Wetenschap - 11 april 1996

Van Aartsen gaat landbouwonderzoek knippen en scheren

Van Aartsen gaat landbouwonderzoek knippen en scheren

Peper adviseert over toekomst landbouwkennissysteem

Minister Van Aartsen wil het landbouwkundig onderzoek op de schop nemen in zijn Kennisbeleidsplan. Ter voorbereiding liet hij enkele workshops organiseren, onder voorzitterschap van de Rotterdamse burgemeester Peper. De LUW-wetenschappers moeten weg van de waan van de dag, weg van de markt, blijkt uit Pepers notulen. Ze moeten hun werken aan hun core competence - onderzoek voor het onderwijs, fundamenteel onderzoek - en nieuwe allianties vormen tussen vakdisciplines om complexe problemen op te lossen.


Met enige trots presenteerde de LUW een paar jaar geleden een strategisch plan met een missie. De universiteit ging de wetenschappelijke kennis aandragen en uitdragen, die de samenleving nodig heeft om op duurzame wijze te voorzien in haar behoefte aan voldoende en gezond voedsel en een goed leefmilieu voor mens, plant en dier". Dat was prachtig, want de landbouw verkeerde in een crisis: lage prijzen, veel overschotten, een hoop schade aan het milieu.

Inmiddels heeft ook minister Van Aartsen de duurzame landbouw als centrale doelstelling in zijn beleid opgenomen. Daarbij hecht hij grote waarde aan het landbouwkennissysteem, bestaande uit de LUW, de Dienst landbouwkundig onderzoek (DLO), de Dienst landbouwvoorlichting (DLV), de proefbedrijven en het agro-bedrijfsleven. Zij moeten dynamiek en vernieuwing op het Nederlandse platteland ondersteunen, maar daar komt onvoldoende van terecht.

De minister wil in deze kabinetsperiode nog een verbetering zien. Daarom heeft hij twee instanties om advies gevraagd. De Nationale raad voor landbouwkundig onderzoek (NRLO) en het ministerie van Onderwijs voeren een verkenning uit naar de rol van de landbouwwetenschappen en de LUW in 2010. En de Rotterdamse burgemeester Bram Peper zat eind januari enkele workshops voor over de ontwikkeling van de LNV-kennisinfrastructuur, waarin wetenschappers en onderzoeksmanagers op persoonlijke titel de problemen in de landbouw bespraken. De notulen van de workshops maken duidelijk dat de LUW de zichzelf toegekende maatschappelijke rol onvoldoende waarmaakt.

De Nederlandse landbouw kan niet langer vertrouwen op de export van bulkgoederen en moet meer kwaliteit en hoogwaardige produkten produceren. Daarbij is de landbouw niet alleen producent van voedsel, maar ook economisch drager van plattelandsontwikkeling, aldus de Peper-workshops. Boeren moeten nieuwe niches in de markt vinden, of het nu gaat om nieuwe produkten, natuurbeheer of recreatie. Daar is kennis voor nodig, maar die produceert het kennissysteem nog in onvoldoende mate.

Creativiteit

De onderzoeksinstellingen hebben voortdurend getracht grootschalige en algemene oplossingen te vinden voor problemen in de landbouw, signaleren de workshops. De grootschalige verwerking van mest bijvoorbeeld of de zoektocht naar het vierde gewas om de Nederlandse akkerbouw van nieuwe inkomsten en een ruimer bouwplan te voorzien. Er moet een omslag worden gemaakt naar een structuur en cultuur die erop gericht is de vele diverse groepen producenten te ondersteunen bij het oplossen van problemen. Creativiteit is hierbij het sleutelwoord, evenals ongebruikelijke allianties tussen partijen uit het kennissysteem", aldus de Peper-papers.

Volgens de Peper-workshops komt dit niet van de grond, omdat kennis een concurrentiefactor is geworden voor de onderzoeksinstellingen. Profilering ten opzichte van elkaar leidt tot ongewenste concurrentie en het ontbreken van coordinatie. Een vervaging van de missie treedt op, de instellingen komen op elkaars terrein. Onderzoeksafdelingen bij kennisinstellingen zijn trots op externe opdrachten. Dit richt de aandacht op de korte termijn."

Door de concurrentie wisselen de landbouwkundig onderzoekers weinig kennis meer uit. Dat is in strijd met de doelstelling om te komen tot dynamiek en vernieuwing. Innovatie komt tot stand door contacten met de omgeving, met de klant. Onderzoekers voor dit type onderzoek moeten worden weggehaald bij de waan van de dag, de markt."

Samenvoegen

De adviseurs van Peper stellen voor om LUW, DLO, DLV en proefbedrijven door te lichten op hun core competence en missie. Daarna moet Van Aartsen geldstromen zuiver leggen, zonodig zaken de deur uit doen en eventueel zaken samenvoegen." De grote vraag wordt hoe dat moet. Van oudsher heeft de LUW de rol om fundamentele kennis te produceren voor DLO, die de kennis toepast in produkten en technieken, waarna de proefbedrijven en landbouwvoorlichters de technieken uitventen bij de boeren. Dat beeld is de laatste jaren vertroebeld, omdat de LUW kennis toepast op de onderzoeksmarkt en de instituten steeds verder verwijderd raken van de praktijk", aldus de notulen van de Peper-workshops.

Kan de oude tweedeling tussen fundamenteel en toegepast soelaas bieden? Nee, stelt de Twentse wetenschapsfilosoof ir B.J.R. van der Meulen, die voor de NRLO-verkenning een achtergrondstudie schreef over de landbouwwetenschappen. In een op duurzaamheid gerichte landbouwwetenschap worden de bestaande grenzen tussen disciplines en tussen fundamenteel, strategisch en toegepast onderzoek doorbroken". Juist de wisselwerking leidt tot innovatie en nieuwe theoretische inzichten.

Van der Meulen noemt geen voorbeelden van die wisselwerking, maar de voor Wageningen meest aansprekende is ongetwijfeld de ontwikkeling van de biotechnologie. Een onderscheid tussen fundamenteel en toegepast onderzoek is sinds de introductie van molecular engineering moeilijk meer te maken en juist de samenwerking tussen moleculaire biologen en plantenveredelaars heeft tot nieuwe basiskennis en produkten geleid.

Verdrukking

De NRLO-studie ziet in de toekomst twee rollen voor de LUW: het vermeerderen van wetenschappelijke kennis en het ontwikkelen van ontwerpen. Bij zo'n ontwerp gaat het niet om het ontdekken van de waarheid, maar het creeren van functionaliteit". Populair gezegd: doet ie het of doet ie 't niet?

De deelnemers aan de Peper-workshops vinden dat de universiteit in beide functies tekort schiet. Door de drang de markt op te gaan, dreigt het fundamentele onderzoek in de verdrukking te komen. Er is zorg of er voldoende fundamentele kennisontwikkeling is om de problemen van de volgende generatie op te lossen."

Andere deelnemers vragen echter om de toepassing van bestaande disciplinaire kennis op complexe vraagstukken uit de landbouw. Probeer traditionele grenzen te doorbreken, de traditionele ordening van disciplines te verlaten." Het doel is dan niet het genereren van diepgaande kennis, maar het integreren van kennis op een nieuwe manier.

Ook in dit geval worden geen voorbeelden genoemd, maar in de Wageningse context valt te denken aan het gemis aan studies naar plattelandsontwikkeling. Veel LUW-disciplines bestuderen delen van die ontwikkeling - zoals sociologen, bedrijfseconomen, natuurbeheerders, marktkundigen, recreatie-wetenschappers en planologen - maar ze werken niet samen in een instituut en hebben hun onderzoeksparadigma's niet afgestemd. Zo kan versnipperde kennis rond een complex probleem ontstaan.

Definitie

Bij de verbetering van het landbouwkennissysteem moet dan ook geen kunstmatige scheiding worden gemaakt tussen het fundamenteel, strategisch en toepassingsgerichte onderzoek, meent prof. dr ir R. Rabbinge, hoogleraar Theoretische produktie ecologie en lid van de Wetenschappelijke raad voor het regeringsbeleid. Hij was een van de deelnemers van de Peper-workshops, net als LUW-rector prof. dr C. Karssen en zijn collega's prof. dr ir J.D. van der Ploeg en prof. dr C.M.J. van Woerkum. Volgens Rabbinge moet er een heldere definitie komen van de onderzoeksdoelen van elk van de instellingen.

Wat zo'n definitie praktisch betekent voor de LUW en DLO, licht Rabbinge niet toe. Ook de andere LUW-adviseurs van Van Aartsen hebben geen trek om hun concrete adviezen momenteel aan de grote klok te hangen; dat zou de beleidsontwikkeling maar verstoren. Na de drie workshops waaraan zij deelnamen, heeft Peper nog een integrale workshop gehouden, waarvan geen notulen beschikbaar zijn. Peper is nu aan het broeden wat hij de minister in mei gaat adviseren, meldt een woordvoerder van de burgemeester.

Geruchten willen dat Peper een fusie tussen LUW en DLO gaat voorstellen, zodat een bestuur een taakverdeling kan gaan maken tussen de Wageningse onderzoekers.

De invloed van Peper in deze fase van de advisering moet niet worden onderschat. Minister Van Aartsen en de Tweede Kamer vinden de inspanningen van LUW en DLO om gezamenlijk tot samenwerking in het kenniscentrum Wageningen te komen, te mager. LUW en DLO presenteerden rond de jaarwisseling een notitie met weinig voortgang, geen concrete vervolgstappen en geen einddoel. Als gevolg is de invloed van de besturen van LUW en DLO op de minister afgenomen.

Vaag

Ook de invloed van Van Aartsens ambtenaren is tanende. De directie Wetenschap en kennisontwikkeling (DWK), die het Kennisbeleidsplan van de minister schreef, kreeg in januari veel kritiek van de Tweede Kamer, omdat in dat plan de sturende rol van de minister erg vaag bleef. Ook gaf de directie geen oplossing voor de ongewenste concurrentie tussen de organisaties in het landbouwkennissysteem. De directie opereert momenteel voornamelijk als notulist en geeft achtergrondinformatie aan Peper.

Belangrijker adviseurs van Van Aartsen zijn Rabbinge, Van der Ploeg en prof. dr ir L.O. Fresco. De eerste twee hebben in de Peper-workshop mede de toon gezet; gedrieen adviseren ze de minister persoonlijk hoe hij dynamiek en vernieuwing moet creeren in het landbouwkundig onderzoek. In juni presenteert Van Aartsen de herziene versie van zijn Kennisbeleidsplan.

Re:ageer