Wetenschap - 14 mei 1998

Vertrekkend minister was eerder boekhouder dan inspirator

Vertrekkend minister was eerder boekhouder dan inspirator

Vertrekkend minister was eerder boekhouder dan inspirator
Ik heb nooit ontdekt wat Ritzens visie op onderwijs is
Als inspirator zou hij gezien willen worden, zei hij een jaar na zijn aantreden, als iemand die over het onderwijs meedenkt. Maar als Jo Ritzen straks na bijna negen jaar vertrokken is als minister van Onderwijs, zal hij vooral herinnerd worden als de man van de financien, de boekhouder
Alom wordt erkend dat voor Ritzen als minister aantrad de onderwijsbegroting het papier niet waard was waarop die geschreven was. Dat de begroting nu op orde is, is Ritzens verdienste. Velen zwaaien hem daarvoor lof toe. Maar de keerzijde is dat alle discussies door geldvragen werden beheerst
Ritzen heeft ook de aanzet gegeven tot het opzetten van onderzoekscholen, hij heeft het studiefinancieringsstelsel een heel ander aanzien gegeven, hij heeft de universiteiten een nieuwe bestuursstructuur gegeven
Ritzen had misschien best een inspirator kunnen zijn, zegt prof dr Hans Adriaansens van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Maar de universiteiten kwamen zelf niet in beweging en Ritzen wist daar slechts met financiele prikkels verandering in te brengen. Hij had te veel vertrouwen in sturing via financiele prikkels. Die prikkelcultuur heeft inhoudelijke overwegingen verdrongen.
Hoe bestaat het dat zo'n chaotisch bestuurder zo veel tot stand brengt, zegt voorzitter prof. drs Rien Meijerink van de vereniging van universiteiten VSNU. Hij werkte een paar jaar als topambtenaar onder Ritzen. Hij is een anti-bestuurder. Hij is briljant, maar het ene goede idee tuimelt over het andere heen. Hij is heel gedreven. Het is echter de vraag of een minister er niet beter aan doet te zorgen dat de ideeen uit het veld komen, zegt Meijerink. Nu kregen de universiteiten de neiging zich voorzichtig op te stellen. Want, zeiden ze onderling, als wij met een ingrijpend plan komen en Jo gaat er nog eens overheen, dan weten we echt niet meer waar het op uitkomt.
Regeltjes
Niet zelden wordt de klacht gehoord dat Ritzen een enorme regelzucht heeft. Hij is een van de laatste socialisten die geloven in de maakbaarheid van de samenleving, zegt prof. dr Erik Bleumink, collegevoorzitter van de Groningse universiteit. Ook prof. dr Frans van Vught klaagt daarover. De rector-magnificus van de Universiteit Twente doet al jaren onderzoek naar hogeronderwijsbeleid. De dynamiek in het hoger onderwijs is in de periode-Ritzen afgenomen, zegt hij. Onder Ritzens voorganger Deetman werd gestreefd naar meer vrijheid voor de universiteiten. Die erfenis heeft hij star beheerd. Er zijn toch weer regeltjes bij gekomen, onder meer over het starten van nieuwe opleidingen. Daardoor kunnen universiteiten nog steeds lastig inspelen op wensen van studenten.
De manier waarop Ritzen de kwaliteit en de studeerbaarheid van het hoger onderwijs wilde verbeteren, vindt Van Vught een voorbeeld van regelzucht. Hij zette een pot met geld neer, met allerlei regeltjes en procedures eromheen.
Toch kwam Ritzen met het instellen van dat fonds voor kwaliteit en studeerbaarheid nog het dichtst in de buurt van een rol als inspirator. Daardoor is de hele discussie over de onderwijskwaliteit veel serieuzer geworden, zegt prof. dr Job Cohen, oud-rector van de Universiteit Maastricht. Hij heeft er vanaf het allereerste begin op gehamerd, en nu staat het ook echt op de agenda.
Broddelwerk
Ritzens partijgenoot Cohen is mild over de studiefinanciering. Ik heb nog niemand gehoord die weet hoe het precies moet, zegt hij vergoelijkend. Met name in zijn eerste regeerperiode heeft Ritzen het stelsel heel consequent en met overtuiging omgebouwd. Het geld komt nu veel meer terecht bij de lagere inkomensgroepen - precies zoals hij wilde. Vervolgens werd hij door het regeerakkoord gedwongen tot nog meer bezuinigingen en kwam hij met de prestatiebeurs. Nou, daar moeten we nog maar eens goed naar kijken.
Meijerink van de VSNU heeft geen goed woord over voor Ritzens maatregelen op het gebied van de studiefinanciering. Hij heeft de studiefinanciering gebruikt als middel om bezuinigingen weg te zetten, voor zich uit te schuiven, enzovoorts. Knap gedaan, hoor. Maar inhoudelijk is het broddelwerk.
Ook de studentenbonden zijn slecht te spreken over Ritzens beurzenbeleid. Hij heeft de studiefinanciering uitgekleed, zegt Erik van Buiten, voorzitter van het ISO. Zowel door de beursbedragen te verlagen als door het invoeren van de prestatiebeurs. Eerstejaars praten nu alleen maar over de studiepunten die ze nog nodig hebben om de prestatienorm te halen. Ik vind dat een verarming. Werkgevers zullen dat in de toekomst wel merken, vrees ik.
Kysia Hekster heeft het in dit verband over de kwantificering van het hogeronderwijsbeleid. Zij was voorzitter van de LSVb in 1994/95, het jaar dat Ritzen de bezuinigingen uit het paarse regeerakkoord te lijf ging. Hij heeft zijn beleid altijd verkocht alsof het ging om de normalisering van universiteiten, hogescholen en studenten, zegt zij. Maar alles wordt uitgedrukt in cijfers, in geld.
De beeldvorming rond studenten is wel verbeterd, zegt Hekster. Niemand denkt meer dat studenten de hele dag in bed liggen. Maar, voegt zij eraan toe, Over tien jaar zullen we merken dat de financien wel op orde zijn, maar dat de kwaliteit van het onderwijs eronder geleden heeft. Wat zijn visie op onderwijs is, heb ik nooit kunnen ontdekken.

Re:ageer