Wetenschap - 1 juni 1995

Van de Werff

Van de Werff

Proefboerderij stapt af van evenwichtsbemesting, kopte het Agrarisch Dagblad. Een zeker fosfaatverlies is nu onvermijdelijk. De hoeveelheid fosfaat, uitgedrukt in het Pw-getal, is gedaald tot vijftig en dat baart de onderzoekers zorgen.

Dit is opmerkelijk. Het Pw-getal is de fosfaatwaarde die je krijgt als je een grondmonster in oplossing brengt en een dag schudt. Het is dus een kunstmatige waarde die niets hoeft te zeggen over de hoeveelheid fosfaat die werkelijk beschikbaar is voor de planten. In natuurlijke bodems is de Pw heel laag en benutten de planten het fosfaat via organische zuren uit hun wortels, dankzij de activiteit van micro-organismen en regenwormen en met behulp van wortelschimmels.

Als de Pw onder de dertig zakt, wordt het traject en de voorspellende waarde steeds onbetrouwbaarder en moet je eigenlijk de aanwezigheid van fosfaat met behulp van andere methoden vaststellen. Biologische bedrijven in de Flevopolders hebben een waarde van zes tot acht en er is geen opbrengstderving; voor de planten is voldoende fosfaat beschikbaar.

Als echter veel schimmeldodende middelen worden gebruikt of intensieve grondontsmetting wordt toegepast, dan verlies je de bodemorganismen die de fosfaat mobiliseren en ben je afhankelijker van de vrije fosfaat-ionen in het grondwater. Dan mag de Pw wellicht niet onder de dertig zakken. Als ik echter het getal vijftig lees voor die proefboerderij, begrijp ik niet goed waar ze daar mee bezig zijn; extra fosfaat toevoegen is in dat geval gewoon fosfaat weggooien en laten uitspoelen naar het grondwater. Dat heeft, naar mijn smaak, niets te maken met het teeltplan, maar alles met het op de been houden van de intensieve veehouderij. Die moet immers mest kwijt. Dus waarom juist een proefbedrijf deze stap zet begrijp ik niet. Het is teeltkundig niet nodig.

De opbrengst op biologische bedrijven is niet gekoppeld aan de fosfaatwaarde, maar aan de hoeveelheid stikstof. Daarbij geldt: des te meer stikstof, des te hoger de gevoeligheid voor schimmelziekten. Bij een hogere stikstofgift moeten dus meer schimmeldodende middelen worden ingezet. Over het algemeen is voor de biologische bulkprodukten, zoals tarwe of aardappelen, de opbrengst zo'n tien procent lager dan die op gangbare bedrijven. De kosten zijn echter ook lager, dus het bedrijfsrendement is beter."

Re:ageer