Wetenschap - 21 september 1995

Wageningen verslaat Enschede als leukste studentenstad

Wageningen verslaat Enschede als leukste studentenstad

Landbouwstad nieuw in keuzegids hoger onderwijs

Vanuit het niks, met stip, op de eerste plaats. Twee jaar geleden kwam Wageningen nog niet voor in de Hoger Onderwijs Keuzegids. Dit jaar heeft de landbouwstad Enschede verdrongen van de eerste plaats als leukste universiteitsstad. Wageningse studenten zijn volgens de gids het meest tevreden over sportvoorzieningen, huisvesting, mensa en de studentenverenigingen.


De Volkskrant stuurde een verslaggever op reportage naar de landbouwstad

De hitlijst van steden is in 1993 eigenlijk begonnen als een grap. Aan een enquete waarin studenten hun oordeel konden vellen over de kwaliteit van hun studierichting voegden de samenstellers van de keuzegids een paar vragen toe over wonen, eten en gezelligheid. Ze telden de uitkomsten bij elkaar op en kwamen tot de verrassende conclusie dat niet Utrecht, Groningen of Nijmegen, maar Enschede de leukste universiteitsstad was.

De pers pikte het nieuwtje van de hitlijst gretig op. Tot verdriet van de auteurs verdween de serieuze bedoeling van de gids - scholieren helpen met het maken van een verantwoorde keuze voor een vervolgopleiding - min of meer naar de achtergrond. De auteurs hekelen wat ze noemen de jacht op het studentenvlees van de universiteiten en hbo's, met glossy folders en snelle reclamespotjes. De keuzegids moet tegengif bieden. Dit jaar is dan ook geen complete hitlijst in de keuzegids opgenomen. Maar wat handzame informatie over de kwaliteit van de studentenvoorzieningen wilden de makers van de keuzegids de scholieren toch niet onthouden.

Dus kunnen scholieren in de gids lezen dat Wageningen op het gebied van sportvoorzieningen een absolute topper is. De 45 ondervraagde studenten waarderen de geboden faciliteiten met een 8,6, waarmee Wageningen boven de rest uitsteekt. Ook in Groningen, Enschede, Tilburg en Nijmegen is het volgens de lijst goed sporten.

Overigens is het oordeel over Wageningen uitsluitend gebaseerd op de mening van biologiestudenten. De samenstellers hebben slechts bij een deel van de studierichtingen naar het pretgehalte gevraagd; in Wageningen alleen bij de biologen. Op de representativiteit van de enquete valt dus wel wat af te dingen. Niet dat Wageningen hoog scoort omdat louter volleybalminnende biologen zijn ondervraagd. De auteurs schrijven te beseffen dat de mening van een econoom uit Tilburg en een bioloog uit Wageningen niet zomaar te vergelijken zijn. De biologen zijn tegen biologen afgezet, de economen tegen economen. De hoge score betekent dat een bioloog uit Wageningen nog tevredener is over de sportfaciliteiten dan zijn studiegenoten elders in het land.

Kamernood

Ook bij de beoordeling van de woonruimte staat Wageningen bovenaan. Niet vreemd, veronderstellen de samenstellers. Het aantal landbouwstudenten daalt immers al een aantal jaren. Amsterdam, Utrecht en Delft hebben net als twee jaar geleden de twijfelachtige eer kampioen kamernood te zijn. De drie steden scoren op dit punt een dikke onvoldoende.

De oordelen over de mensa en kantinevoorzieningen leverden volgens de auteurs weinig verrassende resultaten op. Deze zijn dan ook niet afgedrukt. Over het verenigingsleven meldt de gids dat Delft hier evenals in 1993 nummer een is. Daarna volgen Groningen, de Randstad en Wageningen.

Advertentiecampagnes

Ook al is afgezien van het maken van een compleet overzicht, duidelijk is volgens de auteurs dat Wageningen alles bij elkaar de beste cijfers kreeg op de gestelde vragen, gevolgd door Groningen en Twente. Bij het hbo is Leeuwarden opnieuw de onbetwiste nummer een.

Ook dit jaar krijgt de nummer een veel aandacht in de pers. Wageningen 't leukst, kopte Trouw op 15 september. De Volkskrant stuurde een verslaggever op reportage naar de landbouwstad. Na onder meer een bezoekje aan Ceres en de Herenstraat komt de journalist tot de conclusie dat de Wageningse studenten verbaasd zijn, maar ook trots op hun stad.

De afdeling Studentenzaken reageert juichend op het nieuws. Hier moeten we iets mee doen. Een grote advertentie in de zaterdagkrant bijvoorbeeld, klinkt het triomfantelijk. Hoofd sport T.H.M. Joosten meldt gepast trots te zijn. We wisten natuurlijk al jaren dat we heel veel sportkaarthouders hebben. 65 Procent van de studenten heeft zo'n kaart. Geen enkele andere universiteit komt boven de vijftig procent."

Maar heeft de universiteit er wel iets aan? Lokt de titel leukste universiteitsstad extra eerstejaars naar de lokale universiteit?

Oh ja, daar heb je heel veel aan", zegt de voorlichter van de Universiteit Twente in Enschede, de nummer een van twee jaar geleden. Het levert veel publiciteit op," stelt ze. De universiteit heeft de topscore gebruikt in advertentiecampagnes. En uiteindelijk, daar is ze van overtuigd, heeft het ook extra studenten naar Enschede gelokt. Betreurt de Universiteit Twente nu dat de voormalige textielstad door de landbouwstad naar de tweede plaats is verdrongen? Nou, we staan nog achter jullie", relativeert de voorlichter. Tevreden voegt ze eraan toe: En we staan nog voor Delft en Eindhoven."

Overigens is er ook een schaduwzijde aan het succes, meldt de gids. Zwolle, bij de hbo-steden in 1993 nog op de tweede plaats, is nu aanmerkelijk gezakt. Oorzaak is de groeiende kamernood. Zwolle, zo menen de gidssamenstellers, betaalt de prijs van de populariteit.

Studeerbaarheid

Natuurlijk staat in de keuzegids vooral informatie over studierichtingen. Voor de samenstelling van deze consumentengids voor het onderwijs heeft de redactie gebruik gemaakt van gegevens van de visitatiecommissie, een enquete onder twaalfduizend studenten en gegevens van de instellingen zelf. Het is de tweede editie van de gids, die gesubsidieerd wordt door het ministerie van Onderwijs en volgens de bedoeling jaarlijks gaat verschijnen.

Zochten scholieren in de vorige editie tot woede van de LUW nog vergeefs naar de Wageningse studierichtingen, nu is aan de landbouwstudies een apart hoofdstuk gewijd. Waar mogelijk zijn Wageningse studierichtingen echter ondergebracht bij vergelijkbare richtingen. De lezer komt Levensmiddelentechnologie, Bioprocestechnologie en Moleculaire wetenschappen tegen bij de scheikunde-opleidingen. En ook Biologie, Agrarische economie en Milieuhygiene worden vergeleken met zusteropleidingen elders in het land.

De Wageningse opleidingen scoren daarbij goed op de punten studeerbaarheid en vrije keuze. De Wageningse biologie-opleiding komt na die van de Vrije Universiteit als tweede uit de bus. De Wageningse economie-opleiding echter komt beduidend minder goed uit de verf. De gids vermeldt wel de slagingspercentages, maar bij de studentenenquete is Agrarische economie overgeslagen. Een foutje?

Een kwestie van afweging", zegt redacteur Frank Steenkamp. We hebben geenqueteerd bij een aantal grote richtingen die goed vergelijkbaar zijn. Economie in Wageningen is net zo'n randgeval. Toen ik de gids doorbladerde dacht ik: We hadden Wageningen toch moeten meenemen. Een volgende keer zullen we dat ook doen."

Steenkamp kan zich voorstellen dat de Wageningse economen zich gediscrimineerd voelen. Bij wijze van troost waarschuwt hij: Ook negatieve aspecten van een opleiding komen aan het licht. Het is geen gegarandeerde positieve publiciteit."

Re:ageer