Wetenschap - 4 september 1997

Wetenschap wordt steeds onbegrijpelijker

Wetenschap wordt steeds onbegrijpelijker

Wetenschap wordt steeds onbegrijpelijker
Veerman pleit voor ethisch reveil
Tijdens zijn eerste werkdag als collegevoorzitter sprak Cees Veerman tijdens de opening van het academisch jaar van de Landbouwuniversiteit. De kloof tussen de specialistische wetenschap en het brede publiek moet worden gedicht door integratie van disciplines en een praktijkgerichte aanpak, zodat de wetenschap weer zekerheden kan bieden in 's mensen onzekere bestaan, was zijn boodschap. Een samenvatting
In onze dagen valt waar te nemen dat vanuit verschillende achtergronden twijfel en scepsis wordt geuit over de rol van de wetenschap bij het tot oplossing brengen van verschillende maatschappelijke problemen. Mijns inziens ligt een belangrijk deel van deze kritiek aan de groeiende afstand tussen wetenschapsbeoefenaars en technici en het brede publiek. We zeggen dan: er is een communicatieprobleem. Een oorzaak daarvan is de sterke specialisatie in de vakwetenschappen die zelfs communicatie tussen de vakgenoten belemmert of onmogelijk maakt
We kennen denk ik allen wel de oorzaken van deze vergaande specialisatie: complexiteit van het onderwerp, carrierekansen voor de wetenschapsbeoefenaar, financieringswijze van het onderzoek en, niet in de laatste plaats, paradigmatische bijziendheid. Ook in de wetenschappelijke loopbaan biedt het mee optrekken in het cohort een grotere overlevingskans en een zekerder bestaan dan het verlaten van de groep en het kiezen van eigenzinnige wegen
Een andere oorzaak die de gesignaleerde verwijdering tussen wetenschap en publiek verklaren kan, is van fundamenteler aard. Het behelst de vraag of onze huidige wetenschap ten principale wel in staat is om echt te doorgronden hoe de werkelijkheid in elkaar zit. Twijfel aan het oude ideaal van op nuchtere waarneming en logische analyses gebaseerd kennen. Twijfel die ruimte geeft aan alternatieve visies op de structuur van de werkelijkheid en de ware bronnen van ons kennen. Kennis meer in de betekenis van ontvangen inzicht of geschouwde waarheden, al dan niet in hogere bewustzijnstoestanden verkregen of ontvangen. Men denke bijvoorbeeld aan de door velen voorgestane holistische benaderingswijze, waarbij getracht wordt het geheel te begrijpen in z'n geheel en niet door uiteenlegging van de delen, zoals de huidige analytische benadering
Vertrouwensvraag
De rol die de westerse wetenschap sinds haar ontstaan heeft kunnen spelen, namelijk zekerheid verschaffen in 's mensen bedreigd en onzeker bestaan, wordt ondermijnd door haar eigen ontwikkeling: ze wordt steeds onbegrijpelijker, ze lijkt star en ontoegankelijk en ze heeft weinig oog voor eigen falen. Kort gezegd: zijn wetenschap en techniek wel te vertrouwen? Dat is het fundamenteel wijsgerige probleem waarmee we te kampen hebben
Deze vertrouwensvraag komt mijns inziens voor een belangrijk deel voort uit de vraag naar de verantwoordelijkheid van de mens jegens de schepping, zoals ik die als christen belijdt, of jegens de natuur, zoals anderen de omgeving waarin wij leven aanduiden. Zie ik het goed, dan is de centrale kwestie welke rechten en plichten de mens heeft jegens zijn omgeving van nu en straks
Ik denk dat vakwetenschappers en technici veel te weinig aandacht hebben gehad - of kunnen hebben, zeg ik begripvol erbij - voor het systematisch trachten te overzien van de gevolgen van hun handelen in onderwijs, onderzoek en ontwikkeling. Merkwaardigerwijze gaat het in de wetenschap vaak zo dat men deze soort van vragen eerst stelt als de ongedachte, schadelijke gevolgen in alle hevigheid en omvang zich manifesteren. Mijns inziens kan geen enkele wetenschapsbeoefenaar of technicus de vraag naar de consequenties van zijn of haar handelen veronachtzamen, ontkennen of bewust terzijde leggen
Zelfonderzoek
Als niet dit soort vragen naast de traditionele vragen van nut en noodzaak worden gesteld, dan zal het vertrouwen in de wetenschap en techniek bij het brede publiek eroderen en groeit de ruimte voor allerlei esoterische en schijnbare kennisbronnen. Ik meen dus dat in KCW-verband ruimte en tijd moet worden ingeruimd voor ethische reflectie, afstand nemen en kritisch zelfonderzoek
De essentie van mijn betoog is dat vergroting van de inspanningen noodzakelijk is. Inspanningen gericht op het trachten te doorbreken van traditionele benaderingswijzen en het verlaten van de bestaande paradigma's. Ik pleit daarom in het bijzonder voor de landbouwwetenschappen voor een dubbele synthese. Een die gericht is op het tot verbinding brengen van de vakdisciplines, met name tussen de exacte en de maatschappijwetenschappen. Het doel hiervan is om de context of beschouwingswijze waarin een probleem wordt vervat te verbreden: meer aspecten komen aan de orde, minder schijnbaar duidelijke conclusies resulteren en, paradoxaal misschien, waardevoller bijdragen kunnen worden geleverd
De andere synthese betreft die tussen wetenschap en techniek en de praktijk. Het agrarisch kennissysteem heeft vanaf zijn ontstaan een grote bijdrage kunnen leveren, onder meer door de band met de praktijk. Deze binding behoeft versterking om de actuele problemen het hoofd te kunnen bieden. Zij behoeft ook nieuwe vormgeving: uitkomsten van opdrachtonderzoek en vrij toegankelijke kennis of vrij te verspreiden resultaten vereisen verschillende afspraken en handelswijzen
Leiderschapsstijl
Daar ligt de doelstelling van KCW: maak het mogelijk door integratie van wetenschappelijk onderwijs, onderzoek en techniek dat de landbouwkennisinfrastructuur zich versterkt, nieuwe wegen inslaat, syntheses zoekt en dat snellere en vollediger doorstroming en toepassing van resultaten bij belanghebbenden of opdrachtgevers wordt gerealiseerd en samenwerking tussen disciplines en instituten wordt bevorderd
Hoe zullen we daarbij te werk moeten gaan? Ik heb daar geen kant en klaar plan voor. Wij willen geen bedenkers zijn van ingewikkelde ambitieuze plannen die na detaillering en accordering secuur en vasthoudend worden uitgevoerd. Wij willen dat niet, omdat we menen dat KCW-vorming niet primair een structuur neerzetten is, maar een proces in gang zetten en begeleiden. Wij zien ons niet in de eerste plaats als hierarchisch de hoogste bazen, al suggereert onze huidige positie dat wel, wij zien ons als de eindverantwoordelijken voor het welslagen van het integratie- en omvormingsproces
Wat onze leiderschapsstijl daarbij zal zijn? Leiding geven zoals we zijn: respect hebben voor al onze medewerkers, ons belangrijkste kapitaalgoed; ruimte geven voor initiatief en creativiteit, delegeren en vertrouwen geven, de doelstellingen van KCW niet opleggen maar indruppelen zodat ze gedragen gaan worden. Open overleg voeren en vertrouwen genereren. Maar ook: geen vrijblijvendheid tolereren, niet aarzelen de loyaliteit aan te pakken, onderprestatie aan de orde stellen. En misschien wel het belangrijkste van alles: afspraak is afspraak!
Karssen: Verdubbeling aantal MSc- en PhD-studenten
De Landbouwuniversiteit moet zich in het kenniscentrum Wageningen sterker richten op de ontwikkeling van het internationale onderwijs. Dat stelde rector prof. dr Cees Karssen op 1 september bij de opening van het academisch jaar. Een verdubbeling van ons internationale onderwijs, zowel MSc als PhD, moet in de komende jaren haalbaar zijn.
Politiek lijken we de wind mee te hebben, omdat er in enkele recente overheidsnota's veel lippendienst wordt bewezen aan de export van kennis, sprak de rector. Veel meer dan dat echter niet. Nederland investeert nauwelijks in het internationale onderwijs aan de universiteiten, in tegenstelling tot andere landen, en dat lijkt onverstandig. Goed internationaal onderwijs is uiteraard allereerst van belang voor de buitenlandse student. Maar het is ook van betekenis voor het gastland. Elke goed opgeleide student is in potentie een goede ambassadeur voor Nederland.
Karssen was tevreden over de Wageningse deelname aan internationale onderzoeksprojecten. Afgelopen zomer maakte het ministerie van Economische Zaken bekend dat de LUW en DLO samen een derde van alle Nederlandse deelnames in programma's van de Europese Unie in de wacht slepen. Hij denkt dat de internationale onderzoeksportefeuille nog verder kan groeien door optimaal gebruik te maken van aanvulling en afstemming binnen KCW. (ASi)
Van Ast: KCW-functies vragen om eigen organisatie
Het kenniscentrum Wageningen heeft twee hoofdfuncties te vervullen, namelijk kennisontwikkeling en -toepassing, en kennisoverdracht. Deze functies vragen naar hun aard een eigen financiering, organisatie en aansturing. Essentieel is daarbij steeds dat de financier in de juiste maat zeggenschap heeft over de besteding van zijn middelen en dat daarover gerapporteerd wordt. Dat stelde dr ir Kees van Ast, vice-voorzitter van het college van bestuur, tijdens de opening van het academisch jaar
Hij meende overigens dat de relatie tussen de functies onderwijs en onderzoek verder versterkt kan worden, ondermeer door de inzet van DLO-deskundigen in het onderwijs. Ook gaf Van Ast aan dat het KCW-bestuur moet durven keuzes te maken in het werkterrein van LUW en DLO. Bij onze discussies en conclusies moet het belang van de klant voorop staan. Het gaat erom de student nog meer mogelijkheden te bieden en zijn positie op de arbeidsmarkt te versterken. Het gaat erom de financier van onderzoek beter en gerichter te kunnen bedienen. Volgens Van Ast is het vanaf nu niet meer zo belangrijk om voor het KCW te zijn, maar dat we eraan werken. (ASi)

Re:ageer