Wetenschap - 14 mei 1998

Voodoopopoppad

Voodoopopoppad

Voodoopopoppad
Luieren in de lente
Tijdens het Leeffestival drie jaar geleden was het thema poppen. Alle straatnamen waren omgedoopt in poppennamen. Een laantje even verderop heette toen Voodoopopoppad. En zo is het gekomen, verklaart Unitas-lid Martijn van Paassen terwijl hij naar het bord Voodoopopoppad kijkt, dat boven de voordeur van zijn huis prijkt. Samen met zijn huisgenoten geniet hij van het mooie weer op het platje, een als tuin ingericht bruggetje dat de elf bewoners in staat stelt om van de voordeur naar de Grebbedijk te komen. Zijn medebewoners beginnen aan het avondeten en een van hen trekt een paar flesjes bier open
Een voorbijrijdende fietser slaat het gemoedelijke tafereel nieuwsgierig gade. Hij wordt vanaf het platje hartelijk begroet. Als mensen voorbij rijden roepen ze altijd iets van He studenten, lekker luieren. Dat is echt altijd zo, vertelt KSV'er Tjitske Leemans vol vuur. Samen met haar jaarclub- en huisgenoot Stefanie Jeukens staat ze op het punt om naar KSV te vertrekken. Beiden hebben hun clubbloes en brasjas al aan. Leemans: We gaan naar een jaarclubavond. Eerst gaan we eten en daarna hebben we voor de hele vereniging een feest georganiseerd. Langs haar neus weg reageert Karen van der Kuy: We hebben een dwangmatig leugenaar in huis.
Van der Kuy komt terug op de naam van het huis. We staan tegenwoordig ook als Voodoopopoppad in het telefoonboek. Niet bij de studentenhuizen, maar met Voodoopopoppad als achternaam. Van Paassen voert de hilariteit wat verder op: En het telefoonnummer lijkt op dat van een huisarts. Er bellen regelmatige bejaarden. Van der Kuy: Laatst belde er iemand die vroeg of we in onze praktijk ook echt aan voodoo deden.
Door de voordeur hupt het konijn Flappie van Tjitske Leemans het platje op en begint wat te scharrelen tussen de etende en drinkende studenten. Van der Kuy: Op een avond toen Tjits weg was, hebben we een streep Henna-haarverf op de spierwitte rug van het konijn gesmeerd en drooggefohnd. Tjits dacht een paar weken dat het konijn iets had. Ze heeft 'm gewassen met shampoo en toen het nog niet weg ging heeft ze zelfs haar ouders gebeld om te vragen of die wisten wat het zou kunnen zijn. Met sinterklaas hebben we haar een gedicht geschreven waarin we uitgelegd hebben hoe die streep er was gekomen. Die streep heeft er nog een jaar lang gezeten.
Op de bank zit Joost Donkers uit te blazen van het zware snuffelwerk dat hij die ochtend bij het Instituut voor Milieu- en Agritechniek (IMAG-DLO) heeft verricht: om de vijf minuten naar een buisje lopen en even ruiken. Van der Kuy: Joost is normaal wat minder rustig. Donkers protesteert: Maar ik heb vanochtend gewerkt.
Van der Kuy jent poeslief door: Joost heeft laatst een relatie gehad met een SSR-meisje. Toen hebben de huisvoorzitter en ik midden in de nacht een brief op zijn deur geplakt waarin we stelden dat hij met onmiddellijke ingang uit het huis moest vertrekken. Toen hij thuis kwam ging die brief rats van zijn deur. En vloeken. Later hebben we het punt op de agenda van de huisvergadering gezet. Gelukkig zag hij zijn misstap in. Toen kon hij kiezen: of eruit of straf. Als straf moest hij vier maanden lang elke week een andere vrouw mee naar huis nemen. Als dat niet lukte, moest hij de vrouw van vorige week te eten vragen. Leemans: Hij heeft het uiteindelijk twee weken volgehouden. Simon Reesink: Maar we hebben hem gratie verleend. Het verhaal inspireert Van Paassen tot het vinden van synoniemen. Mompelend: Amnestie, strafontheffing. Huisgenoot Christel Bultman - inmiddels de vriendin van Donkers - hoort alles met een glimlach aan
Het huis tegenover de haven - ondanks de wat bouwvallige staat op de monumentenlijst - is onlangs verkocht, tot grote vreugde van de bewoners. Van der Kuy: De vroegere huisbaas was een klootzak. Maar hij had wel hele mooie ogen, werpt Donkers tegen. Van der Kuy, onverstoorbaar: En zijn maatje zei altijd dat we ook in natura mochten betalen. Reesink komt tussenbeide: Nu zijn we geadopteerd door een echtpaar uit Oosterbeek. Ze hebben zelf geen kinderen en willen graag dat wij het hier heel gezellig hebben. Ze zijn hier ook al een keer met ons komen mahjongen. Van der Kuy: En we mogen ook komen bij de opening van hun nieuwe huis in Oosterbeek.
Na al deze ontboezemingen is het weer tijd voor een biertje. Bij het licht van de ondergaande zon worden de flessen opengetrokken en rondgedeeld. Reesink: Op een goede dag kregen wij een Dommelsch-folder in de bus. Er stond in dat we voor 1440 bierdoppen een Dommelsch-mobiel konden krijgen. Dat is een fiets met voorop een rekje waar een krat in kan. Voor zo'n fiets hebben we dus zestig kratten nodig. Donkers: Er gaan hier zo ongeveer zes kratten per week doorheen. Met dit weer kunnen we die prognose zelfs iets verhogen. Dan hebben we in tien weken die fiets. Hij staaft de planning met de rekeningen van de slijter die hij inmiddels te voorschijn heeft gehaald
Met een effen gezicht kijkt Martijn van Paassen naar het fietsenrek op de dijk, waarin binnenkort het Dommelsch-mobiel zal prijken. Dat fietsenrek hebben we geleend van een studentenvereniging aan de Generaal Foulkesweg. Daar staan die rekken toch altijd leeg.
Als de avond is gevallen, brandt er op de dijk voor het huis een gezellig vuurtje, gestookt van een gevonden pallet. Terwijl ze tevreden in de vlammen staart, vertelt Van der Kuy: Laatst kwamen er mensen hospiteren. Een viel af omdat hij lid was van SSR. Een ander belde niet veel later op dat hij hier niet wilde wonen: te veel dominante mensen. Reesink: Toch denk ik als ik hier de dijk op loop: Ah, weer thuis. We zijn hier in huis dan wel met veel verschillende en soms ook dominante types, maar juist omdat we zo intensief met elkaar omgaan, gaat het goed. Van der Kuy: We plagen elkaar wel veel, maar ja, was sich liebt das neckt sich

Re:ageer