Wetenschap - 10 september 1998

Voor de toevallige passant wordt niet gebouwd

Voor de toevallige passant wordt niet gebouwd

Voor de toevallige passant wordt niet gebouwd
Nieuwe DLO-gebouwen zijn vooral binnen bijzonder
Koningin Beatrix komt vrijdag 11 september de nieuwe gebouwen van het IBN-DLO en het SC-DLO officieel openen. Vooral het interieur van beide gebouwen is architectonisch interessant. Het IBN-DLO is een ecologisch ontworpen Little Italy, het SC-DLO een open, flexibele en sociale ontmoetingsplaats. Voor de toevallige passant op de Mansholtlaan zijn de gebouwen niet ontworpen
Het is alle zeilen bijzetten in het DLO-Staring Centrum, als bouwpastoor Hans Verwaal het nieuwe gebouw toont. Mag ik er even langs, Pablo, klinkt het, als Karel Hulsteijn met aangegespt bergbeklimmersbeslag op zijn knieen voor de liftschacht ligt. De Picasso van het SC-DLO legt in het nieuwe gebouw van het instituut de laatste hand aan een drie verdiepingen hoog Haarpodzolprofiel, een kopie van het bodemprofiel bij Ede onder de hei. Vrijdag moet koningin Beatrix vanuit de glazen lift de bodemvormende processen kunnen volgen van het onverstoorde lichte zand op de begane grond tot de met humus vermengde donkere teelaarde op de derde verdieping. Ook ing. Bert Jansen, hoofd Communicatie van het DLO-Instituut voor Bos- en Natuurbeheer, wordt tijdens de rondleiding door de binnentuinen en balkons van het nieuwe IBN-gebouw telkens weggeroepen
De officiele opening zal zich vrijdag afspelen in het meest iele onderdeel van de twee gebouwen, de vijf meter lange verbindingsgang tussen het SC-DLO en het IBN-DLO. Koningin Beatrix zal daar gekleurde glasplaten plaatsen als een symbolische verbinding tussen beide instituten. Voorlopig symboliseert het gangetje vooral de in het oog springende verschillen tussen beide gebouwen. De open kasstructuur van het IBN wordt er ontsloten via een bescheiden deur van onbewerkt hout, net zo onopvallend als de bijna niet te vinden hoofdingang. De ingang tot het gesloten SC-gebouw bestaat uit twee moderne, oranje geschilderde deuren die net zo prominent maar ook traditioneel staan te pronken als de overzichtelijke entree tot dat gebouw. Het zijn de paradoxale verschillen in een notendop. Het IBN-DLO met tuinen en balkons binnen het gebouw en inkijk van buiten, het SC-DLO met traditionele muren rondom en uitzicht naar buiten
De twee gebouwen zijn neergezet op een oude maisakker langs de Mansholtlaan, de bijna-snelweg tussen Wageningen en Ede, maar tonen zich vanaf die weg niet op hun best. Het IBN-DLO lijkt op een drie verdieping hoge tomatenkas in aanbouw met een high tech-vleugel waaruit allerlei pijpen steken. Het SC-DLO is met zijn cederhouten panelen en bakstenen een weliswaar vriendelijk maar gangbaar bedrijfspand. Veel van de architectonische vondsten zijn dan ook binnen te vinden, want hoeveel de gebouwen ook van elkaar mogen verschillen, beide zijn volgens mens- en milieuvriendelijke principes gebouwd
Menselijke maat
Bij het door de Duitse architect Stefan Behnisch gebouwde IBN-DLO uit zich dat het meest nadrukkelijk. Behnisch zet zich in zijn werk af tegen de protserige architectuur die in Duitsland door nationaal-socialisten als Albert Speer is neergezet. De architectonische perfectie die daarin wordt tentoongespreid, ziet Behnisch als inhumaan imponeergedrag. Zijn tegenzet is opzettelijke architectonische imperfectie, vertelt Bert Jansen. Daarom is het uiterlijk van het IBN-DLO ontdaan van elke vorm van architectonische expressie. Daarom is de ingang van het pand teruggebracht tot de menselijke maat van een deur die niet direct te vinden is. De anti-autocratische houding van Behnisch zorgde volgens Jansen ook voor intensief overleg met zogenaamde klankgroepen van IBN-medewerkers
Het IBN-DLO dient voor de Rijksgebouwendienst als voorbeeldproject voor het zogenaamde duurzaam bouwen. De bouwkosten van 38 miljoen gulden zijn gefinancierd via het Nationaal Beleidsplan Plus. Jansen benadrukt dat het voorbeeldproject volgens een standaardprogramma en met een standaardbudget is gebouwd. Het budget voor het net iets grotere SC-DLO was veertig miljoen. Doel van duurzaam bouwen is het beperken van de milieubelasting. Dat kan door gebruik van milieuvriendelijke materialen, maar ook onderhoud en sloop moeten zo min mogelijk milieubelasting veroorzaken
Regenpakken
Het IBN-pand is gebouwd als een hoofdletter E, met laboratoria aan de noordkant en loodrecht daarop drie kantoorvleugels en twee atria met binnentuinen, loopbruggen en balkons. Het heeft een verrassend prettige atmosfeer en temperatuur. Het geeft een Zuid-Europese sfeer, vertelt Jansen. Toen het vorige week zo regende, hingen overal regenpakken te drogen en stonden mensen over de balustrade naar de oleanders in de tuin te kijken. Het leek net Little Italy.
De klimaatregeling is gebaseerd op de gevoelstemperatuur, niet op de bouwvoorschriften die 26 graden Celsius als maximale temperatuur verordonneren. Met een betonnen fundering als warmtebuffer, reflecterende zonnekleppen als zonneregulator, stromend vijverwater voor een prettige luchtvochtigheid en een openslaande dakbeglazing voor ventilatie is een natuurlijke airco geproduceerd. Een zijn met de seizoenen, dat is de filosofie, aldus Jansen. Bovendien verbruikt dit systeem zo'n zeventig procent van de energie van een vergelijkbaar kantoorgebouw
Het SC-DLO heeft in alle opzichten een minder uitgesproken gebouw. Het is duurzaam gebouwd, maar ziet er minder ecologisch uit dan het IBN-gebouw. Het heeft een natuurlijke klimaatregulatie, maar die is minder zichtbaar dan bij de buren. De architect, Johan Meijer van B&D Architecten, heeft ook een minder uitgesproken mening. Hij zoekt voornamelijk de interactie met de gebruiker. Daaruit ontstaat een vooral vriendelijk en flexibel gebouw. Zo gesloten als het er van buitenaf uitziet, zo open is de entree en het van daaruit geboden overzicht over het centraal gelegen atrium. De kantoren zijn makkelijk in grootte te varieren. Ze komen uit op balkons en loopbruggen over het atrium, wat het gebouw een sociaal geheel maakt
Meijer werd volgens Hans Verwaal door medewerkers van het SC-DLO verkozen boven andere architecten vanwege het knusse, het sociale van zijn architectuur. Verwaal roemt het overleg tussen Meijer en de gebruikers, dat volgens hem zelfs intensiever was dan dat tussen de IBN-klankgroepen en Stefan Behnisch
De verschillen tussen de uitgesproken duurzaam ontworpen kas met binnentuinen en inkijk van het IBN-DLO en het ingetogener traditionele bouwsel van steen en cederhout met uitzicht van het SC-DLO zijn vooral binnen zichtbaar. In het interieur van beide gebouwen zitten de architectonische vondsten. De mediterraan aandoende binnentuinen en balustrades van het IBN-DLO, het lichte, open en toch knusse atrium van het SC-DLO. Door de zo natuurlijk mogelijk gehouden klimaatregeling, de open architectuur van het interieur en het intensieve overleg tussen architecten en gebruikers zijn de nieuwe DLO-gebouwen vooral vriendelijk voor de mensen die zich in de gebouwen ophouden. Aan de toevallige passant op de Mansholtlaan gaan Behnisch en Meijer voorbij

Re:ageer