Wetenschap - 18 december 1997

Waterrechten en verzouting in de Punjab

Waterrechten en verzouting in de Punjab

Waterrechten en verzouting in de Punjab
Econoom en hydroloog doen geintegreerd onderzoek aan irrigatiestelsel
Interdisciplinair onderzoek: veel mensen praten er over, maar er zijn maar weinig mensen die het ook doen, zegt Pierre Strosser. Met Marcel Kuper deed hij interdisciplinair onderzoek in Pakistan naar ingrepen in het beheer van irrigatiewater en de gevolgen voor bodemverzouting en gewasproductie. Op 17 december promoveerden ze
Interdisciplinair onderzoek doen is best bijzonder, vindt de Fransman Pierre Strosser. Veel mensen zijn enthousiast maar zien van interdisciplinair onderzoek af, omdat ze het niet kunnen verkopen aan hun eigen discipline. Disciplinaire onderzoekers brengen immers altijd naar voren dat hun eigen onderzoek diepgaander en specifieker is en daarom betere en zekerder resultaten oplevert. Om die tegenwerpingen te kunnen weerstaan, moet je sterk in je schoen staan.
De promovendi Strosser en Kuper is het wel gelukt. In hun onderzoek integreerden ze de disciplinaire kennis van het International Irrigation Management Institute (IIMI), het remote sensing laboratorium van Cemagref in Montpellier en de leerstoelgroep Agrohydrologie van de LUW tot een geheel
Strosser is overtuigd van de meerwaarde van het onderzoek. Ook anderen hebben geintegreerd onderzoek gedaan op het gebied van irrigatie, maar dergelijk onderzoek is vooralsnog veelal technisch georienteerd. Strosser: Mijn onderzoek naar de introductie van verhandelbare waterrechten heb ik gekoppeld aan de gevolgen daarvan voor de gewasopbrengsten. Op hetzelfde moment verrichte Kuper een nevenstudie naar de gevolgen van ingrepen in het irrigatiewaterbeheer op bodemverzouting, een actueel probleem waarmee de provincie Punjab in Pakistan kampt
We hebben op deze manier samenhangende problemen als verzouting, verdeling van water en opbrengst en productiviteit geanalyseerd. Van daaruit hebben we een methodologie ontwikkeld waarmee je ingrepen in een bestaande situatie kunt testen, zegt Strosser. De voorstellen die de Wereldbank en de Pakistaanse overheid doen om die problemen aan te pakken, zijn weinig gefundeerd, vertelt Kuper. Strosser: Zo stellen ze voor om verhandelbare waterrechten in te voeren, want dat zou de verzouting verminderen. De een wil het wel eens proberen, de ander wil alles bij het oude laten. Maar zo'n discussie blijft zweven.
Status
Strosser en Kuper ontwikkelden een model dat de discussie concreter maakt en daadwerkelijk de gevolgen van een ingreep laat zien. Kuper hield zich vooral bezig met de toevoer van water in de kanalen en het effect op bodemverzouting, terwijl Strosser met name de introductie voor waterrechten en de consequenties voor gewasopbrengsten bekeek. Door deze aspecten te integreren in een model, konden ze antwoord geven op ingewikkelde vragen uit de praktijk
In de discussie over waterrechten veronderstellen veel mensen dat handel leidt tot een ongelijke verdeling van water, vertelt Strosser. Daarbij wordt vergeten dat er in de huidige situatie ook een ongelijke verdeling van water is. Doordat de ene boer meer status heeft dan de ander, krijgt hij langere beurten om water af te tappen dan de andere. Dat is sociaal geaccepteerd onder de boeren. Ook wordt over verhandelbare rechten gesproken alsof het iets totaal nieuws is. Terwijl nu, als er te veel water is, ook al een beetje handel ontstaat
Strosser: Als je over verhandelbare waterrechten praat, praat je ook over het volume van water. Je kunt boeren niet zomaar water laten uitwisselen. Als een van de boeren meer water krijgt, beinvloed je daarmee ook de watergift aan de anderen. Een irrigatiesysteem is immers een centraal geregeld systeem. Een puur economisch model houdt daar geen rekening mee, ons geintegreerde model wel.
Uit het onderzoek van de Fransman bleek dat de introductie van verhandelbare waterrechten nauwelijks leidt tot verhoging van de gewasopbrengsten. Kuper: Watermarkten bestaan al, boeren zijn daar zelf al mee bezig. Het heeft dus geen nut om een dergelijk systeem te introduceren. Wel kun je bestaande belemmeringen waardoor de watermarkten van boeren minder goed werken, opheffen. Zo kunnen boeren nu alleen water verkopen aan hun buurman. Door een extra waterklep te installeren zouden boeren ook water kunnen verkopen aan een collega die verderop woont.
Interventie
Kuper toonde in zijn onderzoek aan dat de bodemverzouting kan verminderen door herverdeling van water. De betrokken boeren en het irrigatiedepartement reageerden begrijpend op de uitkomsten van Kupers onderzoek, maar er veranderde niets. Kuper: De waterbeheerder en de boeren gaan niet met elkaar rond de tafel zitten om een oplossing te vinden. Strosser vult aan: De Pakistani zien het verzoutingsprobleem als een zaak van de overheid. Een dergelijke instelling moet je veranderen. En dan niet door grond te verwijderen, drainage aan te leggen of boeren te dwingen om gewassen te verbouwen die verzouting tegengaan. Het is beter om boeren op indirecte wijze tot verandering aan te zetten. Je kunt bijvoorbeeld de prijs van een gewas verhogen. Zo heb je indirect invloed op wat een boer verbouwt.
Hoewel Strosser en Kuper ideeen hebben hoe de overheid moet ingrijpen, is het niet aan hen om daarover te beslissen. Hun model geeft de richting aan van een interventie, maar de uitvoering is afhankelijk van de politieke en sociale situatie. Strosser: We zeggen niet of een interventie goed of fout is. Het is aan de overheid, de Wereldbank en het IIMI om te bepalen wat ze met dit model willen gaan doen.
Met de uitkomst om geen watermarkten op te zetten, zal het irrigatiedepartement in zijn nopjes zijn, meent Strosser. Zij behouden zo immers hun macht en positie. Maar ondertussen is er door het aanwezige financieringstekort bij de overheid een neiging om overheidstaken over te dragen aan waterafnemers. Kuper wijst er voorts op dat het instrument dat zij aanreiken de discussie erg open maakt. Niet iedereen heeft er belang bij dat informatie vrijelijk aan iedereen ter beschikking gesteld wordt.
De hydroloog heeft goede hoop dat het model zijn diensten kan bewijzen. De verzouting is een groot probleem en de gewasopbrengsten zijn zeer laag. Er is in Pakistan daarom een gevoel van er moet wat gebeuren. In maart gaan de twee onderzoekers terug naar Pakistan om de resultaten te presenteren. Strosser is ondertussen bezig met de samenstelling van een cd-rom. Kuper: Daarmee ondersteunen we de voorlichting. Mensen kunnen zelf aan de gang met het model en het uitproberen. De cd-rom moet ook in het Wageningse onderwijs worden opgenomen

Re:ageer