Wetenschap - 6 maart 1997

We wachten nog te veel af of scholen voorlichting willen hebben

We wachten nog te veel af of scholen voorlichting willen hebben

We wachten nog te veel af of scholen voorlichting willen hebben
Studentenwerving moet beter en persoonlijker worden
Bij de specialisten is bitter weinig bekend over de motieven van scholieren bij hun studiekeuze. Dat schreef het WUB op 13 februari, in een artikel naar aanleiding van de nieuwe vooraanmeldingscijfers. Bij een aantal studierichtingen lopen de studentenaantallen al jaren terug. Aan die richtingen de vraag wat zij weten van trends in studiekeuzes en wat ze aan werving doen om het tijd te keren. Studiecoordinatoren van richtingen die het goed doen vertellen over hun sterke punten en hun wervingsacties
Technologie is uit. Dat beweert studiecoordinator De Wit van Levensmiddelentechnologie voorzichtig in reactie op de dalende aanmeldingen voor richtingen als Levensmiddelentechnologie, Moleculaire wetenschappen, Milieuhygiene en Bioprocestechnologie. Zij meent dat de teruggang niet onverwacht kwam, want jarenlang waren de aanmeldingen aan de hoge kant. Door een grote uitstroom is nu ook de werkloosheid hoog. Dat is iets waarvan scholieren zich bewust zijn en wat ze meewegen in hun keuze, taxeert De Wit. Haar collega-studiecoordinator Te Boekel, met werving in zijn portefeuille, voert nog geen gerichte acties uit om de instroom op te peppen. Eerst wil hij weten waarom de aanmeldingen teruglopen
Bij Milieuhygiene, de enige echte vijfjarige milieuopleiding in Nederland, meldt studiecoordinator Blom: Milieu is niet uit onder scholieren. Maar ze vertalen die belangstelling niet meer naar het volgen van een opleiding in die richting. Ook elders staan de aanmeldingen voor milieustudies onder druk. Hij stelt dat binnen de betrokken vakgroepen de noodzaak wordt gevoeld om actiever te zijn in de werving. De communicatie moet verbeteren. In het bijzonder krijgen studenten die naar hun middelbare school terugkeren om voorlichting te geven ondersteuning
Aderlating
Moleculaire wetenschappen verloor na de start van Bioprocestechnologie in het studiejaar 1990-1991 veel studenten aan die nieuwe studierichting. Nu is het absolute totaal van de twee studies hoger dan wat Moleculaire wetenschappen in 1989 op eigen houtje trok, constateert studiecoordinator Van Dongen verheugd, ondanks de forse aderlating bij zijn studierichting
Van Dongen heeft geen idee van de oorzaken van de teruglopende belangstelling voor technologie. Hij stelt dat zijn richting binnenkort een site op Internet in de strijd gooit. Verder is het onderwijsinstituut waar Moleculaire wetenschappen onder ressorteert, Technologie en voedsel, van plan om eind dit jaar een dag te organiseren voor decanen en rectoren van middelbare scholen. Dat moet directe contacten en op termijn meer studenten opleveren
Ook Landbouwtechniek deelt in de teruglopende belangstelling voor techniek. Studiecoordinator Hofstee verhaalt hoe in Delft een vergelijkbare richting als Werktuigbouwkunde met zestien procent terugvalt. Hij is ervan overtuigd dat scholieren in min of meer vaste verhoudingen voor thema's als technologie, maatschappij of letteren kiezen. Zit er een neergang in een thema, dan delen alle studies op dat gebied in de malaise
Zijn richting mikt op scholieren met een groene en technische interesse. Van oudsher vist Hofstee in de vijver met scholieren die van een agrarisch bedrijf komen, de boerderij van het vakantiewerk kennen of daar via familie of kennissen mee te maken hebben. Een alternatief voor grootschalige landelijke campagnes van de Landbouwuniversiteit zou het persoonlijk benaderen van deze scholieren zijn. Maar Hofstee twijfelt aan het heil van dat soort acties. Je moet er veel tijd in steken en de vraag is wat het oplevert. Hij oppert dat wellicht een naamsverandering de studierichting goed zou doen, maar een alternatief voor Landbouwtechniek is moeilijk te vinden
Ook bij Economie van landbouw en milieu is de naam steen des aanstoots. Over de teruglopende aanmeldingen stelt studiecoordinator Van der Veen dat de Wageningse opleiding niet bekend is bij potentiele studenten. Die denken dat Wageningen staat voor land- en bosbouw met wat veeteelt. Afgezien van de naamsperikelen is economie uit en dat zie je ook op andere faculteiten, meent Van der Veen. Zijn collega Kroese schat dat het effect van deze autonome component de helft van de daling verklaart. De andere helft bestaat uit een verminderd aantal hbo'ers. Aan de werkgelegenheidsperspectieven ligt het niet, meent Kroese. Wageningse economen doen het niet slechter op de arbeidsmarkt dan andere economen
CD-rommetje
De gedreven studentenwerver Kroese is erin geslaagd het jaarlijks congres met docenten economie van middelbare scholen naar Wageningen te halen. Dat zal de Wageningse economiestudie meer bekendheid geven op scholen. Voorheen werd het congres steevast door de economen van de Erasmus Universiteit Rotterdam georganiseerd. Je moet je gewoon een keer ervoor inzetten, dan lukt het om zoiets naar Wageningen te halen. Hiermee zet Kroese, net als het onderwijsinstituut Technologie en voedsel, in op het verbeteren van de relaties met middelbare scholen
Kroese vertelt verder dat een video van een paar minuten wordt geproduceerd. Die wordt betaald uit het centrale budget van de afdeling Voorlichting en PR. Het liefst ontwikkelde hij, in samenwerking met de andere studierichtingen in Wageningen, een modern CD-rommetje waarop scholieren trefwoorden kunnen invoeren, zoals dieren en economie en zo vanzelf bij economie van landbouw en milieu uitkomen
Technologie en economie zijn uit. Studenten stellen ook het moment van studiekeuze uit. Ze kiezen niet meer in december maar in mei. Ook laten ze zich afschrikken door de verplichtingen die de studiefinanciering met zich meebrengt. Toch zijn er richtingen die tegen de verdrukking in groeien, zoals Biologie, of hun marktaandeel in de Wageningse totale instroom hebben behouden, zoals Huishoud- en consumentenwetenschappen. Wat is hun geheim?
Studiecoordinator Rombout van Biologie weet dat zijn richting sinds 1989 is opgeklommen van 60 naar 120 eerstejaars. Maar ooit, in de jaren tachtig, waren dat er 140. In de tweede helft van de jaren tachtig kregen we een terugslag door het slechte imago van de landbouw. Studenten Biologie wilden niet in de productie werken. Rombout constateert dat de belangstelling voor milieu, en in het verlengde daarvan populatiebiologie en ecosystemen, is afgenomen. Nu is de helft van de eerstejaars celbioloog; in de jaren tachtig was dat maar twintig procent
De opkomst op voorlichtingsdagen blijkt niets te zeggen over het uiteindelijke aantal aanmeldingen. Rombout signaleert dat het aantal scholieren dat de voorlichtingsdagen bezoekt al jaren rond de zeshonderd schommelt. Hij denkt dat zijn richting profiteert van de positieve evaluaties in ondermeer Elsevier en van het feit dat Wageningen als stad zeer goed te boek staat. Maar dat laatste geldt voor alle richtingen
De bioloog stelt dat de inzet groot is; de richtingsgroep van Biologie werkt mee aan voorlichtingsdagen en werving, net als veel personeel. Studenten keren terug naar hun middelbare school. Wij horen dat Wageningen er meer werk van maakt dan andere biologiestudies. Ouders komen mee naar dat soort dagen en die zijn zeer gevoelig voor de ontvangst en de presentatie.
Diskettes
Ook studiecoordinator Zwart van Huishoud- en consumentenwetenschappen gooit er een schepje inzet bovenop. Er is een nieuwe PR-groep gestart door de studierichting, de vakgroep en de richtingsonderwijscommissie. Dit nieuwe elan zal zich in het bijzonder op middelbare scholen richten. Het doel is meer naambekendheid te krijgen. Te vaak ontbreken volgens Zwart in studiegidsen, onder bijvoorbeeld het kopje Sociologie, verwijzingen naar Huishoud- en consumentenwetenschappen. Verder wil Zwart diskettes met informatie over de studierichting ontwikkelen die als hand outs onder scholieren verdeeld moeten worden. Maar daar heeft zij nog geen fiat voor. Ook het multimediaal optuigen van de presentaties is nodig, aldus de gedreven Zwart. Je moet op veel fronten actief zijn om attentie te krijgen en te blijven krijgen.
Als sterke punten van haar richting noemt zij in eerste instantie dat de brede multidisciplinaire studie met veel stages en veel vrije keuze aantrekkelijk is. Maar dat hebben andere Wageningse studies toch ook? Onze studie is een aardige en unieke mix van sociologie en techniek. Echt uniek is dat onze afgestudeerden het consumentenperspectief in beeld kunnen brengen. Daarmee behoort de bestudering van landbouw bij ons tot het verleden.
Zwart vertelt dat haar richting met Rurale ontwikkelingsstudies, Voeding en Economie wel eens gepleit heeft voor een gemeenschappelijke werving, omdat deze richtingen in de brede campagnes van de Landbouwuniversiteit onzichtbaar zouden zijn. Een eenmalige soloactie op onderwijsbeurzen begin jaren tachtig leverde de richting een forse extra instroom op, aldus Zwart, wier studierichting in het onderwijsinstituut Maatschappijwetenschappen deelneemt
Feestjes
Ook op onderwijsinstituutsniveau is de tegenvallende instroom punt van zorg, maar van soloacties wil Van der Linden van het onderwijsinstituut Omgevingswetenschappen niets weten. Drie weken terug hebben vertegenwoordigers van de instituten met de afdeling Voorlichting en PR overlegd. Volgens Van der Linden was het doel van het gesprek dubbel werk te voorkomen. Het overleg bleek hard nodig want een aantal instituutsvertegenwoordigers wist nauwelijks wat centraal aan de werving van studenten wordt gedaan
Van der Linden signaleert dat scholieren doodgeslagen worden met informatie. Zij zoekt het profileren van Wageningen liever in indirecte methodes. Je moet iets doen waardoor je op feestjes onderwerp van gesprek bent. En mensen die een link met Wageningen hebben moeten op de hoogte blijven van wat er in Wageningen speelt.
Al die mensen die over Wageningen praten, beinvloeden uiteindelijk scholieren in hun omgeving bij hun studiekeuze, stelt Nieuwendijk van Voorlichting. Familie, vrienden en kennissen spelen een heel belangrijke rol bij de studiekeuze. Die indirecte weg is volgens Nieuwendijk belangrijk maar moet in evenwicht zijn met andere methodes, zoals postercampagnes en voorlichting op scholen. We verbeteren voorlichtingsmateriaal en organiseren trainingen voor LUW-medewerkers en studenten. Als meer mensen erop ingesteld zijn Wageningen op een goede manier te presenteren, dan kunnen we scholen actief voorlichting aanbieden. Nu wachten we nog te veel af of scholen ons verzoeken iets te doen.

Re:ageer