Wetenschap - 29 augustus 1996

Vilitzer, Feest

Vilitzer, Feest

Hee, hallo! Ik ben je naam even kwijt, maar wat doe jij nou tegenwoordig?" Het is weer zover: de ontmoeting met de vage bekende op bruiloft, verjaardag of afstudeerfeestje. Nauwelijks een minuut binnen, nog geen tijd gehad om een biertje te vatten, het cadeau voor het feestvarken nog in mijn handen en de eerste heeft zich reeds aangediend. Gelegenheidsglimlach op het gezicht, meestal iets dikker, grijzer en afgekleder dan ik me hem kan herinneren van in de collegebanken. Desalniettemin tracht ik, goedgemutst als ik deze eerste minuten nog ben, serieus te antwoorden: Ik schrijf tegenwoordig voor een kr..." Met mij gaat het de laatste tijd ook zo goed, weet je!"

Vreemd genoeg weet ik bij het woord schrijf al dat ik zal worden onderbroken en dat de ware reden van de aan mij gestelde vraag snel duidelijk zal worden. De louter retorisch vraag dient als inleiding voor een himmelhochjauchzende, veelal veel te lange monoloog die slechts af en toe onderbroken zal worden door nog meer retorische vraagjes. Een verhaal over het nieuwe huis en wat daar allemaal aan is of moet worden verbouwd; over de kinderen (3 en 1) die vermoeiend zijn maar zooo leuk. Heb jij eigenlijk al kinderen?" Ik wacht nog e..." En dan zegt hij nog: Je weet niet wat je mist, man." En verder gaat het over de kosten van kinderopvang - dat vindt hij schandalig gewoon - de laatste vakantie op de Filipijnen en de nieuwe lease-auto. Wist je dat eenderde van de waarde van dat ding bij mijn salaris wordt opgeteld?" Nee, goh, geen..." En verder dendert hij weer. Mij rest niets anders dan een toostje brie naar binnen te schuiven en af en toe wat te
knikken. Maar dan komt het gelukzalige moment dat een predator een andere prooi ziet. Hee, Karel, lang niet gezien. Waar hang jij tegenwoordig uit?" Ik maak me uit de voeten. Jammergenoeg ligt nummer twee al op de loer.

Re:ageer