Wetenschap - 8 augustus 1996

Vilitzer, Vrij en blij

Vilitzer, Vrij en blij

In juni was ik drie weken in Groot-Brittannie voor een paar potjes voetbal, daarna voor eenzelfde periode in Frankrijk om te fietsen. Vervolgens ben ik nog snel naar Atlanta geweest om te kogelstoten, ritmisch te gymmen en te kunstzwemmen. Maar nu de tv weer louter herhalingen van flauwe comedies en soapseries uitzendt die het hele jaar al op het scherm te zien zijn, verveel ik me te pletter. Nog twee weken vrij en niks meer op de buis.

Op de universiteit lijkt niets voor te vallen, de terrasjes zitten maar halfvol en de grootste gebeurtenissen zijn binnenbrandjes bij de shoarmaboer en een door studenten in elkaar geflanste graancirkel. Oke, af en toe draait er een aardig filmpje en de elektrische BBQ werkt nog steeds prima. Iedereen is weg, maar gelukkig kom ik af en toe een verdwaalde toerist of een aankomende student tegen die me vraagt of op de markt betaald moet worden voor het parkeren. En soms, als ik een ijsje eet in de Hoogstraat en de zon schijnt, smaakt het bijna net zoals aan een strand in Italie. Nog een week vrij en niks te beleven.

Nee, dat was geen slimme zet om voor de verandering de vakantie eens thuis door te brengen. Lang niet zo rustgevend als het tevoren leek. De tuin, doorgaans een onbereikbare oase want geen tijd, is thans met zijn woekerend onkruid eerder een constante bron van ergernis. De telefoon, die normaliter op de meest ongepaste momenten rinkelt, zwijgt reeds dagen achtereen. Zelfs als ik er een uurtje naast ga zitten geeft hij geen krimp. De melkboer is op vakantie, de postbode is een onbekende uitzendkracht. Nog twee dagen vrij. Ik ga alsnog boeken. Maakt niet uit waar naartoe.

Re:ageer