Wetenschap - 18 mei 1995

Wagenings onderwijs gaat op de schop

Wagenings onderwijs gaat op de schop

Traditionele ingenieursopleiding kan niet in vier jaar

De LUW-student moet voortaan kiezen tussen een beroepsgerichte en wetenschappelijke opleiding, tussen een stage en afstudeervak. Er moeten onderwijsblokken in plaats van collegereeksen komen, en de specialisaties worden afstudeervak-gerichte profielen. En dan is er nog de keuze tussen vijf- en vierjarige opleidingen. De LUW staat aan de vooravond van de grootste onderwijsherprogrammering uit haar geschiedenis.


Na anderhalf jaar overleg en talloze concept-notities lijken het college van bestuur en de universiteitsraad van de LUW het eens te zijn over de toekomstige onderwijsopzet. Op 30 mei zal de raad, op sommige punten waarschijnlijk schoorvoetend, akkoord gaan met de nota Onderwijs op weg naar 2000.

Anderhalf jaar geleden besloot de universiteit tot de instelling van een werkgroep die moest bekijken hoe de universiteit moest reageren op de bezuinigingen op de studiefinanciering en universiteit, de internationale onderwijsvisitatie, de nieuwe Wet op het hoger onderwijs, en de her en der levende ontevredenheid over de onderwijsinhoud.

Het moet er nu echt van komen", probeerde rector prof. dr C.M. Karssen de universiteitsraad op 15 mei tot besluiten aan te sporen. Weer eens uitstellen kan niet meer. We kunnen niet wachten tot we zeshonderd extra zekerheden hebben. Het onderwijs wordt vernieuwd, en dat houdt onzekerheden in." Het onderwijs moet aan kwaliteit winnen, studeerbaarder worden, overzichtelijker, marktgerichter, interdisciplinairder en internationaler.

Vrije keuze

In de nieuwe onderwijsopzet zal er allereerst een tweedeling komen tussen vijfjarige ontwerpersopleidingen en vierjarige richtingen. Dit voorjaar besloot de Tweede Kamer namelijk dat elf van de negentien LUW-richtingen een extra cursusjaar krijgen, waar de technische universiteiten om hadden gevraagd. De eerste twee jaar is er nog geen verschil tussen de lange en de korte opleidingen: eerst een eenjarige propaedeuse, gevolgd door een per richting verschillende disciplinaire basis en verdieping in het tweede jaar. Een probleemgericht onderwijsvak van zes studiepunten, ofwel zes weken, is een belangrijk deel van dit tweede jaar.

In het derde studiejaar volgen een blok van 21 studiepunten vrije keuze en 21 studiepunten specialisatieonderwijs. Dit laatste is vergelijkbaar met de beperkte keuze van de huidige programma's. De studenten in de vierjarige opleidingen sluiten de studie af met een afstudeervak van 21 of 27 studiepunten, plus een tweede afstudeervak of stage. De studenten in de vijfjarige opleidingen volgen, behalve een opleidingsgebonden afstudeervak en een vrij afstudeervak, een beroepsspecialisatie. De bedoeling is dat daar vaardigheden als management en organisatie aan de orde komen. Tenslotte is voor de vijfjarigen een stage van 27 studiepunten verplicht.

De volgorde van de studie-onderdelen ligt alleen vast in de propaedeuse en het verplichte deel in het tweede jaar. Vanaf het derde jaar mogen studenten in principe zelf de volgorde bepalen, maar het college meent dat zij met opleidingsschema's een zodanige weg heeft uitgestippeld dat studenten gedurende vier of vijf jaar toewerken naar het belangrijkste onderdeel: het afstudeervak.

Het college wil haast maken met de besluitvorming, omdat er nog vele punten moeten worden uitgewerkt in de nota. Zo wordt binnenkort uitgezocht hoe het blokkenonderwijs in het derde jaar gestalte kan krijgen. Blokkenonderwijs is afgekeken van de Rijksuniversiteit Limburg en al jaren in bespreking als optie voor het LUW-onderwijs. Het college wil het onderwijs samenvoegen in blokken van ongeveer zes weken, dat wordt afgesloten met een examen. Zo'n strakke programmering moet studievertraging voorkomen. Bovendien wil het college af van de dure kleine vakjes die door te weinig studenten worden gevolgd.

Blokken

Onduidelijk is nog hoe die blokken er precies gaan uitzien. Is het vooral een onderwijsinhoudelijke verblokking of meer een roostertechnische? Mogen studenten doubleren? Dat wil het college, tot spijt van de Progressieve studentenfractie, nog gaan uitzoeken. De studenten menen dat de ene verblokking de andere niet is en willen hun oordeel dan ook laten afhangen van de uiteindelijke vorm.

Behalve de structuur van de opleidingen veranderen er ook nogal wat naambordjes. Zo wil het college van bestuur af van de specialisaties. Er zijn er teveel van, vindt het college, en studierichtingen misbruiken specialisaties om onderwijs verplicht en zeker te stellen. Het college wil daarom marktgerichte, betaalbare en efficient te beheren afstudeerprofielen aanbieden. Dat zijn combinaties van voorbereidende vakken en een afstudeervak, waarmee studenten zich op de arbeidsmarkt kunnen profileren. De richtingsonderwijscommissies (roc's), die de opleidingen vormgeven, verzetten zich overigens nog steeds tegen het afschaffen van specialisaties, omdat dit ten koste zou gaan van de herkenbaarheid van de afgestudeerde.

Ook de terminologie beroepsgericht en wetenschappelijk doet haar intrede in de nota. Van oudsher, zo stelt het college, is de ingenieursopleiding gericht op een combinatie van onderzoek en het toepasbaar maken van wetenschappelijke kennis. Maar deze combinatie kan binnen een streng gehanteerde vierjarige programmaduur niet meer verwerkelijkt worden, waardoor binnen een vierjarige opleiding twee wegen geschapen worden: de ene leerweg richt zich op onderzoek, de andere op ontwerpen." De ontwerpers kiezen als tweede afstudeervak een stage, de wetenschappers kiezen een echt afstudeervak. In de vijfjarige opleidingen denkt het bestuur nog wel echte ingenieurs te kunnen opleiden.

De stage zal overigens nog een heikel punt worden tijdens de besluitvorming op 30 mei. Aanvankelijk wilde het college alleen een stage opnemen in de vijfjarige programma's en de stage uit de vierjarige programma's schrappen. Een stage zou te vaak een vrijblijvend intermezzo zijn tijdens de opleiding. Dit tot ongenoegen van de raadsfracties die de stage als een voor Wageningen kenmerkend en waardevol studie-onderdeel zien. Het college heeft toegezegd binnenkort een nota te schrijven waarin zij zal ingaan op het doel van de stage, de inhoud, de kwaliteit, de begeleiding, de examinering en de beoordeling.

Overigens zijn er ook studierichtingen tegen een verplichte stage in de vijfjarige programma's. Zo meent de roc van Moleculaire wetenschappen dat studenten veel meer gebaat zijn bij een extra onderzoek dan bij een stage, omdat de meeste afgestudeerden toch wetenschappelijk assistent worden.

Dat de aanpassingen van de onderwijsstructuur niet zonder problemen kunnen worden ingevoerd, hebben raad en college inmiddels onderkend. De docenten moeten een didactische scholing krijgen, vindt het college, en ze zullen hun vakken moeten samenvoegen, dictaten herschrijven, samenwerken met andere vakgroepen, het verschil tussen wetenschappelijke en beroepsgerichte opleidingen moeten vormgeven en beroepsgerichte managementvakken opzetten.

Sommige raadsfracties twijfelen of de opbrengsten van deze herprogrammering wel opwegen tegen de investeringen. Het college hoopt echter op geld uit Den Haag voor de kwaliteitsverbetering van het onderwijs. Komt dat er niet, dan moet de vernieuwing van het LUW-onderwijs desnoods maar tijdelijk ten koste gaan van het onderzoek. Het bestuur wil een speciaal begeleidingsteam belasten met de uitvoering en procesbewaking.

Re:ageer