunnen oogsten.
Veerman denkt dat het integratieproces bij LUW en DLO geleidelijk moet groeien. Voorwaarde daarbij is dat het personeel en de studenten met voorstellen en aanbevelingen komen. We kunnen als raad van bestuur van het kenniscentrum wel een beslissing nemen, maar de cultuur binnen de universiteit verzet zich daartegen. Het is wat anders dan een fabriek.
Veerman bezoekt momenteel in hoog tempo de LUW-departementen en DLO-instituten en is onder de indruk geraakt van wat Wageningen allemaal in huis heeft. Bovendien bespeurt hij een groot enthousiasme om het kenniscentrum op te bouwen. Zo zijn de biomoleculaire wetenschappers van de LUW samen met de DLO-instituten ATO en Rikilt een rapport aan het voorbereiden over hoe ze hun onderlinge verbanden willen structureren. Dat geeft moed. Nu politiek de kogel door de kerk is, denken ze: Nu zal het ook gebeuren.
Gideonsbende
De voorzitter schat in dat twintig procent van het personeel enthousiast is over de vorming van het kenniscentrum. Zestig procent is gereserveerd, twintig procent denkt: Het wordt niks. Dat zie je overal bij fusieprocessen. Het gaat erom die eerste twintig procent op te sporen, die Gideonsbende. Die moet de drijvende kracht worden.
Met hen wil Veerman het in elk geval hebben over de maatschappelijke verantwoordelijkheid voor hun onderzoek, zoals hij reeds aangaf bij de opening van het academisch jaar. Dan wordt er gezegd dat ik een ethisch reveil wil, maar ik bedoel wat anders. Ik vind dat de politieke discussie niet alleen gevoed moet worden door de beroepspolitici. Het gaat om een maatschappelijke discussie. En omdat het werk van wetenschappers grote consequenties heeft voor de samenleving, moeten ze als eerste betrokken zijn bij zo'n discussie. Wetenschappers moeten het debat voeden, bijdragen aan de meningsvorming.
Die maatschappelijke opstelling vereist dus meer dan als wetenschapper te zeggen: Dit is mijn onderzoek; de politiek moet maar beslissen. Je ziet die omslag in het denken ook bij het bedrijfsleven. Lange tijd dacht het bedrijfsleven: We doen gewoon wat wij goed vinden en zorgen voor onze maatschappelijke legitimatie via een goed pr-verhaal. Toen kwam de Brent Sparr die Shell wilde laten afzinken. Ze hebben nu geleerd zich rekenschap te geven wat de maatschappelijke invloed is van hun handelen. Bij nieuwe technieken wordt de vraag gesteld: Wordt dit begrepen en geaccepteerd; hebben we een licence to produce? Dat moeten de biotechnologen in Wageningen zich ook afvragen.
Thermometer
De fundamentele onderzoekers aan de universiteit moeten zich rekenschap geven van die maatschappelijke rol, meent de voorzitter. In de eerste plaats moeten ze natuurlijk goed zijn in hun vakgebied en goed publiceren in vakliteratuur. Daar worden ze ook op beoordeeld. Maar het is niet meer voldoende dat vier collega's in je vakgebied zeggen dat je excellent bent. Ik voorspel dat ook andere criteria van belang worden bij de beoordeling van onderzoek.
De fusie moet er niet toe leiden dat goed onderzoek wordt samengevoegd met fuss. Maar we kunnen ons wel afvragen: Kan het efficienter, is er ongezonde interne concurrentie? De doorstroming van kennis moet toenemen, er moet een open onderzoekssamenleving ontstaan.
In die samenleving is het goed mogelijk dat een groep onderzoekers in opdracht van Unilever het nut van antioxidanten in voedingsmiddelen onderzoekt, terwijl een tweede groep grote bezwaren uit over deze toevoegingen in ons voedsel. Iedereen moet naar eer en geweten zijn inzichten weergeven. Daarbij komt dat de wetenschap inherent onzeker is, we kunnen alleen voorlopige uitspraken doen. De wetenschap zit er soms gewoon naast, toont de geschiedenis aan. Je hebt dus altijd gezonde critici nodig. We moeten het debat zeker niet uitblussen.
Directeuren
Veerman kent dus veel waarde toe aan het maatschappelijke en wetenschappelijke debat in de faculteit, maar ondertussen moeten er wel zaken worden gedaan. Om die reden gaat het college van bestuur drie directeuren aanstellen die verantwoordelijk worden voor de dagelijkse gang van zaken. Het vorige bestuur had een zekere traagheid in het afhandelen van zaken, maar deze directeuren moeten snel handelen. Als zij er niet uitkomen, hakken we in het managementteam de knoop door. Het college van bestuur is daarbij eindverantwoordelijk. Ik luister goed, maar niet voortdurend.
Een eerste proeve van die bestuursstijl is momenteel aan de orde bij de plant- en gewaswetenschappen van de LUW. Het college van bestuur heeft de hoofden van de departementen belast met de taak om reorganisaties uit te voeren. Dat is geen geringe taak. Die departementshoofden moeten daarvoor gekwalificeerd zijn. Ze zijn voortgebracht door een interne procedure bij de departementen en het college gaat straks evalueren of ze deze testcase hebben volbracht. We zullen ze ook krachtig ondersteuning geven.
Discussiegroepen rond KCW-accenten voor innovatie
  • Plattelandsontwikkeling en multifunctionaliteit van de groene ruimte
    Trekker: dr Andre van der Zande (DLO-Staring Centrum)
  • Voedselvoorziening en ecologisering van de primaire productie
    Trekkers: prof. dr Johan Bouma (Productie Ecologie) en dr Huub Spiertz (AB-DLO)
  • Agro-industrieel onderzoek, inclusief voedingswetenschappen
    Trekker: prof. dr Jo Hautvast (Vlag)
  • Genetisch-biologisch onderzoek en de daarbij behorende technieken
    Trekker: dr Niek Hogenboom (CPRO-DLO)
  • Ondernemerschap, management en beheer van de groene en multifunctionele ruimte
    Trekker: prof. dr Vinus Zachariasse (LEI-DLO)
  • Agroproductieketens
    Trekker: prof. dr Vinus Zachariasse
  • Milieu
    Trekker: prof. dr Sjoerd Wendelaar Bonga (M&T)
  • Advanced Systems Engineering (technische automatisering, informatisering en procesoptimalisatie in de agro-industrie)
    Trekker: prof. dr Gerrit van Straten (Agrotechniek)
  • Het systematiseren van het ontwikkelen, (her)gebruiken, operationaliseren en vermarkten van KCW-kennis
    Trekker: prof. dr Adrie Beulens (Informatica)

  • Re:ageer